Politie in EG gaat informatie drugs bundelen

DEN HAAG, 22 JUNI. Er komt een Europees politie-inlichtingenbureau op het gebied van drugs. De ministers van justitie en binnenlandse zaken van de twaalf EG-landen hebben vorige week tijdens het zogenoemde TREVI-beraad afgken dat deze Europese Drugs Informatiedienst over twee jaar actief moet zijn.

TREVI is de naam van het halfjaarlijkse overleg tussen de landen van de EG waarin zij spreken over interne veiligheidsaangelegenheden. In het vorig jaar vastgestelde 'actieprogramma' hebben de TREVI-landen besloten tot intensievere samenwerking van politiekorpsen en veiligheidsdiensten ter bestrg van terrorisme, drugshandel, georganiseerde misdaad en illegale immigratie.

De zogeheten European Drugs Intelligence Unit (EDIU), oorspronkelijk een Brits voorstel, moet op basis van informatie uit deelnemende landen misdaadanalyses maken aan de hand waarvan de internationale drugshandel beter kan worden bestreden. De agenten van het EDIU krijgen geen executieve bevoegdheden (zoals het verrichten van aanhoudingen), maar moeten louter optreden ter ondersteuning van de politiekorpsen in de lidstateP)Het plaatsvervangend hoofd van de directie politie van het ministerie van justitie, mr. J. Peek, zegt dat op het bureau vooral statistici zullen werken. “Zij zullen aan de hand van de informatie uit de verschillende landen in staat zijn patronen te ontdekken in de drugsmisdrijven en organisatiestructuren op te zetten”, aldus Peek. Als er ten slotte op basis van de informatie van het bureau ingegrepen wordt (wellicht op diverse plekken in tegelijk in Europa), zal dat gebeuren doors van nationale politekorpsen, al dan niet ondersteund door buitenlandse contactfunctionarissen.

Onderzocht wordt nog of het bureau zal worden ondergebracht in een van de lidstaten of bij de hoofdzetel van Interpol in Lyon. Interpol beschikt sinds enige tijd over een verbeterde communicatiestructuur met een geautomatiseerde systeem voor gegevensuitwisseling, het Automatic ge switching system (AMSS). Op korte termijn komt daar het Automatic Search facility system (ASF) bij. “Het heeft geen zin om dingen dubbel te gaan doen”, aldus Peek, “vandaar dat we naar Interpol kijken.”

Het hoofd van de hoofdafdeling internationale samenwerking van de centrale recherche inlichtingendienst (CRI), P.A.J. Broeders en privacy-functionaris mr. P.D.R. Tazelaar signaleren in het jongste nummer van het Algemeen politieblad problemen rond de bescherming van persoonsgegevens wanneer criminele informatie doorgegeven gaat worden aan Europese collega's.et op de persoonregistraties en de Wet op de politieregisters bepalen precies waarvoor beschikbaar gestelde informatie mag worden gebruikt. Zo mogen bepaalde gegevens wel voor opsporingsdoeleinden maar niet als bewijs in de rechtszaal worden gebruikt. Volgens de CRI-functionarissen gebeurt dat nu soms wel: “Verstrekte informatie dient soms als bewijs in strafrechtelijke procedures, terwijl daarvoor eigenlijk een rechtshulpverzoek moet worden aangevraagd.”