Amazone Anky van Grunsven heeft een oog voor pril en onbedorven talent; Twee heethoofden naar dressuurtop

AKEN, 22 JUNI. Twee jaar geleden zei zij nog: “Ik kan mijzelf geen fouten veroorloven. Ik moet nog steeds doorgaan met bewijzen dat ik terecht in het Nederlandam ben gekomen.” Dat bewijzen is er nu wel af. In korte tijd kan er veel veranderen. Zij is weliswaar nog steeds de jongste Nederlandse teamruiter dressuur maar inmiddels zit zij wel het stevigst in het zadel: Anky van Grunsven (23).

Jaarlijks dient het beroemde concours te Aken als belangrijkste krachtmeting voor het internationale kampioenschap van dat jaar, dit jaar de EK. Vandaag is de landenwedstrijd dressuur en Vansven heeft zich ontwikkeld tot de blikvanger van het Nederlandse team.

Veel dressuurruiters belanden enigszins in de anonimiteit in de periode dat hun succespaard oud en minder atletisch begint te worden en de africhting van een opvolger nog onvoldoende ver gevorderd is. Zo niet Van Grunsven. Haar vrolijke, lichtvoetige toppaard Prisco geniet van zijn pensioen, maar zijn minstens zo lichtvoetige stalgenoot Olympic Bonfire behaalt na nauwelijks een half jaartrijdsport in de hoogste regionen al puntentotalen van rond de magische 70 procent, een score waar Prisco in vier jaar niet aan toe is gekomen. De achtjarige Bonfire wordt nu reeds getipt als echte wereldtopper, ooit goed voor individuele medailles.

Hoe kom je aan zo'n zeer speciaal paard? Van Grunsven kan zich dat niet meer herinneren. “Ik weet alleen dat we Bonfire kochten toen hij tweeeneenhalf jaar was en dat ik helemaal voor hem viel.” Kennelijk heeft Van Grunsven een goed oog voor pril en onbedorven talwant bij Prisco verliep de aankoop op identieke wijze.

Prisco en Bonfire hebben trouwens meer met elkaar gemeen. Beide paarden zijn opgewonden standjes, heethoofden van de eerste orde. En dan te bedenken dat Van Grunsven zelf ook een temperamentvolle natuur heeft. Van Grunsven zegt dan ook altijd graag dat zij zich heeft leren beheersen dank zij de door haar paarden genoten opvoeding. Haar paarden gaven haar het duwtje in de rug om verder te komen. Van Grunsven: “Toen ik vier geleden startgerechtigd was in de zwaarste proef, de Grand Prix, was dat meer geluk dan wijsheid. Ik was zo groen als gras. Mijn rijkunst heeft zich vervolgens ontwikkeld door de vele internationale contacten op de wedstrijden en door het rijden van andere paarden naast mijn vertrouwde Prisco. Daardoor kreeg ik ineens in de gaten dat Prisco zijn ruiter eigenlijk helemaal stabiel, goed gevoel geeft. Eigenlijk is het een enorme wiebelkont. Als je tien passen draaft, voelen de eerste vijf totaal anders aan dan de volgende vijf. Door zelf gevoel te ontwikkelen voor een regelmatig ritme van de bewegingen van een paard, kon ik later dat ritme weer wat op Prisco overbrengen. Een bijkomend voordeel van de kruidjes-roer-me-niet die ik onder het zadel heb, is dat het elegant, stil en ontspannen rechtop te paard zitten een tweede natuur van mij is geworden. Puur levensbehoud.”

Inmiddels lijkt de gevestigde orde in de dressuurwereld te wankelen. Drie weken gn eindigde Olympisch, Europees en wereldkampioene dressuur Nicole Uphoff met Rembrandt tijdens het nationale kampioenschap van de toonaangevende dressuurnatie Duitsland op een roemloze vijfde plaats. Zij moest de eerste plaats ironisch genoeg overlaten aan de 21-jarige Isabelle Weerth. Weerth is een leerlinge van leermeester Schulten Baumer, waar Uphoff zelf bij trainde tot na haar Olympisch succes in 1988. Ook Sven Rothenberger kon zijn kampioenschap bij de heren niet behouden en verdween naa tweede plan. Van Grunsven denkt dat haar Olympic Bonfire over enige tijd eveneens in staat zal zijn Rembrandt van Uphoff te kloppen. Van Grunsven: “Beide paarden hebben een vergelijkbare uitstraling. Het voordeel van heethoofden is dat elke pas vanzelf gemaakt lijkt. Niets oogt moeizaam, zelfs de meest inspannende oefeningen zien er daarom vanzelfsprekend en natuurlijk uit. Wat Bonfire voor heeft op Rembrandt, is dat hij sterker is, meer atleet. En dat is toch essentieel voor een dressuurpaard.”