Verkoop van panden kost Ritzen geld

ROTTERDAM, 21 JUNI. De verkoop van gebouwen aan de universiteiten en hogescholen waartoe het kabinet onlangs heeft besloten, kost minister Ritzen (onderwijs) uiteindelijk meer geld dan het hem oplevert.

Van de eenmalige opbrengst bij de verkoop, geschat op twee miljard gulden, mag de minister een deel gebruiken om een gat in zijn begroting te dichten. In de jaren daarna moet hij in zijn begroting echter rekening houden met een jaarlijkse extra post van minimaal 180 miljoen gulden voor de 'rente en aflossing' die de unisiteiten en hogescholen moeten betalen aan de degenen bij wie ze het geld hebben geleend om het gebouw te kunnen kopen.

Dit blijkt uit het rapport dat een ambtelijke werkgroep voor de ministerraad heeft opgesteld over de huisvesting van het voortgezet en hoger onderwijs. Toch adviseert zij tot de verkoop over te gaan. Zij verwacht dat daardoor de instellingen efficienter met hun gebouwen zullen omgaan.

Bovendien past de operatie in het streven de instellingen ook iun financieel beleid meer autonomie te geven. Voorwaarde is wel dat de universiteiten en hogescholen een waarborgfonds vormen dat de risico's van onder andere 'mismanagement' voor zijn rekening neemt. De overheid mag op geen enkele wijze nog financieel aansprakelijk zijn, zo stelt de werkgroep.

De werkgroep verwacht dat op zijn vroegst in 1993 met de verkoop kan worden begonnen. Minister Ritzen wil echter de opbrengst gebruiken om al dit jaar en volgend jaar gaten in zijn begroting te dichten. Voor 2 bedraagt het tekort ongeveer 1,3 miljard.

In haar rapport voorziet de werkgroep ook mogelijkheden de gebouwen in het middelbaar beroepsonderwijs en in het voortgezet onderwijs aan de scholen te verkopen.