Justitie: Duitse drugstoeristen in eigen land vervolgd

DEN HAAG, 21 JUNI. De vervolging van Duitse druggebruikers zal consequent worden overgedragen aan de Duitse autoriteiten, ook in zaken die nu worden geseponeerd. Minister Hirsch Ballin (justitie) heeft zich akkoord verklaard met deze aanbeveling van de werkgroep Drugstoerisme van het OM.

Voorwaarde voor het strikte beleid is, dat opgetreden wordt in het het kader van een integrale bestuurlijke en strafrechtelijke aanpak van drugsoverlast. Ook Nederlandse drugsgebruikers zullen binnen dat kader worden vervolgd, zelfs als het gaat om het bezit van kleine hoeveelheden softdrugs. Tot nu toe wordt het bezit van eringe hoeveelheid drugs (minder dan een halve gram hard drugs of minder dan dertig gram soft drugs) gedoogd. Maar om de overlast die met name Duitse verslaafden in grenssteden als Arnhem, Heerlen en Venlo veroorzaken tegen te gaan, is de minister van plan dit beleid te veranderen.

Het Nederlandse drugsbeleid gaat uit van een onderscheid tussen zware verdovende middelen (herone en cocane) en lichtere middelen (hasj en marihuana) en tussen handelaars en gebruikers. In het algemeen wordt gebruik toegestaan en bij vervolging vooral de nadruk op de groothandelaren. Op dit beleid bestaat veel kritiek in het buitenland.

Nederland heeft in het kader van het grensverdrag van Schengen afgesproken de export van verdovende middelen tegen te gaan.

De werkgroep Drugstoerisme stelt dat het specifieke Nederlandse drugsvervolgingbeleid in stand moet blijven. Maar als er volgens de werkgroep wordt opgetreden tegen overlast die verslaafden veroorzaken valt het onderscheid tussen soft- en harddrweg en dienen ook gebruikers van de lichtere middelen te worden vervolgd. De voorstellen van de werkgroep zullen begin juli worden voorgelegd aan de vergadering van de procureurs-generaal bij de gerechtshoven.