Rotterdamse jeugd in de rij voor voorlezende schrijvers

ROTTERDAM, 20 JUNI. Een klein meisje met rode laarsjes en een beschilderd gezicht danst op de muziek van de band 'Alles kids'. Regen en modder lijken haar niet te deren, ze zingt vrolijk mee: “Lees een boek, want als je leest zie je veel meer van deze wereld dan die saaie muren om je heen.”

Met veel muziek, kinderboekenschrijvers en televisiesterren is gistermiddag het Rotterdamse project voor leesbevordering en boekpromotie 'Niet storen, ik lees' feestelijk afgesloten op het terrein van Teatro Fantastico. Ondanks het beroerde weer kwamen kinderen en ouders in groten getale opdagen. Het was zelfs zo druk dat veel kinderen de tent waar hun favoriet optrad niet in konden.

Er waren optredens van Wieteke van Dort en van Gerda Havertong en Hakim uit Sesamstraat. Vooral mimespeler Hakim is populair, bij de tent waarin hij speelt staat een lange rij kinderen te wachten. De voorlezende kinderboekenschrijvers trekken ook veel publiek, hoewel sommige kinderen hun neus ervoor ophalen. “Voorlezen kan thuis ook wel”, zegt een jongetje dat rondloopt met een limonadeglas met een goudvis erin. Van de goochelaar gekregen. “Ik heb er lekker twee”, pocht een vriendje. Thuis zal hij ze in de bak bij de andere vissen stoppen.

Het leesproject, opgezet door een aantal culturele instellingen, is in oktober gestart. Doel is kinderen tot 10 jaar en hun ouders te stimuleren tot lezen en voorlezen. Onderdelen van het project waren een kinderboekenprogramma op de stads-tv, een leeskrant en twee door de stad reizende Boekencontainers, waar onder andere werd voorgelezen.

In het programma van de stads-tv speelde Lowie de Leesworm de hoofdrol. Hij werd buitengewoon populair. Een medewerkster van de bibliotheek vertelt dat ze regelmatig wordt gebeld door kinderen die vragen of ze Lowie kunnen spreken, want “die woont toch in de bibliotheek”.

Het dochterje van Jules Deelder houdt veel van boeken. 'Alice in Wonderland' en 'Grote beer en kleine beer' zijn favoriet. Van sprookjes moet ze niets hebben, ze gaat er van huilen, vooral om het lelijke eendje. Gedichten vindt ze wel mooi. Als het maar rijmt, zegt haar moeder.

Op een kinderfeest is er altijd wel een die huilt. Bij de tramhalte drijft een meisje haar moeder tot wanhoop: ze heeft wel een 'Niet storen, ik lees'-zonneklep, maar geen ballon.