Medellin-kartel doet modern zaken in drugs

Het Medellin-kartel is de meest bekende organisatie van Colombiaanse cocane-producenten en smokkelaars. De naam - ontleend aan de Colombiaanse miljoenenstad die het centrum vormt van zijn activiteiten - kwam halverwege de jaren tachtig in zwang bij Amerikaanse en Latijns-Amerikaanse drugsbestrijders. De handelaars zelf gebruiken de naam nauwelijks en houden vol dat het kartel slechts bestaatin de geest van de Amerikaanse Drugs Enforcement Agency (DEA).

Het kartel dat thans meer dan de helft van de Colombiaanse cocane-export beheerst - schattingen lopen uiteen van 800 tot 1.700 ton per jaar - ontstond aan het eind van de jaren zeventig als een losse organisatie van handelaars die de produktie en distributie van marihuana inwisselden voor de lucratievere cocane.

Door het Medellin-kartel verloor de drugssmokkel halverwege de jaren tachtig zijn amateuristische karakter. Handelaars vervoerden hun waar in grote hoeveelheden, niet zelden per container op een gewoon vrachtschip en via onderlinge contracten verzekerd tegen verlies. Zij begonnen modern zaken te doen per fax en draagbare telefoon en zij telebankierden met de Bahama's. De kleine laboratoria in het oerwoud waar de cocane-pasta werd opgewerkt tot cocane groeiden langzamerhand uit tot fabrieken, met een geavanceerd laboratorium waar de warenwetnormen van het witte poeder streng gecontroleerd konden worden. Grondstoffen als aceton en ether konden per tankauto aangevoerd worden.

Uit de inkomsten die in de miljarden lopen werden privelegers gefinancierd en een luxueus bestaan, maar tevens investeerden de producenten een deel in het algemeen belang - wegenbouw, ondernemingen, straatverlichting, voetbalclubs en -stadions - en daarmee in hun eigen belang, omdat zo een belangrijk deel van de lokale economie van de drugsinkomsten afhankelijk werd.

In 1989 reageerde het Medellin-kartel met een oorlogsverklaring op een ongebruikelijk hard offensief van de Colombiaanse regering. Bij moordpartijen en bomaanslagen door het Medellinkartel kwamen honderden mensen om het leven, onder wie politici, rechters, journalisten en, zo wordt aangenomen, ook de 107 inzittenden van een verkeersvliegtuig.

Er zijn aanwijzingen dat het kartel de laatste jaren zijn activiteiten langzaam verlegde naar naburige landen zoals Brazilie en Peru. Naast het Medellin-kartel zijn in Colombia ook andere organisaties actief, zoals het Cali-kartel. Functionarissen van de DEA en andere drugsexperts schrijven deze kartels een toenemende invloed toe.