Bijenkoningin wordt voortaan kunstmatig bevrucht

Deze week wordt op het Groenhorst College in Ede voor het eerst een cursus bijen insemineren ven, bestemd voor Nederlandse imkers. In Duitsland is met deze methode inmiddels veel ervaring opgedaan, in ons land is hij nieuw. Jonge bijenkoninginnen gaan een week na hun geboorte op bruidsvlucht, dat wil zeggen, ze vliegen uit en paren in de lucht met misschien wel tien verschillende darren van onbekende herkomst.

Voor de imker is het dan ook maar afwachten welke erfelijke eigenschappen zij overdragen op het nageslacht. En dat, terwijl hij juist volkeren in stand wil houden met allerlei prettigenschappen: zachtaardig bijen, die veel honing halen en nauwelijks geneigd zijn te gaan zwermen. Om een ras met die eigenschappen na te telen moet de koningin weer 'raszuiver' bevrucht worden. Daarvoor richten imkers gesoleerde stations in, waar alleen de juiste darrenvolken staan.

''Maar 100 procent zekerheid wordt pas geboden als de koninginnen kunstmatig gensemineerd zijn'', zegt bijendeskundige G. Luttikhuis.

''Hoe klein de diertjes ook zijn, het is mogelijk en worinternationaal op vrij grote schaal toegepast.''

De bijen zelf beleven er geen plezier aan. Ze worden in een speciaal apparaat gestopt en onder volledige narcose gebracht. Van geslachtsrijpe darren wordt sperma afgenomen en dat wordt met behulp van een fijne spuit en stereomicroscoop in de eileider van de koningin gebracht.

Aanschaf van deze apparatuur is echter voor een gewone imker veel te kostbaar. Bijenhouderij is meestal eerder een liefhebberij dan een lonende bezigheid. Bovendien is het priegelwerk.

e Bedrijfsraad voor de Bijenhouderij heeft daarom een nationaal selectieprogramma ontwikkeld, waarvoor tien inseminatoren nodig zijn.

Zij leren nu in Ede de kneepjes van het vak.