Toestand N-Soedan lijkt wat beter

DEN HAAG, 19 JUNI. Gemeten naar de sombere verwachtingen van eind vorig jaar is de voedselsituatie in delen van Noord-Soedan enigszins verbeterd nu de internationale hulpoperatie daadwerkelijk op gang is gekomen. In Zuid-Soedan echter, waar de doorgaande burgeroorlog de droogteproblemen nog verergeren, blijft de toestand dramatisch slecht. Dat blijkt uit gesprekken met diverse internationale hulporganisaties. Zij onderstrepen echter dat de toealige prognose van ten minste 7 miljoen door honger bedreigde Soedanezen zeker terecht was.

In augustus is pas met zekerheid te zeggen of Noord-Soedan de dreigende hongersnood zal ontsnappen, waarschuwen hulpfunctionarissen.

Maar “waar we begin dit jaar optimistischer waren over de voedselsituatie in Ethiopie dan in Soedan, is het nu omgekeerd”, zegt een woordvoerder van Save the Children in Londen.

Als het inderdaad in het noorden goed afloopt, zal het niet aan de regering in Khartoum hebben gelegen. De door moslim-fundamentalisten gedomineerde junta, die in de zomer van 1989 de macht greep, wordt door de meeste hulporganisaties van regelrechte tegenwerking beschuldigd. Enkele hulporganisaties, met name Save the Children, zien wel verbetering, hoewel andere blijven klagen. De houding van plaatselijke autoriteiten maakt daarbij veel verschil uit.

Dat de toestand in met name Kordofan en Darfur niettemin lijkt te zijn geconsolideeof zelfs verbeterd wordt door hulporganisaties die er werken onder andere toegeschreven aan de goede voorbereidingen.

Daardoor werden geen kostbare maanden verspild aan de organisatie van het transport en de inkoop van voedsel, toen de hulpoperatie in februari uiteindelijk op gang kwam. Hulpwerkers spreken ook van de “ongelooflijke vitaliteit” van boeren die ondanks de droogte toch een oogst op het veld krijgen en van de bevolking in het algemeen “die in leven weet te blijven op een dieet waarop anderen sterven”.

Dat het beter lijkt te gaan in delen van Soedan, wil overigens niet zeggen dat het daar goed gaat. “Mensen sterven nog steeds in onaanvaardbare aantallen”, aldus Save the Children. De Stichting Oecumenische Hulp wijst voorts op de zeer slechte situatie van de circa 2 miljoen vluchtelingen uit het zuiden die rondom Khartoum bivakkeren. De autoriteiten proberen hen tegen hun zin terug te drijven.

Bovendien waarschuwen hulporganisaties dat de donorlanden nog onvoldoende voedselhulp hebbeoegezegd. Een lichtpunt is echter dat de regens die bepalen of het land volgend jaar al dan niet een nieuwe ramp te wachten staat, vroeg zijn begonnen en overvloedig zijn.