D66 wil opheldering over meldingsplicht bij euthanasiegevallen

DEN HAAG, 19 JUNI. Bij de procedure voor melding van euthanasie of hulp bij zelfdoding moet volgens de Tweede-Kamerfractie van D66 geen onderscheid worden gemaakt tussen psychisch lijden en lichamelijk lijden.

Tegen eerdere afspraken tussen openbaar ministerie, de artsenorganisatie KNMG en het staatstoezicht op de volksgezondheid in, doen de hoofdinspecteurs voor de volksgezondheid en de geestelijke volksgezondheid dat wel.

Het Kamerlid Kohnstamm (D66) eist in schriftke vragen aan staatssecretaris Simons (volksgezondheid) en minister Hirsch Ballin (justitie) opheldering over de brief die de hoofdinspecties onlangs aan alle artsen hebben gestuurd.

Een half jaar geleden kwamen de KNMG, het staatstoezicht en Justitie overeen dat artsen onder bepaalde omstandigheden bij euthanasie niet strafrechtelijk zullen worden vervolgd. Daarbij werd geen onderscheid gemaakt tussen psychisch en lichamelijk lijden. Alle artsen we begin dit jaar van de afspraken op de hoogte gesteld.

In april schreef de hoofdinspectie aan alle artsen dat de gedachte heeft postgevat dat “hulp bij zelfdoding door een arts in deze procedure ook betrekking heeft op dergelijke hulp aan psychiatrische patienten of geestelijk gehandicapten”. De meldingsplicht heeft volgens de inspecteurs echter “alleen betrekking op patienten die lijden aan een ernstig somatische ziekte”,rmee de twee “een misverstand uit de weg willen ruimen”.

“Een arts moet altijd aan bepaalde zorgvuldigheidseisen voldoen”, zegt Kohnstamm. “Een verzoek daartoe moet altijd vrijwillig en weloverwogen worden gedaan. Er is een grote groep psychiatrische patienten en geestelijk gehandicapten bij wie niet aan die criteria kan worden voldaan, maar daarmee mag je niet de hele groep het recht op euthanasie ontzeggen.”

Th. van Berkestijn, secretaris-generaal van de KNMG, is van mening dat de inspectie “zo'n complex probleem niet in een paar regeltjes af kan doen'et name de zinsnede in de brief van de hoofdinspecteurs dat een geestelijke handicap of een psychische ziekte als zodanig voor een arts geen aanleiding kunnen zijn om euthanasie toe te passen of hulp bij zelfdoding te verlenen, wekt volgens hem ten onrechte de suggestie alsof dat een “onwrikbare waarheid” is. “Dit onderwerp is nog volop in discussie.” De KNMG komt begin volgend jaar met een rapport over euthanasie bij psychiatrische patienten en hulp bij zelfdoding.