Ministers beraden zich over rol van veelgeprezen CVSE

BERLIJN, 18 JUNI. Aan weinig internationale organisaties zijn de laatste maanden zoveel lovende woorden gewijd als aan de Conferentie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (CVSE), maar welke rol moet de CVSE nu precies spelen in het veranderende Europa? Daarover vergaderen ministers van buitenlandse zaken uit Europa, Amerika en Canada de komentwee dagen in Berlijn.

In de verklaring die werd uitgegeven door de ministers van buitenlandse zaken van de NAVO-landen na afloop van hun bijeenkomst op 6 en 7 juni in Kopenhagen heette het: “Het CVSE-proces - en zijn instellingen die vorig jaar november in Parijs in het leven werden geroepen - speelt een centrale rol bij de uitbreiding van een netwerk van samenwerkingsrelaties over Europa. Het verschaft een raamwerk waarbinnen we actief, zowel als individuele bondgenot, als door instellingen als de Europese Gemeenschap en de Raad van Europa, zullen streven naar de ontwikkeling van nauwere relaties met de staten van Centraal- en Oost-Europa”.

De verklaring ademt dezelfde toon als de toespraak die de Amerikaanse president, Bush, hield bij de ondertekening in november vorig jaar van het CVSE-handvest van Parijs. Bush zei toen: “De verklaring die we tekenen legt een agenda vast die ons werk zal bepalen totdat we opnieuw bijee)komen in Helsinki. Dat betekent belangrijk werk aan onderwerpen die voor ons allemaal van essentieel belang zijn. De vreedzame beslechting van geschillen, de rol van minderheden in onze samenlevingen, de constructie van democratische instellingen en, het belangrijkste van alles, de versterking van de mensenrechten”.

Het was tijdens die CVSE-top in Parijs dat voorzichtig een begin werd gemaakt met de vorming van een CVSE-structuur. Zo werd besloten tot de oprichting van een secretariaat, dat inmiddels in Praag is gevestigd, een Bureau voor Vrije Verkiezingen dat in Warschau zetelt en dat Centraal- en Oosteuropese landen kan bijstaan bij het houden van echt democratische verkiezingen, plus een Centrum voor Conflictpreventie (CPC) waarvoor Wenen is uitgekozen.

Onderdeel van de in Parijs gemaakte afspraken is ook dat regelmatig politiek overleg wordt gehouden tussen alle Europese ministers van buitenlandse zaken plus die van de Verenigde Staten en Canada. De bewindslieden zouden ten minste een keer per jaar bijeenkomen en de bijeenkomst die de komende twee dagen in Berlijn wordt gehouden is de eerste in dit kader.

De bijeenkomst in Berlijn zal het karakter van paneuropees werkoverleg hebben. Behalve bij de opening en de sluiting van de bijeenkomst zullen er geen hooggestemde toespraken worden gehouden, maar de ministers zullen achter gesloten deuren discussieren over de actuele situatie in Europa en over de manwaarop de CVSE daarop als organisatie kan inspelen.

Juist op dat laatste punt bestaan grote verschillen van mening tussen Oost en West. De Sovjet-Unie zou graag zien dat de CVSE zou uitgroeien tot een grote, alles omvattende organisatie voor geheel Europa, waarin een veiligheidsorganisatie als de NAVO op den duur geheel zou moeten opgaan. Het Westen houdt daarentegen vast aan het begrip 'complementariteit'. NAVO, EG en CVSE moeten aan elkaar grenzende organisaties zijn die elkaar aanvullen belangrijkste functie van de CVSE is, naar het oordeel van de meeste Westerse landen, gelegen in het bieden van houvast aan de nieuwe democratieen in Centraal- en Oost-Europa. Deze landen hebben sinds het wegvallen van het Warschaupact geen veiligheidsorganisatie meer die hun bescherming biedt. Toetreding van deze landen tot de NAVO is onmogelijk en onder deze omstandigheden is de CVSE de organisatie waar ze kunnen aankloppen. De tweede functan de CVSE dient te zijn, in de Westerse optiek, te voorkomen dat de Sovjet-Unie in Europa gemarginaliseerd wordt. Zou de Sovjet-Unie zich aan de kant gezet voelen in Europa, dan bestaat het gevaar van een nationalistische terugslag.

Voor het Westen is het echter ondenkbaar dat de CVSE zich op korte of middellange termijn zal ontwikkelen tot een collectieve veiligheidsorganisatie. Manfred Worner, secretaris-generaal van de NAVO, formuleerde de Westerse opstel aldus: “De nieuwe structuren van de CVSE kunnen weliswaar oude tegenstellingen overbruggen en leiden tot nieuwe gemeenschappelijke ideeen voor de versterking van vrede en samenwerking, maar in de CVSE geldt nog altijd het principe van de consensus en dat werkt in het geval van conflicten niet als elk van de 34 staten zijn vetorecht kan uitoefenen. (...) Bovendien ontbreken mogelijkheden om genomen besluiten uit te voeren. (...) Van een aflossing van de NAVO door de CVSE kan dan ook geen sprake zijn.”

Het valt dan te verwachten dat de landen van West-Europa en de Verenigde Staten zich zullen verzetten tegen pogingen van de Sovjet-Unie om de structuur van de CVSE verder te versterken.

Aan grote, nieuwe concepten en organen bestaat hier geen behoefte. Wel hoopt men enige aanzetten te geven tot een graduele versterking van het CVSE-proces. Zo zou de mogelijkheid moeten worden geschapen om beperkte CVSE-missies te sturen naar landen die een conflict hebben, zonder dat er over zo'n missie volledige unanimitzou hoeven te bestaan.

Nederland en Belgie zijn daar voorstander van, deze twee landen zouden er ook voor voelen om het Centrum voor Conflictpreventie in Wenen een ruimere taak te geven bij de toekomst van de wapenbeheersing in Europa. Verder leeft de gedachte om bilaterale verdragen tussen lidstaten voorwerp van discussie binnen de CVSE te maken wanneer in zulke verdragen afspraken worden gemaakt op het terrein van de veiligheid. Dat zou erkenning betekenen van het feit dat veiligheid inderdaad een collectief begrip is geworden in Europa.

De eerste testcase voor de functionering van de CVSE lijkt zich inmiddels aan te dienen. Op 26 juni zullen Kroatie en Slovenie zich gezamenlijk afsplitsen van de rest van Joegoslavie. Men wacht in Berlijn met een zekere spanning af of de Russen het zullen opnemen voor de Serven en of de Serven op hun beurt een beroep op Moskou zullen doen bij hun pogingen de eenheid van Joegoslavie te bewaren. Van de e van de twaalf landen van de EG zal in Berlijn een beroep op Joegoslavie worden gedaan om de eenheid en democratie geen geweld aan te doen. Maar over mogelijkheden om deze oproep politiek kracht bij te zetten beschikt de CVSE voorlopig niet.