Kamerleden: veiligheid van dijken gaat boven natuurschoon

GELDERMALSEN, 18 JUNI. Onder een haag van zwarte rouwvanen trokken de leden van de vaste Kamercommissie voor verkeer en waterstaat gisteren naar de bus die hen langen aantal dijkverbeteringswerken in Gelderland voerde. De vaandeldragers hadden pleisters op hun mond: zij vinden dat zij monddood worden gemaakt en dat hun bezwaren tegen de rigoreuze wijze waarop Rijkswaterstaat het rivierenlandschap aanpakt niet worden gehoord.

De gids van de commissieleden, het hoofd technische dienst van het waterschap van de Tieler enlemborger Waarden, bagatelliseerde de protesten: “De meeste mensen hier ervaren de dijkverbetering als positief. Sommigen steken zelfs de vlag uit als het werk gedaan is. En ach, als je met de gewone mensen achter de dijk, in hun keuken gaat praten, dan blijkt dat de achterban van die belangenverenigingen echt zo groot niet is.”

Hij had zich de moeite kunnen besparen en zelfs niet dreigend hoeven vertellen dat “als de dijken het niet houden het gebied tussen Gorinchem en Tiel vier tot vijf meter onder water komt te staan”. De meeste commissieledenen namelijk zowel voor als na het bezoek aan het Gelderse rivierengebied van mening dat de noodzaak van dijkverhoging en -verzwaring buiten kijf staat. De VVD'er J. Blaauw, voorzitter van de commissie, drukte het na afloop zo uit: “Inspraak is mooi, maar de natuur trekt zich niets aan van inspraak. Veiligheid staat voorop.” In de Kamer zal zeker niemand om opschorting van de dijkverbeteringen in het rivierengebied vragen.

Hooguit, zo werd duidelijk, zal er druk op de minis)ter worden uitgeoefend om meer naar landschappelijke waarden en eventuele alternatieven te kijken.

De Kamerleden waren gekomen op verzoek van de provincie Gelderland. Gedachte daarbij was onder meer, volgens Gelders gedeputeerde J. van Dijkhuizen, de Kamer te laten zien dat er wel degelijk zorgvuldig met de plannen voor dijkverzwaring wordt omgesprongen. “Men doet wel eens de indruk ontstaan dat de uitvoering een rotzooitje is. Als je dan gaat kijken blijkt het allemaal heel acceptabel tjn”, vindt Van Dijkhuizen.

In Gelderland, 's lands grootste provincie met de meeste kilometers aan waterwegen, moet nog zo'n 400 kilometer dijk worden verhoogd en-of verzwaard. De verzwaringen moeten worden uitgevoerd langs de Waal, de IJssel, de Rijn en de Maas.

Volgens de huidige planning moet die klus uiterlijk in 2004 zijn geklaard. Alle dijken zullen dan op een hoogte zijn gebracht die volgens de rekenmeesters van Rijkswaterstaat een overstromingskans van 1 maal in de 1250 jaar ft.

De actievoerders vinden die norm onrealistisch hoog. De dijkverbetering geschiedt volgens hen bovendien zonder voldoende inspraak van de bevolking, historisch landschappelijk schoon wordt onherstelbaar aangetast en honderden, soms monumentale dijkhuisjes moeten wijken. Zij hebben hun hoop gevestigd op een rapport van amateur-historicus ir. J.C.A.M. Bervaes. Die stelt dat niet de hoge waterstand, maar de natuurlijke vorming van ijsdammen de oorzaak is geweest van alle overstromingen in het verleden.

Verhoging van dijken zou daarom zinloos zijn. Het D66-Kamerlid Eisma, gisteren ook in het rivierengebied, is met Bervaes' bevindingen naar Rijkswaterstaat gestapt. Omdat er nog steeds overleg over het rapport wordt gevoerd, denkt Eisma dat er nog een kans is dat op grond van Bervaes'

bevindingen (sommige) dijkverhogingen achterwege kunnen blijven. Hij lijkt, met enkele collega's van Groen Links, een roepende in de woestijn, want andere Krleden lieten weten zelfs wanneer Bervaes gelijk heeft geen reden te zien de dijkverbetering een halt toe te roepen. “Gewoon doorgaan”, klonk het uit de mond van Kamerlid Blaauw, even nadat hij had laten weten “lang niet alle zogenaamde monumenten langs de dijk monumentaal te vinden”.

Een woordvoerder van het Waterschap Groot Maas en Waal gaf aan daar net zo over te denken: “We moeten omhoog, we moeten breder”, zei hij bijna pathetisch. “Je kunt niet iedereen tevreden stellen. Er is altieen spanningsveld, er moeten nu eenmaal keuzes gemaakt worden.” Actievoerder R. Siebers, niet uitgenodigd maar met zelfgemaakte badge “binnengedrongen” in het gezelschap, liet wat vermoeid horen inderdaad weinig hoop meer te hebben op een goede afloop. “Het is allemaal indoctrinatie”, klaagde hij. “Die jongens van Rijkswaterstaat zijn niet voor rede vatbaar. Maar ja, je vecht door, want alles wat we nog kunnen redden is meegenomen.”