VS stellen China's wapenleveranties aan de orde

PING, 17 JUNI. China heeft de Verenigde Staten opnieuw verzekerd een positieve, voorzichtige en verantwoordelijke houding aan te nemen in de verspreiding van wapens, met name in het Midden-Oosten. De Chinese minister van buitenlandse zaken Qian Qichen en onderminister Liu Huaqiu hebben desbetreffende uitspraken gedaan tegenover de Amerikaanse onderminister van buitenlandse zaken belast met internationale veiligheid, Reginald Bartholomew. Deis gisteren in China aangekomen voor, zoals hij zelf zei, drie dagen van “allesomvattende, diepgaande consultaties inzake wapenbeheersing en non-proliferatie van wapens op basis van gelijkheid en wederzijds respect”.

Chinese concessies op onder andere dit gebied zijn een voorwaarde om het besluit van president Bush om China's status als 'meestbegunstigde natie' in het handelsverkeer te verlengen, door het Congres te krijgen. Het Congres is vastbesloten om het presidentiele besluit aan skte voorwaarden op het gebied van de mensenrechten, wapenbeheersing en handelsmethodes te binden of het anders te vernietigen. Minister Qian bevestigde dat president Yang Shangkun in een brief aan Bush de uitnodiging heeft aanvaard om de door Amerika voorgestelde conferentie van de vijf permanente leden van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties over wapenbeheersing in het Midden-Oosten in juli bij te wonen. Qian zei echter dat voor het Midden-Oosten een allesomvattend en evenwichtig principe nodig' is, dat wil zeggen evenredige vermindering van de wapenverkopen door alle leveranciers. China heeft steeds het standpunt ingenomen dat het een mindere boosdoener is dan de Westerse landen en de Sovjet-Unie omdat het kleinere hoeveelheden en minder geavanceerd wapentuig verkoopt dan die landen. De vandaag verschenen editie van het weekblad Beijing Review zegt in een commentaar dat wapenbeheersing in het Midden-Oosten een moeilijk karwei is omdat Wesse landen in toenemende mate afhankelijk zijn van wapenexporten om hun onderzoek en ontwikkeling van nieuwe wapensystemen te financieren. Het blad zegt dat de VS voornemens zijn om voor 18 miljard dollar wapens aan zes landen in het Midden-Oosten te verkopen. De Beijing Review citeert verder een Franse bewindsman volgens wie de Franse wapenindustrie niet kan overleven tenzij Frankrijk grote hoeveelheden wapens exporteert. Het artikel voert president Gorbatsjovs adviseur geni Primakov op, die zegt dat zolang de Westerse mogenheden doorgaan wapens te exporteren de Sovjet-Unie niet kan achterblijven. Het commentaar zwijgt echter geheel over China's eigen rol, hoewel Chinese bewindslieden, met name de president, bij verschillende gelegenheden hebben gezegd dat China wapens moet exporteren om zijn militaire modernisering te financieren. Daartoe hebben Chinese staatsfirma's zoals Norinco en Polytechnologies gedurende de Iraans-Iraakse oorlog grote hoeveeden wapens aan beide oorlogvoerende partijen geleverd. De verdenking bestaat tevens dat China na de Iraakse invasie van Koeweit nog is doorgegaan met wapenleveranties aan Irak, maar bewijzen ontbreken. De jongste verdenkingen zijn dat China op het punt staat M-9 raketten (met een bereik van 600 km) aan Syrie en M-11's (300 km) aan Pakistan te leveren, maar de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken James Baker zei vorige week dat daarvan evenmin bewijzen zijn. Bakerwaarschuwde echter dat als die bewijzen zouden worden geleverd, het ingrijpende gevolgen voor de Chinees-Amerikaanse betrekkingen zou hebben. Het probleem is dat Syrie en Pakistan de ontwikkeling van deze twee raketsystemen grotendeels hebben gefinancierd. China's hulp aan Pakistan om een kernwapenindustrie op te bouwen is al lang een bron van wrijving tussen Washington en Peking. De wellicht op handen zijnde levering van de M-11, geschikt voor kernkopp zou de spanning verder opvoeren. Eind april onthulde China zelf dat het al jaren Algerije heeft geholpen nucleaire faciliteiten “voor vreedzame doeleinden” te bouwen. Het Internationaal Atoom Energie Agentschap (IAEA) heeft inmiddels een inspectie uitgevoerd en de VS schijnen deze verzekering aanvaard te hebben. Westerse diplomaten in Peking beseffen dat China's cooperatieve houding op de komende conferentie en op wapenproliferatiegebied in het algemeen bepaald zal worden door het principe van quid pro quo.Naarmate de VS en andere Westerse landen de restanten van de sanctie-politiek van de laatste jaren opheffen, zal China naar alle waarschijnlijkheid toeschietelijker worden, maar het zal nooit zijn groeiend aandeel in de winstgevende wereldwijde wapenhandel opgeven. Een diplomaat meende dat het Chinese ministerie van buitenlandse zaken in het belang van de algehele relaties wel gevoelig is voor Amerikaanse druk, maar dat militaire kringen niet erg ontvankelijk zijn. De toonaangevende wapenfirma's worden geleid door de kinderen van de bejaarde topleiders en die zijn zeer allergisch voor wat zij zien als Amerikaanse arrogantie tegenover het Chinese internationale beleid.