Onverzoenlijke PSV'ers vallen elkaar in de armen; Eigenzinnige vedette Romario: “Iedere linie van elftal heeft versterking nodig”

EINDHOVEN, 17 JUNI. Het was in de kleedkamer van PSV tussen met champagne spuitende spelers, bestuursleden die taart uitdeelden, de niet aflatende stoet van sponsors en bedrijfs-vips - onder wie de gepensioneerde Frits Philips - die de spelers kwamen feliciteren, lastig om de ware gedachten te ontrafelen van de hoofdrolspelers van het voetbalszoen 1990-1991, dat voor PSV de vorm heeft aangenomen van een soort soap-opera. Maar dat verhinderde een aantal betrokkenen, dat eerder dit seizoen nog lijnrecht en onverzoenlijk tegenover elkaar stond, niet om elkaar na het behalen van het landskampioenschap, het vijfde binnen zes jaar en het twaalde in de historie van de club, in de armen te vallen.

Vooral voor trainer Bobby Robson moet het een wat surrealistische ervaring zijn geweest door iedereen op de scuders te worden geslagen met het behaalde succes. Terwijl het de Engelsman, every inch a gentleman, toch moeilijk ontgaan kan zijn dat de twijfels omtrent zijn competentie en aanpak ook binnen de club bij zowel spelers als management steeds ernstiger vormen begon aan te nemen. Zelfs een dag voor de slotwedstrijd voor de competitie tegen Volendam leidde dat nog tot een incident en moest Robson in de plaatselijke krant lezen dat zijn assistent Hans Dorjee na de afstraffing van het Eihovense elftal in Groningen de afgelopen week de trainingen van PSV had geleid. “Zulke onjuiste publikaties zouden misschien nog verklaarbaar zijn geweest in landelijke kranten die in Amsterdam - het bolwerk van Ajax - worden uitgegeven, maar niet hier”, constateerde Robson oprecht verbaasd. Vijfennegentig interlandwedstrijden met het Engelse nationale elftal, waarmee Robson op het afgelopen WK in Italie de halve finale bereikte, is de trainer door een gedeelte van de Engelse (schandaal)pers genadeloos neergesabeld. Voor zijn verdiensten voor de FA is hij inmiddels door de Engelse regering geridderd. Maar zelfs die onderscheiding valt voor hem in het niet bij het feit dat de Engelse coach gisteren, na Ipswich Town (waarmee hij de UEFA Cup won) en het Engelse elftal, zijn eerste landstitel won. In die euforie-stemming paste geen angst voor zijn toekomst. Robson: “Ik wil mijn contract dat tot medio 1992 loopt graag afmaken. Geruchten en verhalen b je overal. Zeker op dit niveau. Want PSV is een Europese topclub. Ik heb aan de situatie moeten wennen hier. Dat is logisch zo'n eerste jaar. De praktijk wijst bijna altijd uit dat het tweede seizoen beter verloopt. Dat verwacht ik nu ook.

De oorzaak dat het niet helemaal gelopen is zoals iedereen verwachtte? We hebben bijna geen wedstrijd met dezelfde samenstelling van het elftal kunnen spelen. Dat is funest op den duur.” Het vertrek van Robsn bij PSV heeft op dit moment dan ook geen hoge prioriteit. Zijn positie, die onder druk stond door de uitschakeling in de eerste ronde van de Europa Cup tegen Montpellier en de tegenvallende resultaten in de competitie, lijkt door het op de valreep behaalde ultieme succes van de landstitel weer enigszins verstevigd. Anderzijds is het de vraag of het verstandig is van PSV door te gaan met een coach die in de publiciteit zo beschadigd is als Robson d jaar. De trainer houdt zich zelf verre van alle intriges maar weet dat er achter zijn rug om gepraat is met derden en krijgt voor het volgend seizoen een assistent naast zich (oud-voetballer Frank Arnesen) waarin hij zelf vooraf niet eens gekend is. Maar een afkoopsom voor Robson kost PSV een vermogen. Zeker tegen de achtergrond van het feit dat manager Ploegsma met kunst en vliegwerk het gemis aan extra Europa-Cupinkomsten voor PSV heeft moeten compenseren met lucratieve trips naar Israel, Turkije en India. Dat heeft het exploitatietekort terugebracht tot slechts enkele tonnen. Dat deze uitstapjes meer moesten worden benut om de interne problemen uit te praten dan om met goed voetbal pr te bedrijven voor Philips en PSV is echter een ander verhaal. Centraal in de onvrede stond Romario. Ook Robson vond hem aanvankelijk maar een eigenaardige snijboon aan wie hij zich ergerde, maar gewend aan het werken met vedetten in het Engelse nationale elftal, laat hij Romario tegenwoordig wel in zijn waarde. obson: “Romario beslist in z'n eentje wedstrijden voor het elftal. Zulke spelers zijn altijd moeilijk. Zeker als ze zoals Romario ook nog eens over een totaal andere instelling en mentaliteit beschikken als de rest van je spelers.”

Op een gegeven moment stond manager Ploegsma vrijwel alleen in zijn verdediging van de supervedette, die werd aangevallen door een aanzienlijk aantal van zijn eigen teamgenoten, van wie Koeman en Gerets de rij openden.

Maar zonder Romario i PSV een doorsnee-elftal. Zeker niet geschikt om in Europa aan de weg te timmeren. En daar liggen voor PSV - met het nieuwe poule-systeem vanaf de kwartfinales in de Europa Cup die de club miljoenen-inkomsten kan opleveren - het komende seizoen de mogelijkheden.

Uiterst belangrijk voor de toekomst van PSV is derhalve de vraag of de leiding er in zal slagen de plooien binnen de selectie glad te strijken. Er hoeft nog maar iets te gebeuren of de eigenzinnige Romario, die zich gisteren al van het feestgewoel afzijdig hield en vandaag naar Rio de Janeiro is vertrokken, komt nooit meer naar Nederland terug. Romario vindt de kritiek van zijn medespelers op zijn functioneren volslagen onterecht.

De Braziliaan dreigt dan ook met opstappen. Romario: “Ik scoor en daar profiteert het hele elftal van. Die verdachtmakingen tegen mij slaan nergens op. Dat moet afgelopen zijn, anders vertrek ik. Bovendien is er nog iets anders. Wil PSV iets bereiken dan zullen er minstens ijf nieuwe spelers moeten worden gekocht. Iedere linie heeft versterking nodig.”

Ploegsma gaat het komende jaar uit van een begroting van 22 miljoen gulden voor PSV, hetzelfde bedrag als dit seizoen en het hoogste in Nederland.

Daarom denkt hij aan een of twee nieuwe aankopen - Robson wil vooral versterking van de verdediging - die PSV de komende weken wil doen. Zaken die alleen maar mogelijk zijn geworden door de twaalfde landstitel. Was PSV, dat door de 3-0 overwining tegen Volendam (goals van Vanenburg, Ellerman en Popescu) twee doelpunten meer dan Ajax overhield, in die opzet niet geslaagd dan had de club in navolging van hoofdsponsor Philips fors moeten bezuinigen. Maar voor nieuwe successen is in de toekomst ook een uitgebalanceerd tactisch concept onontbeerlijk. Want het elftal heeft dit seizoen te vaak als los zand aan elkaar gehangen. Van Breukelen: “Ik wil de feestvreugde niet bederven, maar met goede wil win je geen Europa Cup.

Er zal goed moeten worden nagedacht hoe we het komende seizoen moeten gaan voetballen. Er zijn deze competitie te veel pieken en dalen geweest omdat we zelfs na een jaar nog geen uitgebalanceerd elftal hebben. Het is toch bespottelijk dat ik vorige week in Groningen nog dacht: 'het is gebeurd' en dat je nu een kampioensfeest viert? Maar ik houd geen somber betoog. Met slechts een paar wijzigingen hoort PSV weer bij de Europese top.” Maar is PSV gezien de wisselvallige prestaties nietde kampioen van de armoede? Van Breukelen: “Van de vijf keer dat ik met PSV kampioen ben geworden heb ik dat al drie maal moeten horen. Maar ik ga daar niet in mee. We hebben vijf punten meer dan vorig jaar, praktisch het hele seizoen op kop gestaan en zijn daardoor de terechte kampioen.” Ploegsma is in het voetbal een doorgewinterde manager, die weet dat een bal die in plaats van in het doel tegen de paal gaat, het verschil kan uitmaken tussen een winst of verlies van miljoenen guldens. Van hem kwam als zakelijk deskundige derhalve eigenlijk nog de nuchterste constatering toen hij opmerkte: “Je kunt als leiding bedenken wat je wilt, maar die gasten die op het veld staan moeten het doen en elke keer sta je weer voor verrassingen.”