Duitse parlement akkoord met extra belastingverhoging

BONN, 17 JUNI. De extra belastingverhoging in de Bondsrepubliek per 1 juli gaat door, zij het met enkele wijzigingen in de opzet. De geplande opbrengst (46 miljard mark tot eind '92) vermindert daardoor voor minister Waigel (CSU, financien) met enkeleiljarden.

Per 1 juli gaat een tijdelijke opslag van 7,5 procent in op de inkomens-, vermogens- en vennootschapsbelasting (tot eind '92). Blijvend omhoog gaat de accijns op diesel- en huisbrandolie en benzine tot 25 pfennig per liter, naar 1,50 mark). Ook wordt dan een verhoging van de belastingen op verzekeringen van kracht.

Na dagen touwtrekken zijn de SPD, die een meerderheid heeft in de Boraad, en de coalitiemeerderheid in de Bondsdag (CDU-CSU en FDP) het daarover eens geworden. In hun commentaren zeggen zowel de SPD als de regeringspartijen dat zij op hoofdzaken aan het langste eind hebben getrokken.

In de zogenoemde bemiddelingscommissie van de beide kamers van het Duitse parlement moest minister Waigel zaterdag, na een afsluitend marathon-overleg van vijftien uur, zwichten voor de bezwaren van de SPD tegen de beeindiging van de belasting op vermogens en voorraden van Wuitse bedrijven, die elders in Europa niet in deze vorm bestaat (reden waarom Waigel haar wilde afschaffen).

In de vroegere DDR wordt deze belasting echter in elk geval tot 1993 niet geheven, al was het maar omdat dit wegens onvoldoende administratief-financiele gegevens praktisch onmogelijk is. De SPD moest van haar kant alsnog instemmen met de geplande generieke verhoging, via een algemene opslag van 7,5 procent, van de vennootschaps-, inkomsten- en vermogensbelasting. Eigenlijk hzij voor deze “solidariteitsbijdrage” (vooral voor de opbouw van de vroegere DDR) een groter offer van de hogere inkomens ten gunste van de lagere gewild. Ook om die reden had de SPD-meerderheid in de Bondsraad anderhalve week geleden (7 juni) tegen Waigels al in de Bondsdag goedgekeurde belastingplannen gestemd.

Nu het gewijzigde extra belastingpakket later deze week parlementair zal worden goedgekeurd gelooft Waigel dat hij voor de financiering van de begroting-'91 geen aanvullend berop de kapitaalmarkt hoeft te doen. De Neuverschuldung (de extra financieringsbehoefte) daalt in '92 van 66 miljard tot “slechts” vijftig miljard, aldus het ministerie van financien in Bonn.

Echter: de basis voor toekomstige fiscale conflicten met de SPD is al gelegd.

De Duitse regering wil namelijk haar jarenlange ingrijpende project ter vereenvoudiging (en verlaging) van de belastingheffing voortzetten, mede in verband met het dichterbij komen van 'Europa '92' met zijn vrije binnenmarkt.

Waigel zal daar ondanks SPD-bezwaren, de Bondsdag in juli toch voorstellen om op korte termijn de “winst-onafhankelijke” belasting op vermogens en voorraden van bedrijven toch te verlagen en bovendien op middellange termijn de vennootschapsbelasting (opnieuw) structureel te beperken. Ook aangaande een ander controversieel punt - de verhoging van de BTW van veertien naar vijftien procent als bijdrage aan de zopas afgesproken BTW-harmonisering in de EG per 1 juli 1993 - wil Waigel komendomer met de Bondsdag in de slag. Een specialist uit de SPD-Bondsdagfractie, Dressler, heeft dit weekeinde al aangekondigd dat Waigel hieromtrent straks niet op instemming van de SPD hoeft te rekenen. Volgens hem heeft de minister zijn EG-partners misbruikt om een BTW-verhoging in Duitsland te realiseren die hij toch al wilde (en nodig heeft). In plaats daarvan had de Duitse regering echter moeten proberen om de EG-partners eensgezind op een percentage van veertien telaten uitkomen, aldus Dressler. De positie van de SPD is in zover gecompliceerd dat haar fractie in de Bondsdag tegen BTW-verhogingen gekant is (zij ziet zonodig liever fiscale verzwaringen voor hogere inkomens in de directe belastingen). In de deelstaten (in elf van de zestien regeert de SPD, vandaar haar huidige meerderheid in de Bondsraad) wordt daarover genuanceerd gedacht omdat de Lander voor 35 procent delen in de BTW-opbrengst en er voor hun inkomsten dus sterk afhankelijk zijn.