NICARAGUA

De kunst van het overleven. Rama, een stad in Nicaragua door Hans van Heijningen (interviews), Bob van der Winden (foto's) en Joost Hartog (red.) 119 blz., gell., Stichting Medio 1990, f 14,50 ISBN 90 9003946 5

In oktober 1988 werd Nicaragua getroffen door de orkaan Joan.

Er vielen meer dan honderd doden en zo'n tweehonderzend mensen raakten dakloos. De regering kondigde de noodtoestand af, en de verkiezingen werden uitgesteld. Een van de steden die veel schade leden als gevolg van de wervelstorm, was Rama, ongeveer driehonderd kilometer ten oosten van de hoofdstad Managua.

Mede door de immense vloedgolf die met de orkaan gepaard ging - het water kwam veertien meter hoog te staan - raakte de helft van de dertienduizend inwoners al haar bezngen kwijt. Na de natuurramp begon de bevolking aan de wederopbouw van de stad. Een van de inwoners vertelt daarover: ''Niet alles is even fantastisch gegaan. Zo kreeg het Rode Kruis kleding uit het buitenland. Het resultaat ervan is dat de vrouwen van de plaatselijke vertegenwoordigers van het Rode Kruis er leuk bijlopen.''

Het citaat is afkomstig uit De kunst van het overleven van journalist-ontwikkelingswerker Hans van Heijningen en fotograaf Bob van der Winden. Beiden zijn freqte bezoekers van de stad en in hun boek vertellen ze onder meer het verhaal van de orkaan. Het is een indrukwekkend stadsportret geworden, want Rama lijkt voor de rampspoed geboren. Niet alleen de orkaan, maar ook de oorlog met de contra's en de economische crisis lieten in de stad diepe sporen achter. Naast de interviews, die werden afgenomen tussen 1986 en 1990, geven de auteurs niet meer dan ingetogen commentaar. Ook de foto's zijn sober en zakelijk.

Het eerste deel van het boek heet toepasselijk en wandeling door de stad'. De lezer wordt voorgesteld aan een aantal bewoners en er wordt een beeld geschetst van de geschiedenis, de cultuur en het economische leven in Rama. Het tweede deel is thematisch van opzet, en handelt vooral over de politiek.

Uit de persoonlijke commentaren van de bewoners van Rama op onderwerpen als de revolutie in 1979 en de verkiezingen van vorig jaar maken duidelijk wat de gevolgen op dorpsschaal zijn van de macro-politieke ontwilingen die de kranten halen. Voor wie wil weten wat er met mensen gebeurt in een politiek turbulent land als Nicaragua, is dit boek dan ook een aanrader - hoewel het stilistisch verre van perfect is.

De auteurs zijn erin geslaagd gewone Nicaraguanen vaak persoonlijke ontboezemingen te ontfutselen. De inwoners van Rama nemen geen blad voor de mond en Van Heijningen laat ze ook allemaal hun verhaal vertellen: de Sandinistische activisten van het eerste uur, de ex-contra's, de oudrgemeester van het linkse FSLN en de nieuwe van de rechtse UNO. Maar ook a-politieke bewoners weten het vaak raak te zeggen: ''De boeren trekken naar de stad, wij zitten zonder eten, het is allemaal een troep,'' verwoordt een marktkoopvrouw de algemene sociaal-economische situatie.

Een vraag die na lezing wel overblijft is waarom voor zwart-wit foto's is gekozen. Rama ligt op een monumentaal punt, namelijk bij de samenvloeiing van de Rio Escondido, de Rio Siquia en de Rio Rama. De stad is alleen al uiterst kleurrijk door de samenstelling van de bevolking: nakomelingen van Indianen, mestiezen en creolen zijn er allemaal vertegenwoordigd. Ook het oerwoud, dat Rama als een forse groene muur begrenst, komt nu niet tot zijn recht. Afgezien van de meerprijs en los van bovengenoemde argumenten zijn het toch tenminste het optimisme en het doorzettingsvermogen van de inwoners die meer verdienen dan het sombere zwart-wit.