Bij bouw van het 'politieke huis' begonnen Polen bij het dak; Woord 'partij' is nog besmet

WARSCHAU, 15 JUNI. De schrik sloeg de Poolse politici onlangs om het hart toen ze de eerste opiniepeilingen over de sterkte van de politieke partijen zagen. De meeste partijen die enige bekendheid genieten, zoals de christen-democratische Centrum-Alliantie, de Boerenpartij (PSL), het Liberaal-Democratisch Congres (KLD) van premier Bielecki en de ex-communisten (SDRP), komen niet boven de tien procent uit. Alleen de Democratische Unie, de partij van de ex-premier Mazowiecki, raakt amper over de vijftien procent. De grootste groep is in feite de categorie 'overigen', gevolgd door 'weet niet'. Het algemene beeld is schokkend: veel partijen, en kleine partijen. Voor de parlementsverkiezingen die zijn gepland voor later dit jaar is dat niet het beste vooruitzicht.

De oorzaak van het zeer labiele partijschap is het gebrek aan vertrouwen van de Polen in de staatsinstellingen in het algemeen en politieke partijen in het bijzonder. Voor een Pool is de term 'staat' besmet. De communistische overheid nam altijd, stelde de eisen en gaf niets terug. Voor veel Polen is de staat niet het 'gemeenschapswezen' maar iemand anders, de grote tegenstander. De communistische partij (PZPR) groeide in de volksrepubliek uit tot symbool van het kwaZij was voor de Polen een gezelschap van oplichters, van opportunisten en machtsbeluste figuren. Daarmee is tevens het woord 'partij' in diskrediet geraakt. De politici gebruiken termen als Club, Alliantie, Unie of Beweging. “Wij moeten tegen een stroom van wantrouwen inzwemmen”, zegt Piotr Nowina-Konopka, secretaris-generaal van de Democratische Unie. “Geen enkele partij heeft nog een structuur of leden. Wij beginnen allemaal bij het begin.”

Een ander obstakel voor een normale ontwikkeling van partijen is het werk van het huidige parlement, de Sejm. De debatten in de Sejm worden rechtstreeks op de televisie uitgezonden in de hoop dat de Polen meer vertrouwen krijgen in de politiek. Maar eerder het tegenovergestelde is het geval. Het parlement is een plaats van kletsmajoren geworden die zich verdringen om op televisie te komen, eindeloos praten en nooit beslissen. Bij elk onderwerp van enig belang melden zich meteen ruim honderd sprekers die allen beginnen bij het jaar nul, en ook weer bij jaar nul eindigen. De kijkdichtheid van deze debatten komt niet erg ver boven het nulpunt uit. Er heerst onder de Poolse bevolking een klimaat van desinteresse en apathie zodra het over politiek gaat. En de kans is groot dat de meeste kiezers bij de verkiezingen gewoon thuis blijven.

In Polen is het proces van politieke verandering ruim twee jaar geleden begonnen, daarna volgden andere landen in Oost-Europa. De Hongaren en Tsjechoslowaken hebben een ngekozen parlement, de Polen nog niet. In Polen bestaat tweederde van de Sejm nog uit vertegenwoordigers van het oude regime, slechts eenderde is vrij gekozen. Politici van de vroegere PZPR en de blokpartijen hebben nieuwe groepjes en partijen opgericht, terwijl het eenderde deel vrij gekozen leden (bijna allen afkomstig uit Solidariteit) in twee partijen is uiteengevallen: de Centrum Alliantie die Walesa steunt en de Democratische Unie van Mazowiecki. De Sejm is niet meer dan een verzamelhok van paen die in staat van ontbinding verkeren of in staat van oprichting zijn. Niemand weet eigenlijk welke steun elk partijtje heeft. Alleen verkiezingen kunnen dat uitwijzen. Elk politicus is in feite zijn eigen baas: er is geen fractiediscipline, eenieder stemt zoals hij wil. De huidige Sejm is een 'Poolse Landdag', het is een parlement zonder meerderheden. Er wordt niet besloten, ten hoogste uitgesteld. Voor het program van economische hervormingen is dit funest: wetsvoorstelleoals de wet op buitenlandse investeringen, blijven liggen. President Walesa ziet in decreten de enige uitweg, het mindere kwaad. Het gevaar is echter dat Polen de weg van decreten niet meer verlaat en het van kwaad naar erger gaat.

Voor de verkiezingen voor een nieuw parlement is nog geen datum vastgesteld. Aanvankelijk zouden ze in mei worden gehouden, maar de Sejm slaagde er niet in op tijd een kieswet aan te nemen. Met veel pijn en moeite ontwierp het parlement kieswet, en oktober leek de verkiezingsmaand. Deze wet werd echter getroffen door een veto van Walesa, dat de Sejm vervolgens bij gebrek aan een tweederde meerderheid niet ongedaan heeft kunnen maken. De Sejm moet het werk overdoen, de hele procedure moet weer beginnen. “Ik ben blij met dit veto”, zegt Stanislaw Rojek, secretaris van de Centrum-Alliantie. “Deze wet was fatalny.” De kieswet kende geen drempel om kleine partijen buiten de Sejm te houden. Ook de Partij van de Biervrienden hoorde zo tot de kanshebbers.

Het meest verstorende effect zou echter uitgaan van de zgn. naamlijsten. In een district kan elke partij, sociale organisatie of kiezersgroep kandidaten op een lijst zetten. De kiezers moeten op een persoon stemmen, niet op een partij.

Daarmee bepalen de kiezers wie in de Sejm komen. De partij-centrale heeft daarover niets te zeggen. “Wij konden dan niet sturen wie er lid van de Sejm wordt”, aldus Rojek.

“Bekende lokale activisten en populisten zouden z meeste kans hebben. Maar het is moeilijk deze mensen te organiseren in een politieke fractie. Ze zullen zeggen: de kiezers hebben op mij gestemd. Met de partij heb ik dus niets te maken.”

President Walesa heeft zijn veto uitgesproken omdat de kieswet partijvorming onmogelijk maakte. De kandidaten zouden immers de strijd aanbinden tegen partijgenoten. Hij keerde zich ook tegen een bepaling dat elke kandidaat tenminste de la vijf jaar in Polen moet hebben gewoond. Deze clausule was bedoeld om ex-presidentskandidaat Stanislaw Tyminski buiten de Sejm te houden. De Pools-Canadese miljonair is met zijn Partij X opnieuw een verzamelaar van proteststemmen geworden en lijkt in sommige delen van Polen redelijke aanhang te hebben. De anti-Tyminski-clausule trof echter ook leden van Solidariteit die als balling in het buitenland hebben gewoond. En Walesa kwam op voor de kerk die volgens de kieswet niet als plaats voor de campagnes t dienen. Walesa vond dit, met het pausbezoek in het geheugen, discriminerend voor de katholieke kerk.

De kieswet was slecht, maar verdere uitstel van verkiezingen is ook gevaarlijk. Het partijlandschap is diffuus en dreigt verder te versplinteren naarmate de economische situatie verslechtert. Ook dit jaar zullen produktie en koopkracht dalen. Polen bouwt aan een democratisch bestel in het midden van een economische recessie. Het geduld raakt op en de onvrede richt zich op vice-JH)mier Leszek Balcerowicz, de architect van de hervormingen. Staken in Polen is als sneeuw in de Alpen: het is er altijd geweest en zal er altijd zijn.

Maar vooral verkiezingcampagnes zorgen voor een lawine van arbeidsonrust en populisme. Hoe langer de verkiezingen worden uitgesteld, hoe groter ook de druk om het economisch roer om te gooien. Het is onzeker of Balcerowicz de parlementsverkiezingen haalt.

De fundamentele constructiefout is dat Polen achterstevoren aan een cratisch bestel werkt. Eerst heeft het een president gekozen, nog voordat diens bevoegdheden zijn vastgelegd. Pas daarna kiest het een nieuw parlement, en als laatste wordt de grondwet ontworpen. Polen bouwt aan een nieuw huis en begint met het dak. “Het fundament van een democratisch bestel is een stabiel partijenlandschap”, zegt Rojek. Als er in Polen niet enkele sterke partijen uit de verf komen, blijft de Sejm een 'Poolse Landdag'. De brede consensus die vorig jaar nog in Polen bestond, brokkelt steeds verder af. De Poolse weg naar democratie stuit op apathie en verdeeldheid, wat resulteert in een politieke versplintering. Zwakke partijen maken een zwakke Sejm. Er is dan maar een instelling met macht: de president met zijn decreten.