'Alleen als er heel dramatische dingen gebeuren kan het nog misgaan'; Hindernisrace naar Arnhems superstadion

In april 1988 trad de Duitse projectontwikkelaar Wund in de openbaarheid met een plan een superstadion te bouwen in Arnhem-zuid. Vitesse zou er in gaan voetballen en de accommodatie zou een concurrent worden voor het Rotterdamse sportpaleis Ahoy', want het multifunctionele stadion zou worden uitgerust met een schuifdak. In '88 zou nog met de bouw worden begonnen. Maar nu staat nog steeds niet vast wanneer de eerste paal geslagen wordt. Het pad naar de realisering is een hordenrace over onbekende afstand.

ARNHEM, 15 JUNI. Anderhalve week geleden zat de Arnhemse zakenman Karel Aalbers in Houston maar weer eens om de tafel met vertegenwoordigers van de Duitse bouwonderneming Philipp Holzmann AG en het Amerikaanse Leisure Management International. Onderwerp van gesprek was de bouw van een superstadion in Arnhem. Holzmann financiert en zal de eerste jaren eigenaar zijn, LMI wordt de exploitant. Aalbers is voorzitter van de voetbalclub Vitesse en mag worden gezien als de aanstichter.

Wat begon als Eurodrome en inmiddels Akzodrome is gaan heten, heeft een lijvig dossier opgeleverd waarin al ten minste drie maal met de bouw is begonnen. De opening is al even vaak achter de rug. Vitesse moet op papier al een paar seizoenen Europees voetbal spelen in een stadion dat het meest luxueuze van het continent is en Pavarotti had eigenlijk al lang niet meer in die veel te kleine hal in Rotterdam hoeven te zingen.

Als alle beweringen waren uitgekomen. Maar Vitesse speelt nog op Monnikenhuize voor een gemiddelde van 8900 toeschouwers die zich de laatste maanden tijdens hun veertiendaagse gang naar het vermolmde stadion steeds meer gingen realiseren dat Europees voetbal ook nog even een droom blijft.

Alle betrokkenen zeggen dat alles volgens plan verloopt, maar inmiddels is de vertragingsmachine in werking gesteld. De afdeling voor geschillen van bestuur van de Raad van State boog zich begin deze week over de wijziging van het bestemmingsplan in Arnhem-Zuid. De zitting eindigde zonder een uitspraak, waardoor er een aangenomen wordt dat er een tweede sessie komt. Als het komt tot een inhoudelijk onderzoek naar de planwijziging kan het inclusief de procedure die daarop volgt, wel een jaar vergen.

Die hindernis komt op een moment dat alle betrokkenen beweren dat alles volgens de planning verloopt. De gemeente Arnhem gaat dan ook gewoon verder met de voorbereiding, maar feit blijft dat er vaak met 'definitieve' data geschoven. Half april verwachtte Aalbers de 7,7 miljoen gulden binnen te hebben die het ministerie van Economische Zaken in het kader van de IPR-regeling heeft toegezegd als bijdrage aan het project. Daarvoor moest echter eerst een Nederlandse bv worden opgericht. Dat gebeurde vorige week donderdag en zodra die over twee weken is ingeschreven wordt de formele aanvraag gedaan. Daarna kan de bouwvergunning worden afgegeven. Als de definitieve beslissing nog verder wordt uitgesteld komt echter zelfs de drie miljoen gulden die de provincie heeft toegezegd in het gedrag. Wanneer in november niet met de bouw is begonnen vervalt die subsidie.

Spoed lijkt geboden, maar Cliff Wallace, president-directeur van Leisure Management International in Houston, vindt de ongedurige stemming in Nederland onbegrijpelijk. “In de Verenigde Staten zijn er soortgelijke projecten die er wel twintig jaar over doen voordat ze gebouwd worden. We liggen op schema.” Dit jaar wordt met de bouw begonnen, de bouwtijd is achttien maanden en bouwer Holzmann heeft zich contractueel verplicht het Akzodrome uiterlijk 1 juli 1993 op te leveren.

In totaal bouwt Holzmann vijf van dergelijke stadions in Europa, onder meer in Keulen en Gelsenkirchen.

Al vanaf het prille begin verdedigt een afweerscherm van optimisme het project tegen scepsis. Toch er is ten minste eenmaal een moment geweest dat zelfs de initiatiefnemer het somber inzag. De gemeente en bouwer Holzmann, een gigant met een jaaromzet van negen miljard Duitse Marken, kregen ruzie over de kosten van politie-inzet bij evenementen in het stadion. De zaak liep zo hoog op dat partijen weigerden nog met elkaar om tafel te gaan zitten. Aalbers die tijdens de eerste schermutselingen over deze kostenpost op zakenreis was gegaan naar Singapore en Taiwan, in het volste vertrouwen dat ook deze hobbel wel weer genomen zou worden, keerde hals over kop terug. Hij had een week nodig om de stoelen rondom de onderhandelingstafel weer bemand te krijgen. “Toen heb ik gedacht: dat gaat fout”, erkent hij.

Het conflict over de eventuele betaling voor politie-inzet geeft aan dat de exploitatie een bottleneck is in de totstandkoming van het Akzodrome. Het voetbalstadion, waarvan Vitesse de vaste bespeler wordt, moet dankzij het schuifdak een centrum voor grootschalige evenementen worden, zoals concerten van megasterren als Rolling Stones, Tina Turner en Luciano Pavarotti. Westelijk Nederland haalt ongelovig de schouders op. Arnhem als centrum?

Wallace, wiens managementonderneming in de VS een groot aantal van dergelijke stadions exploiteert en onder meer de organisatie verzorgde van de nationale conventie van de Republikeinse partij en de strijd om de Superbowl (American Football), kent de vooroordelen. Hij zegt echter simpelweg met een passer een straal van tachtig kilometer op de landkaart te hebben getrokken. “Daarbinnen wonen meer mensen dan in de meeste steden van de Verenigde Staten.” Of die geen andere mentaliteit dan die mensen hebben? “Dertig minuten tot een uur rijden om een concert te zien van de Rolling Stones is niet veel. Zelfs als er in Amsterdam ook een dergelijk stadion zou komen is dat nog geen concurrentie. Integendeel, je kunt zulke grote evenementen samen organiseren.”

De financiering van het stadion is losgekoppeld van de exploitatie. Holzmann AG is de financier (kosten 130 miljoen) en heeft inmiddels een Europese eindinvesteerder gevonden, LMI zorgt er voor een programma, catering en kaartverkoop. Voor dat laatste zijn onderhandelingen gaande met PTT Telecom om te komen tot een netwerk, waardoor het mogelijk wordt om op eenvoudige wijze entreebewijzen voor grote evenementen te reserveren.

Niet bekend

Zestien sponsorloges (waarbij een koppeling is met een reclamebord langs het speeldveld) die drie ton per jaar kosten, de overigen kosten 100.000 gulden jaarlijks. In vergelijking met PSV (waar een sponsorloge vier ton kost) is die prijs volgens Aalbers laag, omdat men daar de gasten alleen voor het voetbal kan uitnodigen terwijl in het Akzodrome jaarlijks tachtig tot honderd evenementen komen.

Verder zijn er nog 1300 business-seats in het stadion, die gemiddeld 6800 gulden kosten. De rechten voor de verhuur van loges en business-seats berusten bij de Stichting Zakendoen Nieuwe Stijl, die deze zaken voor Vitesse beheert. De stichting betaalt daarvoor jaarlijks acht miljoen gulden aan de exploitant. Bij volledige verhuur (volgens Aalbers is er inmiddels al een wachtlijst) levert het de stichting een winst van zeven miljoen op.

Een aardig bedrag om de begroting van de voetbalvereniging Vitesse op het niveau van de ambities te brengen, want net zo min als men voor de plaatselijke harmonie een Stopera bouwt heeft het zin om een middenmoter in het meest geavanceerde stadion van Europa te laten spelen. “Als je structureel bij de bovenste vier plaatsen van Nederland wilt”, weet Aalbers, “heb je een begroting voor het voetbalbedrijf nodig die in ieder geval boven de tien miljoen gulden draait. Wij gaan daar straks aan beantwoorden.” Afgelopen seizoen was dat nog 5,5 miljoen, nog altijd de vierde begroting van Nederland achter PSV (22 miljoen), Ajax (14 miljoen) en Feyenoord (12 miljoen).

Daarbij moet worden aangetekend dat in een aantal gevallen ook kosten voor het stadion zitten. En dat zal Vitesse ook in de toekomst niet gebeuren. “Bovendien wordt de club met de hoogste begroting niet altijd kampioen. Het belangrijkste is hoe je met het geld omgaat. Heb je mensen die integer zijn, keihard werken met het hart op de juiste plaats voor de club of heb je - zoals naar mijn gevoel bij Feyenoord is gebeurd - mensen binnen en buiten het veld die denken, zakken vullen en over een paar jaar ben ik vertrokken.”

Vitesse heeft, zegt Aalbers, gekozen voor een geleidelijke weg. Het is een van de weinige Nederlandse clubs met een professionele hoofdscout, er is “in alle bescheidenheid en rust” een infrastructuur neergezet en randvoorwaarden gecreeerd om blijvend te zijn. “We streven naar het hoogste, maar je hoort mij niet zeggen dat we kampioen van Nederland worden.” Aalbers heeft met dat plan voor het Akzodrome zijn nek al meer dan genoeg uitgestoken. “Iedereen heeft iets van: eerst zien en dan geloven. Alleen als er heel dramatische dingen gebeuren kan het nog misgaan.”