Wauwelmond

Jean Dulieu: Het grote boek van Paulus de Boskabouter - Het grote toverboek van Paulus de Boskabouter. Uitg. Leopold. Prijs (f) 29,90 per deel. Cassettes Paulus de Boskabouter. Uitg. I.C. Prijs (f) 9,95 per stuk.

Uitgevers zijn al enige tijd bezig de rekening van een eeuw jeugdliteratuur op te maken. Babar is terug en Hansje in 't Bessenland. De tekeningetjes van Nelly Bodenheim werden opgepoetst en Afke's tiental is eindelijk weer verkrijgbaar in een toonbare uitgave met de oorspronkelijke illustraties van Jetses. Winnie-the-Pooh kreeg een nieuwe vertaling - evenals trouwens de vorige eeuws Pinokkio en Alice - Bomans' sprookjes zijn gebundeld, de Narnia-serie van C.S. Lewis wordt opnieuw uitgebracht en ook Erich Kastner was even terug, om na twee jaar onmiddellijk weer verramsjt te worden. Binnenkort zal Nederlands oerkabouter Okkie Pepernoot (1934) weer in de winkel staan en tot mijn vreugde zag ik een heruitgave van Lattimores Kleine Sjang aangekondigd.

In deze ontwikkeling past ook de come back van Paulus de Boskabouter. Die werd vorig jaar door de VPRO in gang gezetmet de heruitzending van Paulus op radio 5 (vrijdagavond om tien over zes). Enige tijd later volgde uitgeverij Leopold met twee kloeke bundels, waarin vroegere boekjes bijeengebracht zijn.

Het grote boek van Paulus de Boskabouter bevat onder andere Het winterboek van Paulus (1948) en de avonturen met het als beer Kenarrepoere betoverde elfje Priegeltje (1956). In Het grote toverboek staan verhalen uit de eerste helft van de jaren zestig over Paulus met Salomo,Mol, Poetepoet en Joris het vispaard.

Paulus en ik hebben elkaar altijd net gemist. Thuis waren we niet geabonneerd op het Vrije Volk, waarvoor Jean Dulieu van 1946 tot 1958 zijn strip tekende. Toen de radiouitzendingen in 1955 begonnen, was ik het stadium van heksen en kabouters tijdelijk ontgroeid en op het moment dat mijn kinderen aan Paulus toe waren, had Dulieu's magnum opus Paulus en de eikelmannetjes er al tien jaar op zitten en was het kabouterje door de maatschappijgerichtentwikkelingen binnen de jeugdliteratuur min of meer verbannen naar de schaduw en de stilte van zijn eigen grote bos.

Nu ik als volwassen lezer dat bos betreed, voel ik in de eerste plaats vertedering over het vriendelijke gehannes van alle bewoners, die als een stelletje kinderen stoer doen, streken uithalen, gulzig, ongehoorzaam en berouwvol zijn.

Paulus scharrelt daar min of meer verstandig als een soort ouder tussen door, maar dan wel een buitengewoon tolerante en aeve ouder. Binnen de kortste keren ben je vertrouwd met de schrijvende raaf Salomo, de slaapkop Gregorius, die zo grappig verstrikt raakt in zijn woorden - “wat een schrewikkelijk briezelig griefje” - en met de gewichtige omslachtigheid - “dat is helendal nogal wel zo tamelijk buitengemeen duidelijk” - van Oehoeboeroe. En natuurlijk identificeer je je met de onbevangen, ruimhartige kleine held, wiens credo luidt: “Een fatsoenlijke boskabouter geeft de moed nooit op.” Wat l die bosbewoners bindt en wat kinderen anno 1991 ongetwijfeld nog boeit, is de strijd tegen de heks Eucalypta, die met haar valse schaterlach en 'gemene wauwelmond' het kwaad belichaamt en de verhalen op gang houdt.

Dulieu heeft een duidelijke liefde voor de natuur, die hij klankrijk neerzet - “somp somp somp klatsten zijn voetjes op het natte gras” of “een vette zwarte mol boldert haast je rep je de grond uit” - en hij trekt zich met zijn gedragen taalgebruik, vol chters, wederoms en andermaals weinig van zijn jonge publiek aan. De vroege verhalen zijn mij veel te traag en breedsprakig en ik zou graag wat schrappen in de overdaad aan verkleinwoorden. Eigenlijk is Paulus op zijn mooist in hoorspelvorm, verkrijgbaar op cassette en in het najaar ook op cd. Tegen de vaart, het vertelplezier en het stemmetjes maken kan geen voorlezende ouder het opnemen.

Dulieu mag dan broemd zijn geworden als tekenaar en schrijver, in de feilloos verschillende toonhoogtes en het kleuren van de stem van vol en rond, via lijzig geteem naar opgewonden gepiep blijft de musicus die hij oorspronkelijk was onmiskenbaar aanwezig.