Toeval

Een uitgelezen gezelschap van bestuurskundigen, verzameld in het Crisis Onderzoek Team, heeft onderzocht waarom het in Rotterdam tijdens de Eurtipacup-finale ”niet gigantisch uit de hand is gelopen”, zoals de Volkskrant het uitdrukte. Met zijn twaalven zijn de bestuurskundigen al weken van tevoren begonnen met het verzamelen van de gegevens en op de dag van de wedstrijd hebben zij, rondwandelend met gevaar voor eigen leven, het gedrag van de voetbalsupportes bestudeerd.

In Alert, een tijdschrift over crisismanagement, hebben zij deze week hun bevindingen gepubliceerd. En wat blijkt?

Het was toeval. Het was toeval dat er niet gevochten werd. Het was toeval dat de veldslag van Rotterdam uitbleef. Het was toeval dat de supporters weer naar huis gingen zonder dat er één blauwoog werd geslagen. De twaalf bestuurskundigen spreken dan ook van een 'lucky event'.

Denk niet dat de bestuurskundigen van het COT geen deskundigen zijn. In het verleden hebben zij allerlei calamiteiten onderzocht: gijzelingen en de Granaria-acties van de binnenschippers en zelfs de gevolgen van de orkaan die vorig jaar over ons land woedde hebben de bestuurskundigen aan een wetenschappelijke analyse onderworpen.

Maar dit keer lag het dus aan het toeval. Het was de schuld van het toeval. Of hoe zeg je dat? De oorzaak was het toeval. Persoonlijk ben ik altijd gek op dat soort uitkomsten, maar soms vraag ik mij af of het nog wel goed kan komen met de moderne wetenschap. Sinds men het gedrag van individuele fotonen niet meer kon verklaren, hielden de natuurkundigen het op het toeval. Einstein had daar geen vrede mee. ”God dobbelt niet”, zei hij. Dat was zestig jaar geleden, maar nog altijd dobbelt God en meer dan ooit lijkt het universum een groot, dolgedraaid casino.

Na de natuurkunde heeft het toeval nu ook zijn intrede gedaan in die prachtige wetenschap van de bestuurskunde, een historisch moment. Zoals indertijd op de Solvay-bijeenkomsten de gedachtenexperimenten van Bohr en Einstein zijn genotuleerd, zo lijkt het mij ook van het grootste belang dat wordt vastgelegd hoe de twaalf bestuurskundigen tot hun conclusie zijn gekomen. Vermoedelijk zaten zij bij elkaar om met zijn twaalven het artikel voor dat crisismanagement-blad te schrijven. Zij moeten in een filosofische stemming zijn geweest, toen één hunner de hamvraag stelde: ”Waarom zijn er geen rellen uitgebroken?” Toen bleef het even stil.

”Geen idee”, fluisterde iemand. ”Kunnen wij niet mee aankomen”, heeft de voorzitter toen enigszins wrevelig gezegd. En zo moet langzaam in een creatieve samenspraak de gedachte zijn ontstaan dat het een kwestie van toeval was. En natuurlijk hield men, zoals het gewetensvolle wetenschappers betaamt, een slag om de arm en werd in het artikel neergelegd dat het vooral aan de factor toeval had gelegen.

Helemaal bedredigend was dat nog niet. ”Moeten wij”, heeft één van de twaalf daarna voorzichtig in het midden geworpen, ”niet een beetje specificeren wat we tot het toeval rekenen?” En dat hebben zij gedaan. De toevalsfactor, zo constateerden zij, zat hem vooral in het weer, want op die bewuste 15de mei – de dag van de wedstrijd – regende het. Niemand kon van te voren het weer bepalen, maar waar regen is, verdwijnt de agressie.

Toen, zij waren al bijna klaar, heeft één van de twaalf bestuurskundigen het woord genomen. ”Ja maar”, zei hij, ”dat het op de 15de mei heeft geregend, is op zichzelf geen toeval. Dat kwam door een depressie boven Ierland. Je zou dus eigenlijk moeten zeggen dat de rellen in het Feyenoordstadion zijn voorkomen door die depressie boven Ierland. Maar die depressie boven Ierland werd weer veroorzaakt door een lagedrukgebied bij de Azoren, dat op zijn beurt weer werd veroorzaakt door een hogere temperatuur op aarde. Die hogere temperatuur is het gevolg van de aantasting van de ozonlaag, veroorzaakt door het gebruik van spuitbussen. De spuitbussen worden gebruikt voor scheerzeep of haarlak. Als mannen zich dus niet zouden scheren en vrouwen niet hun haar zouden volspuiten, was de ozonlaag nog intact, zou er geen lagedrukgebied zijn geweest, geen depressie boven Ierland, geen regen in Rotterdam, maar zou er wel in de Kuip zijn gevochten.”

Voordat de bestuurskundige zijn verhandeling over toeval kon vervolgen, werd hij echter door de voorzitter afgehamerd.

</RE>