Column

Sterre

Het was Sterre haar eerste voetbalwedstrijd. Al veel te vaak had ik haar beloofd dat we een keer naar Ajax zouden gaan en te vaak had ik deze belofte uit- en afgesteld. Nu deed zich afgelopen zondag, wat mij betreft, de laatste mogelijkheid voor. Sterre is tien en k zag haar hartje sneller gaan kloppen toen we definitief besloten om naar Spangen te gaan. Wij naar het Kasteel om Ajax te zien winnen van het bijna opgeheven SVV. Wat heet winnen? Ajax zou de Schiedammers afdrogen en het doelsaldo even gelijk met PSV spijkeren. Wat gelijk? Ajax zou over de Eindhovenaren met hun onderlinge jeukprobleempjes heenwalsen. Alles zat mee. Mooi zonnetje, koel briesje, geen file, gemoedelijk publiek en wij, arrogante Mokummers speelden met de gedachte f John van Dijk wel elf man op de been had kunnen brengen. Op Hiele na kenden wij niet een naam van de tegenstander en aan wie zou je die namen moeten vragen? Er was geen een Schiedammer in het stadion. Ajax speelde thuis in Rotterdam en we zouden toeterend naar huis rijden. Deze middag ging het gebeuren.....

De afloop is bekend, maar leg dit maar eens uit aan tienjarig meisje. Ajax kwam met 1-0 achter, maar wij wisten dat dit voor onze jongens just een stimulans was om de Schiedammers voorgoed aan de jenever te krijgen. Ik legde Sterre uit wat buitenspel was, waar je drop kon krijgen, waar Leo Beenhakker zat, waarom het Kasteel het Kasteel heet, dat Sparta hier normaal speelt, waarom er zo veel politie op de been was en als ik niks uitlegde hield ik haar vanuit mijn ooghoeken scherp in de gaten en controleerde of ze wel genoot. En ze genoot. De verbaasde blik ging langs de tribunes, de mensen, de overkapping en ze bleef heel lang hangen bij een veertiger die zich opwond over een scheidsrechtrlijke beslissing. Er werd een vat scheldwoorden opengetrokken waar ze tot ver na haar dood genoeg aan moet hebben. Ze had het door. Heel goed door. Die rood-groen-witten waren SVV en die anderen Ajax.

Opeens barstte er een uitzinnig gejuich los, terwijl er in het veld niets gebeurde. Sterre keek verbaasd. “Groningen heeft gescoord”, legde ik haar uit en ik zag dat het haar nu wat veel werd. Ajax speelde voor uitsluitend Amsterdammers uit tegen SVV i het stadion van Sparta en het publiek begon te juichen omdat Groningen een doelpunt tegen PSV had gemaakt.

Als je tien bent en het is je eerste wedstrijd is dat veel. Het juichen herhaalde zich dank zij Hennie Meijer nog een aantal malen en het bleef een raar gezicht om een stadion te zien jubelen voor een onzichtbaar doelpunt, tweehonderdvijftig kilometer verderop.

Afgelopen week lag ik een paar nachten in een hotel in Maastricht en keek uit op de fontein van het Vrijthof. Ooit hebben mijn vrind Patrick en ik daar heel diep in de nacht en heel erg dronken onder gestaan. Hij had een ordinair blauwtje gelopen en we besloten onder de gemeentedouche voorgoed en altijd te kappen met de vrouwen in het algemeen en die van die avond in het bijzonder. Het gesprek duurde een kwartier en luchtte ernstig op. Meer dan drijfnat hebben we onze kroegentocht vervolgd en eigenlijk had ik er naar aanleiding van de natte krante-wedstrijd van afgelopen zondag nog even onder moeten gaa staan en als Ajax zondag aanstaande het kampioenschap laat lopen zal ik dezelfde avond nog naar de Limburgse hoofdstad afreizen om, net als toen, met mijn kleren aan te douchen. Maar daar loopt alvast een kleine Sterre en die vraagt dan aan moeder: “Waarom doet die meneer dat?” En leg dan als opvoeder maar uit dat er ettelijke honderden kilometers verderop een voetbalclub geen kampioen is geworden.

Tsja! De wereld is totaal krankzinnig en ik doe er graag aan mee.