Inflatie doet koopkracht dalen, zegt CPB

DEN HAAG, 14 JUNI. De koopkracht van de Nederlandse werknemers neemt dit jaar niet toe, zoals eerder was voorzien, maar af. Bovendien zal het aantal niet-actieven per honderd actieven “nogal wat hoger” uitvallen dan eerder was voorspeld.

Dit zei directeur G. Zalm van het Centraal Planbureau gisteren op een mondeling overleg met leden van de Tweede Kamer. De groei van het aantal niet-actieven brengt de koppeling tusen lonen en uitkeringen direct in gevaar.

Het kabinet Lubbers-Kok wil de koppeling handhaven onder twee voorwaarden: de loonstijging moet beperkt blijven tot de inflatie en het aantal actieven per honderd niet-actieven mag de grens van 86 niet overschrijden. In maart voorspelde het Planbureau dat dit verhoudingsgetal dit jaar op 86,8 zou uitkomen. De meest recente CPB-prognoses komen echter, aldus Zalm, “nogal wat hoger” uit omdat het aantal mensen in de Ziektewet en in de WAO sneller stijgt dan voorzien.

Volgens Zalm zal de koopkracht van alle categorieen werknemers, incidentele loonsverhogingen als gevolg van promoties en dergelijke buiten beschouwing gelaten, dit jaar dalen. Eerder was voor de modale werknemer een stijging van driekwart procent voorspeld (tegen een stijging van 2,5 procent in 1990). Oorzaak van die daling is de stijgende inflatie, die dit jaar niet tot 2,5 procent beperkt blijft maar, aldus Zalm, de drie procent grens zal overschrijden.

De inflatie stijgt doordat de duurdere dollar de invoerprijzen omhoog drukt. Rekende het Planbureau in maart nog voor 1991 en 1991 met een dollarkoers van 1,65 gulden, nu hanteert men een koers van 1,95 gulden als veronderstelling. Inmiddels is de feitelijke dollarkoers deze week de twee gulden gepasseerd.

Volgend jaar zullen de prijzen volgens Zalm zelfs met “circa vier procent” stijgen. Hoe de lonen in 1992 op die extra inflatie (eerder was een prijsstijging van drie proent voorzien) zullen reageren, hangt volgens Zalm onder meer af van het overheidsbeleid. Een prognose kon of wilde hij daarom niet geven.

Wel zei hij dat voor twintig procent van de werknemers al, via meerjarige CAO's, voor 1992 loonafspraken zijn gemaakt. De gemiddelde loonstijging komt daarbij uit op vier procent.

Handhaving van de koopkracht in 1992, zo beantwoordde de CPB-directeur een vraag van het VVD-Kamerlid De Korte, “wordt er niet gemakkelijker op”.