Dollar hervat opmars

In de afgelopen twee weken - 31 mei tot en met 13 juni- heeft de dollar zijn opmars hervat. Werd de informatieve middenkoers van de Amerikaanse munt op 30 mei nog op 1,9275 gulden vastgesteld, gisteren noteerde hij 2,0312 gulden. Vanaf woensdagkwam de dollar daarmee op niveau's, die sinds een half jaar niet meer waren gerealiseerd.

De waardestijging viel voornamelijk toe te schrijven aan de ontwikkeling van de Amerikaanse economie zelf, daarbij af en toe gesteund door minder gunstige berichten uit Duitsland. Zo nu en dan werd de opmars onderbroken door winstnemingen en interventies, maar het gunstige sentiment voor de dollar bleef onverminderd bestaan. De dollaropmars begon op 31 mei met eemeevallende economische barometer over april, waarna op maandag de index van orders van inkoopmanagers verder steun gaf aan de opvatting dat het einde van de recessie wel bereikt was. Alan Greenspans optimistische uitlatingen op woensdag onderstreepten deze visie. Vervolgens bleek het aantal banen buiten de agrarische sector in mei met 59.000 te zijn gestegen, terwijl op een daling was gerekend. De lopende rekening vertoonde in het eerste kwartaal een overschot dankj de financiele bijdragen van een aantal landen in verband met de Golfoorlog. Ook zonder deze vertekening verbeterde de handelsbalans ten opzichte van een jaar eerder.

Gisteren steeg de dollar verder in afwachting van de producentenprijs index en de kleinhandelsverkopen. De inflatie kwam hoger uit dan verwacht, waardoor vrees voor rentestijging ontstond. De omzetten in de detailhandel vielen mee, hetgeen weer een bevestiging was van de visie dat de recessie voorbij is. Uiteraard steeg de dollar daarop verder.

Uit Duitsland kwamen enkele minder positieve berichten, die de Duitse mark schaadden. De SPD behaalde in Hamburg een grote overwinning, hetgeen niet leuk is voor Kohl. De handelsbalans bleek in april voor het eerst in tien jaar een tekort te vertonen. Ook de zwakke positie van Gorbatsjov blijft de Duitse munt parten spelen. Een renteverhoging in Duitsland zou de opmars van de dollar kunnen stuiten, maar zou tevens de economische groei doen vernderen.

Nadat de Zweedse centrale bank in mei de kroon aan de Ecu koppelde, is ook de Finse mark aan de europese mandvaluta vastgeklonken. Omdat de Finse munt een minder vooraanstaande plaats op de valutamarkten nneemt, reageerden dollar en Duitse mark in slechts bescheiden mate op deze stap.

Het Pond Sterling verloor in de loop van de afgelopen twee weken enigszins aan kracht, onder andere omdat weer een renteverlaging wordt verwacht. Dit hangt samen met de groeiendpopulariteit van Labour, die verminderd zou kunnen worden door een aantrekkende economie. Onverminderd optimisme, met name vanuit officiele zijde, over de inflatie-ontwikkeling in de rest van het jaar zou ruimte bieden voor een renteverlaging.

Topman Mieno van de Japanse centrale bank vindt het ondertussen nog steeds te vroeg om het Japanse disconto te verlagen. De kracht van de economie is daarvoor nog te groot.

Er is sprake van een gespannen arbeidsmarkt en de inflatie is nog niet voldoende teruggedrongen. Niettemin leven de verwachtingen omtrent een Japanse rentedaling bij tijd en wijle op, waardoor de yen wat verzwakt ten opzichte van voornamelijk de dollar.

Bron: Rabobank Nederland-Directoraat Financiele markten