Defensie wil troepen uit N-Irak terughalen

DEN HAAG, 14 JUNI. Het ministerie van defensie wil de 400 mariniers uit Noord-Irak terugtrekken omdat ook de geallieerden zijn begonnen hun beschermingstroepen weg te halen. De missie om de Koerden te beschermen heeft een tijdelijk karakter gehad, aldus Defensie. De Nederlandse aanwezigheid is afhankelijk van de inzet van de geallieerden die tot de humanitaire missie in Irak besloten.

Een grote meerderheid van de Tweede Kamer heeft er gisteren bij de regering op aangedrongen beschermingstroepen in Irak te handhaven zolang de Verenigde Naties die taak niet kunnen overnemen.

In de komende dagen zal uit contacten met Washington, Parijs, Londen en het hoofdkwartier van de VN blijken hoe snel de mariniers kunnen worden teruggetrokken. Nederland zal niet alleen achterblijven.

De VN hebben moeite een politiemacht in Noord-Irak te formeren. Er zijn pas 60 van de 500 agenten in Noord-Irak.

Nederland wil geen politie leveren omdat er onvoldoende aanbod is en de politiebonden tegen zijn. Officieel is Nederland daar niet om gevraagd, ook niet om marechaussees, maar informeel wel. De geallieerden willen overleggen over een bijdrage aan de VN-politiemacht.

Het dilemma daarbij is dat voor een militaire inzet een nieuwe VN-resolutie nodig is. Bagdad verzet zich tegen bescherming door militairen en tolereert alleen een licht bewapende VN-politie. Vanmiddag zal het kabinet de terugtrekking van de resterende 400 mariniers bespreken. Komend weekeinde komen de laatste manschappen terug van de 600 militairen die Nederland heeft gestuurd om vluchtelingenkampen in te richten, watervoorzienig en vervoer te regelen en medische assistentie te verlenen.