'Dagje bajes' moet jongere op rechte pad houden; Negendaags project in Grave voor 'randgroepjongeren'

GRAVE, 14 JUNI. Wat in het Rotterdamse huis van bewaring Noordsingel Boefjesmiddag wordt genoemd heet in het Brabantse Grave: Project bajes ban(g). Beide activiteiten zijn bedoeld als 'bajesverkenning' voor randgroepjongeren: een confrontatie met de gevolgen van crimineel gedrag.

Het belangrijkste verschil met de Rotterdamse situatie is dat in Grave het project niet een middag, maar negen dagen duurt.

Partieel leerplichtige jongeren van 15 tot 17 jaar die een van de twee vormingscentra in Eindhoven bezoeken, werken daareen onderwijstraject door dat in negen dagen tijds de criminaliteit behandelt vanaf 'de daad' tot en met het strafblad. Halverwege de cursus wordt een excursie naar de bajes in Grave gehouden. Donderdag werd in het huis van bewaring in Grave de lesbrief gepresenteerd, die de lessen theoretisch moet onderbouwen. Het project sluit aan bij de belevingswereld van de jongeren. Ze hebben vaak een afgebroken scholing en de stof wordt in korte, afgeronde hoofdstukken aangeboden om de aandacht vast te houden.

Deelnemers aan het project - dat nu een jaar draait - zijn jongeren die al met justitie in aanraking zijn geweest of dreigen te komen. Ze hebben geen zin meer in school, ook niet in werken en kampen vaak met moeilijkheden thuis. “Een project criminaliteit binnen het onderwijs betekende in het verleden vaak alleen maar 'kicken': de wijkagent kwam op bezoek en ze mochten een uurtje door een gevangenis sjouwen.

He maakte weinig indruk'', zegt docent M. Niessen van het centrum voor werkervaring, scholing en vorming Het Anker in Eindhoven.

Met behulp van het lesprogramma kan nu worden gegaan tot de uiterste consequentie van crimineel gedrag: detentie. Nadat de jongeren, in groepen van 30, vier dagen lang lessen hebben gevolgd over politiewerk, rechtszitting en straffen, en groepsgesprekken hebben gevoerd, worden ze op de vijfde ochtend onverwacht in de kraag gevat en in een ME-busje afgevoerd. Over de bestemming worden ze niet ingelicht en sommigenemen het zekere voor het onzekere door het hasjpijpje maar in de bus te verstoppen. “In die bus zien we al dat het begint te werken, daar wordt vaak de sfeer al bepaald”, zegt Niessen. “En anders wel wanneer blijkt dat ze aankomen in het huis van bewaring en de officiele badprocedure wordt gevolgd.

Dit fouilleren en afnemen van in de bajes verboden bezittingen maakt veel van de jongeren razend, ze ervaren het als vernederend.''

Ze draaien weer bij wanneer het groepsgesprek met vier (door de directie geselecteerde) gedetineerden volgt. “We willen geen intimidatie, maar de jongeren genuanceerd afschrikken: jongens, de gevangenis is geen hotel”, verklaart adjunct-directeur T. Beun. “Het werkt wanneer iemand van de eigen partij dingen zegt als: Ik zou maar wat graag op jullie stoel zitten. Jullie hangen op donderdagavond zeker rond bij V & D? Zo ben ik ook begonnen.”

Na dit onderdeel - door de begeleiders het zwaartepunt van de dag genoemd - worden de jonren rondgeleid door het gebouw, spreken met personeel en sporten een uur. “Toch een goeie dag geweest, alleen die verrekte douche, dat had niet gemoeten”, is een veelgehoorde reactie. En de jongen die in feite al met een been in de bajes stond, twee keer dienstverlening opgelegd had gekregen maar beide keren niet was komen opdagen, huilde en zei: “Ik wou dat mijn broertje erbij was geweest, want daarmee gaat het ook mis.”

Volgens de begeleiders slaat het project goed aan onder de jongeren. Volgens Beun, die hoopt op een uitbreiding van het project, kan de lesbrief ook voor andere kinderbeschermingsinrichtingen in de regio nuttig zijn. Het Graafse huis van bewaring zal zo'n zes keer per jaar zijn deuren openen voor randgroepjongeren om ze te confronteren met het gevangenisregime.