Toch zal Schwarzkopf snel vergeten worden

In het hippietijdperk bezocht Lucian Truscott, officier in opleiding bij de Militaire Academie in West Point, uit nieuwsgierigheid eens een redactiefeestje de Village Voice, het linkse New Yorkse weekblad aarvoor hij had geschreven. Tussen de langharige, pot-rokende redactieleden verscheen hij in zijn gala-uniform en stak hij sterk af tegen de redactieleden in jeans. Alleen de vrouwelijke redacteuren konden zijn lef waarderen.

Sinds een paar maanden is er geen lef meer voor nodig om in uniform in New York rond te lopen. De Amerikaanse strijdkrachten hebben zich na de Golfoorlog geheel bij het publiek gerehabiliteerd. Matrozenpakken en camouflagedracht passen net zo in het straatbeeld nu als vroeger in de zwart-wt-films uit de Tweede Wereldoorlog. De inwoners van New York waren dan ook - vooral nu hun std bankroet is, in voor een verzetje.

De stad beleefde deze week een geweldige militaire overwinningsparade, de grootste sinds het met tickertape inhalen van generaal Douglas Mc Arthur tijdens het Korea-conflict in 1951. Met het oog daarop had zelfs de hoofdredacteur van de linkse Paris Review, Geore Plimpton, begin deze week een feest op een boot aangericht om het vuurwerk voor de overwinning te bekijken en om geld in te zamelen voor zijn tijdschrift. Onder de namen van het comite van aanbeveling treft men bovendien die aan van de romanschrijver Doctorow, van Bianca Jagger en van Hamilton Fish, de voormalige uitgever van het linkse weekblad Nation. Al eerder - op zaterdag - had Washington zijn eerste militaire parade sinds het einde van de Eerste Wereldoorlog.

Amerikanen walgen of zwelgen. Na Vietnamoorlog was het walgen en na de Golf is het zwelgen in miliir vertoon. Veteranenorganisaties krijgen maar niet genoeg van het gejuich en organiseren parade na parade door het hele land. Na New York zijn de zegetochten nog lang niet afgelopen, terwijl de berichtgeving uit het Midden-Oosten somber blijft. Koeweiti's schenden de mensenrechten en doen weinig aan de wederopbouw van hun land. Saddam Hussein krijgt steeds grotere greep op zijn land en heeft genoeg verrijkt uranium overgehouden voor een atombom. Volgens een opiniepeiling in de New York Times van afgelopen dinsdag vindt bijna drie kwart van de Amerikanen dat Bush had door moeten vechten om Saddam ten val te brengen.

Het lijkt of de Amerikanen zich met des te meer geestdrift storten in het nationale feest. “Waarom gaan we door al deze drukte voor een conflict dat niet meer dan zes of zeven maanden duurde?”, vraagt de Vietnamveteraan en gepensioneerde kolonel Mitch Mitchell zich af. De feestvreugde was juist zo groot omdat de pijn van de oorlog vrijwel helemaal voor de vijand was.

Bij dit alles gaat het ook om een rituele bezwering van het Vietnamtrauma. Het schuldgevoel ten opzichte van Vietnamezen en Cambodjanen is allang verdwenen en de Vietnamveteranen bestaan nog slechts als een verloren grote generatie van veertigers en vijftigers die vinden dat ze slecht zijn behandeld terwijl films en boeken, zoals Coming home, The deer hunters en Born on the fourth of July het trauma publiek hadden gemaakt.

De sterk gevoelde plicht tt 'steun aan de troepen' heeft tijdens de Golfoorlog de Amerikaanse vredesbeweging verlamd. In een voorstad van Detroit bijvoorbeeld besloot het bestuur van een middelbare school om geen ruimte meer te verhuren aan de vredesbeweging. In het lokaal waar zij naar was uitgeweken, werd het debat overheerst door het thema 'steun aan de troepen'. Ook bij de huidige parades wil iedereen met zijn 'welcome home' de uitgebleven verwelkoming Vietnam, vergoeden. De schrijver William Styron was tegen de Golfoorlog maar tot de Village Voice zei hij dat het niet onverenigbaar is met het gevoel dat “de troepen toejuiching verdienen”.

Het Amerikaanse feest biedt afleiding van de economische crisis en de recessie. 'Voor het eerst verwelkomt (de effectenmakelaar) Meryll Lynch een beer op Wall Street', luidt een advertentietekst boven een foto van generaal Schwarzkopf in de New York Times. Dezelfde opiniepeiling die Bush prijst om zijn buitenlandse beleid, geeft een onvoende voor zijn economische beleid. Een minderheid van eenenveertig procent vindt dat Bush het op dat gebied goed doet. Toch heeft de oorlog ironisch genoeg, Amerika voor het eerst sinds tien jaar een klein overschot op de betalingsbalans verschaft wegens de contributies van de bondgenoten voor de oorlog.

Voor de Golfoorlog verkeerde Amerika in een slechte stemming. De euforie ovhet winnen van de Koude Oorlog was voorbij. Bush zakte in de opiniepeilingen. De Amerikanen klaagden over de slechte kwaliteit van hun auto's uit Detroit, de ondeugdelijkheid van hun bestuur en Japan verving de Sovjet-Unie als nationale dreiging. De nationale malaise is ontstaan tijdens de Vietnamoorlog en de rassengeschillen van de jaren zestig maar bereikte zeker niet haar dieptepunt tijdens Watergate.

De nationale stemming zakte eind jaren zeventig nog dieper onder president Carter die als democratische nieuwkomer in Washington, het land juist moeseinigen van het Watergateschandaal. Carter maakte de 'malaise' tot zijn politieke thema maar de Amerikaanse kiezer hoort niet graag slecht nieuws over zichzelf. Reagan won de verkiezingen door te zeggen dat de kiezers die niet aan zichzelf maar aan hun leiders te wijten hadden. In het Reagan-tijdperk kon Amerika zich verlustigen in de feesten, in berichten over de dure bezigheden van plutocraten. De Amerikaanse defensiebegroting steeg tot historische hoogte. Militairen kregen nieuw aanzien. De oude Vietnamfi werden geevenaard door films over militaire helden zoals The right stuff en Officers and Gentlemen.

Het uniform kreeg weer bekoring. Toch liep deze glorie aan het einde van het Reagan-tijdperk vast in het Iran-contra-schandaal waarbij adviseurs van het Witte Huis illegaal wapens aan Iran leverden om geld in te zamelen voor de Nicaraguaanse contra's. Door spectaculaire onthullingen over de aanschaf van asbakken van vierhonderd dollar en hamers van negenhonderd dollar raaktet Pentagon de slechte naam van Vietnam niet kwijt. Bij de invasie van Grenada in 1983 hielden een paar honderd primitief bewapende Cubaanse werklieden het dagen lang uit tegen een enorme Amerikaanse armada. De verkiezingen van 1988 hadden geen duidelijk thema zoals die van 1980. Bush werd gekozen bij gebrek aan beter.

De overwinning in de Golf heeft een einde gemaakt aan het imago van de klungelende bureaucraat in uniform. Daarvoor in de plaats staat hoog op zijn voetstuk de televisie-genieke generaal Schwarzkopf in zijn rol van ruwe bolster, blanke pit. Er waren pogingen om de mentaliteit van het nieuwe Pentagon over te planten naar andere overheidsdepartementen maar daarvoor stellen de Republikeinen te weinig belang in de rol van de overheid. Ook in de begroting van het Pentagon wordt nu flink gesneden. Amerika zal in de toekomst een dergelijke grootscheepse operatie in de Golf niet zo goed meer aan kunnen. Amerika wil graag leider van de Westerse wer zijn zonder de bijbehorende kosten.

De onveranderlijkheid van de conflicten in het Midden-Oosten zal de Golfoorlog snel in vergetelheid brengen. En generaal Schwarzkopf, groot gemaakt door gecensureerde televisie zal door ook die zelfde televisie weer worden vergeten. Historische generaals als Eisenhower, Omar Bradley, Patton, Mc Arthur hadden geen televisieverslaggevers aan hun lippen maar meer geduchte tegenstanders.