Plan voor hervorming economie SU in de maak

MOSKOU, 13 JUNI. Een groot deel van de 100 tot 175 miljard dollar die de Sovjet-Unie de komende vijf jaar denkt nodig te hebben voor invoering van een markteconomie, moet worden gestoken in de aanschaf van consumptiegoederen en de subsidiering van sociale voorzieningen. In ruil dient Moskou garanties te geven voor verdere democratisering van de overheid en voor privatisering van het bedrijfsleven.

Dit is de kern van een hervormingsplan dat de Russische econoom Javlinksi met enkele Amerikaanse collega's opstelt; enkele hoofdlijnen zijn vandaag door de Financial Times gepubliceerd.

In de eerste tweeeneenhalf jaar moet de Sovjet-Unie als geassoci(rd lid van het Internationaal Monetair Fonds en de Wereldbank jaarlijks tussen de 20 en 35 miljard dollar hulp krijgen. Die zal dan onder toezicht van IMF en Wereldbank wordt aangewend voor de invoer van voedsel en de opvang van de dreigende massawerkloosheid.

Zo denken de opstellers van het plan de terugval in de produktie te kunnen compenseren en een goed sociaal klimaat voor de overgangsperiode te scheppen.

Tegelijkertijd verplicht Moskou zich tot het zetten van stappen die moeten leiden naar de inwisselbaarheid van de roebel en privatisering van de kleine en middelgrote bedrijven.

Pag. 25:

Plan weerspiegelt wat in feite al gebeurt

Volgens de plannenmakers moet de Sovjet-regering drastisch snijden in het begrotingstekort dat dit jaar dreigt op te lopen tot ruim 120 miljard roebel (officieel 120 miljard gulden). In de daarop volgende drieenhalf jaar moet de convertibilit van de munt een feit worden, moet ook de grote industrie worden geprivatiseerd en moeten de prijzen definitief worden vrij gelaten. Naarmate het proces voortschrijdt, kan de kwantitatieve omvang van de hulp worden verminderd. Het merendeel van de Westerse hulp, die ten dele bij particuliere banken moet worden geleend, zal in dat stadium worden gebruikt om de koers van de vrije roebel enigszins op peil te houden.

Het meest essentiele in het programma van Jinksi is politiek van aard. Zonder een nieuw unieverdrag, dat de Sovjet-Unie als staatkundige en economische eenheid bijeen moet houden, kan er geen sprake zijn van deze miljardensteun uit het Westen (en Japan). Met dit plan hopen de architecten de topconferentie van de zeven industriele grootmachten (G-7) volgende maand in Londen te kunnen overreden tot medewerking.

Deze hoofdlijnen van het programma van Javlinski, Jeffrey Sachs (adviseur van de Poolse regering) en enkele andere economen van Harvard lijken het werkelijke plan overigens maar ten dele te dekken.

De discussie over het hervormingsbeleid in de Sovjet-Unie en eventuele steun uit het Westen gaat nu namelijk niet meer alleen over de macro-economische randvoorwaarden maar meer over concrete projecten.

In Moskou groeit de laatste tijd het besef dat de Sovjet-Unie niet zozeer geld nodig heeft als wel technologische kennis en specifieke investeringen. De Russische leider, Boris Jeltsinbijvoorbeeld heeft zich de laatste weken enigszins gereserveerd uitgelaten over de inspanningen van Javlinski, ook al zei hij deze econoom ten volle te steunen.

De nu door de Financial Times gepubliceerde hoofdlijnen onderscheiden zich bovendien in niets van de feitelijk ontwikkelingen in de Sovjet-Unie zelf. Ze weerspiegelen exact wat op dit moment al gebeurt.

Het voornemen om de markteconomie gefaseerd en niet via een 'shock-therapie' in te voeren, wijkt bijvoorbeeldniet af van het beleid dat de Russische regering van premier Ivan Silajev en de aanstaande president Boris Jeltsin wil voeren. Ook in hun programma is sprake van een onderscheid tussen privatisering van de landbouw en de middelgrote industrie enerzijds en de zware sectoren anderzijds. De garantie dat er in de Sovjet-Unie binnenkort verkiezingen zullen worden gehouden voor de nieuw te creeren staatsorganen is anderhalve maand geleden al zwart op wit vastgelegd in het akkoord dat Gorbaov, Jeltsin en de regeringsleiders van de acht andere republieken toen sloten. Gorbatsjov preludeerde daar gisteren wederom expliciet op.

De voorwaarde dat er een unieverdrag moet zijn, op basis waarvan het hervormingsbeleid kan worden uitgevoerd, is eveneens gemeengoed in Moskou. Zowel Jeltsin als Gorbatsjov toont zich de laatste tijd optimistisch over de kansen voor zo'n verdrag. De overige republieken (inclusief de 'onafhankelijke' staten als Litouwen, Letland, Armenie en Moldavie) hebben zich reeds achter de hoofdlijnen van de nieuwe economische koers geschaard. Alleen de structuur van het belastingsysteem is nog onderwerp van meningsverschil. Jeltsin wil dat de republieken alle belastinggen heffen, Gorbatsjov wil ook op centraal niveau blijven innen. Beide leiders verwachten niettemin dat het nieuwe unieverdrag in juli kan worden ondertekend.