NS-studie op fijnmazig spoornet in Randstad

UTRECHT, 13 JUNI. In opdracht van het ministerie van verkeer en waterstaat onderzoeken de Nederlandse Spoorwegen de mogelijkheid van een zeer druk bereden spoornet in de Randstad. Op het bestaande net rondom Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht zouden veel meer regionale stoptreinen moeten gaan rijden.

Uitvoering van de nog zeer prille plannen, waarvan het blad Openbaar Vervoer deze week melding maakt en die door NS en het ministerie worden bevestigd, kost enkele miljarden guldens. De zogenaamde Randstadtrein zou op korte afstanden vier tot acht keer per uur moeten gaan rijden. Dat is aanzienlijk meer dan tot nu toe werd voorgesteld in het uit 1988 daterende toekomstplan van de Nederlandse Spoorwegen, Rail 21. Een dergelijk Agglo-Regio-net zou 50 nieuwe stations moeten krijgen.De spoorwegen schreven in Rail 21 nog dat het stads- en streekvervoer zelf initiatieven moet nemen om betere regionale verbindingen tot stand te brengen. Als wordt besloten de plannen voor een Randstadspoornet door te zetten, zou dat een deel van de geplande uitbreiding van metro en sneltramnetten van de vier grote steden overbodig kunnen maken.

De streekvervoerbedrijven en Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht hebben het rijk in totaal 16 miljard gulden gevraagd om hun plannen te kurealiseren. Een Randstadspoornet wordt beschouwd als een aanzienlijk goedkopere oplossing om de knelpunten in het openbaar vervoer in de regio en rondom de grote steden op te lossen.