Kuijten weer met HCS aan de haal; 'Afscheidscadeau' blijkt achteraf een duur snoepje

ROTTERDAM, 13 JUNI. Er is iets vreemds aan de hand met automatiseringsbedrijf HCS. De directie is steeds enthousiast over nieuwe ontwikkelingen, maar uit de koele cijfers blijkt dat het bedrijf vecht om zijn voorbestaan. Nu is er weer een gouden deal': het bedrijf zou de financiele problemen in een keer hebben opgelost. Het goud dat er blinkt is alleen waarschijnlijk niet voor de aandeelhouders maar voor de man achter HCS, drs J.J. Kuijten.

Een verklaring voor de situatie waarin HCS zit, ligt in een ontmoeting in het jaar 1988. De toenmalige president-directeur van HCS, Kuijten, gaat dan op zoek naar uitbreiding van zijn bedrijf. Hij stuit daarbij op het Duitse Infotec, een Europese distributeur van kopieerapparaten en faxen waar 1500 mensen werken en dat ruim een half miljard gulden omzet per jaar boekt. Het bedrijf is van Hoechst en die wil er wel van af, op voorwaarde dat er toekomst is voor de werknemers die zich veilig wanen onder de vleugels van de chemiereus.

Hoechst wil het bedrijf alleen verkopen aan een bedrijf dat aan Infotec iets kan toevoegen, zoals een mondiaal netwerk. Dat kan HCS niet want het bedrijf heeft alleen vestigingen in de Benelux.

Achteraf is het geen wonder dat in april 1989 Kuijten in het hoofdstedelijke L'Europe zo'n uitgelaten indruk maakt. Hij is er dan in geslaagd om aan de voorwaarde van Hoechst te voldoen. HCS kan de Amerikaanse distributeur Savin overnemen. “Het is te gek om waar te zijn. HCS is erin geslaagd een Amerikaans beursfonds met 2000 mensen over te nemen”, juicht Kuijten. “Ik wilde HCS nog wat extra's meegeven, want het is al moeilijk genoeg om aan een bedrijf in de groeifase leiding te geven.' Met de laatste stelling slaat Kuijten de spijker op de kop. Kuijten is dan al zijn aandelen HCS kwijt en moet al geweten hebben wat de huidige directeuren Van den Boogaard en Sanders nu openlijk vertellen: HCS is onder onjuiste vlag van hightech-bedrijf naar de beurs gebracht. De verwachtingen die toen zijn gewekt kunnen niet worden waargemaakt.

De taak voor Sanders en Van den Boogaard is in 1989 al bijna onmogelijk.

Kuijten heeft voor zijn vertrek ook de reputatie van HCS nog gedeukt door een bedrijf, Microlife, eerst zelf te kopen en met winst - en achteraf gezien veel te duur - te verkopen aan HCS.

Vanwege de Microlife-affaire is Kuijten naar de achtergrond geschoven, naar nu blijkt maar voor zeer tijdelijk. In de tussentijd mag HCS werken aan de deal met Infotec, waarom alles draait. De Duitsers happen toe in 1990.

In datzelfde jaar blijkt ook dat het afscheidscadeau van Kuijten, Savin, een duur snoepje is geweest om Hoechst te lokken. Dit Amerikaabedrijf blijkt nu in ernstige moeilijkheden te verkeren. HCS werkt nog aan herstel en zoekt partners in Amerika maar de situatie is zo ernstig dat er waarschijnlijk alleen lijkenpikkers op af zullen komen. En dat betekent net als bij eventuele liquidatie dat er van de oorspronkelijke investering van 130 miljoen gulden weinig zal overblijven. Wanneer HCS partners vindt, is het grootste voordeel dat de geldstromen richting Amerika kunnen worden beperkt.

Sinds HCS in april van dit jaar bekendmaakte dat de winst lager was dan voorspeld en het jaar 1990 werd afgesloten met amper zeven procent eigen vermogen, is het rondom het bedrijf niet meer stil geweest. HCS heeft te weinig eigen vermogen om een drama als de liquidatie van Savin te kunnen dragen.

Savin moet dus gered worden om het HCS-vermogen niet verder te laten slinken. Te meer daar dit vermogen niet bestaat uit normaal risicodragend vermogen, maar uit een zogenoemde achtergestelde converteerbare obliegatielening. De accountants vinden het goed dat HCS dit onder het eigen vermogen rekent, maar het nadeel is dat, wat er ook gebeurt, HCS rente moet blijven betalen. Het afgelopen jaar is daarvan een voorbeeld. Normaal zou een bedrijf er niet over piekeren om onder deze omstandigheden aandeelhouders dividend te betalen. Maar het specifieke 'eigen vermogen' van HCS vereist dat op de obligatielening rente wordt betaald. Uit de leger wordende kassen heeft HCS 4,6 miljoen gulden aan de houders van de converteerbare obligaties uitgekeerd.

Er is bij HCS dus op vele manieren een voorschot op de toekomst genomen. Kuijten heeft het bedrijf met onredelijke verwachtingen naar de beurs gebracht. Op basis van die verwachtingen kochten de beleggers de dure aandelen van Kuijten. Toen heeft hij HCS het te dure bedrijf Microlife in de maag gesplitst en met de emissie van een converteerbare obligatielening heeft hij opnieuw een voorschot op de toekomst genomen. Beleggers hapten vanwege fiscale voordelen, maar nu het bedrijf in nood zit zou het natuurlijk veel beter af zijn met gewone aandelen.

Het bedrijf is ontredderd. Financieel directeur Sanders heeft een eind gemaakt aan alle trucs die de boekhouding vertroebelden. Hij vindt het maar vreemd dat de beurs reageert met lagere koersen. “Ik heb toch schoon schip gemaakt?”, vraagt hij zich af. Sanders lijkt daarmee op een kapitein die een roestend cruiseschip heeft schoonaakt. Hij is nu verbaasd dat de passagiers niet geimponeerd zijn door de schoonheid, maar afgeleid worden door het roest.

Gelukkig staat reder Kuijten die het roestige schip in volle zee heeft gestuurd, nog aan de kant. Hij heeft zijn interesse in Infotec behouden. En de vraag komt op: is Kuijten bevangen door filantropie?

Dat ligt historisch gezien niet voor de hand. De reden voor de 'steunoperatie' moet gezocht worden in het bezoek dat Kuijten in 1988 heeft gebrachan Infotec. Zijn eigen bedrijf Reiss & Co zou Infotec nooit van Hoechst hebben kunnen kopen. Daarvoor had hij HCS nodig. Nu kan hij de meest gunstige condities bedingen.

Maar tegelijk is hij ook weer terug in HCS. Hij garandeert de helft van een claimemissie van honderd miljoen gulden, die de vermogenspositie sterk zal verbeteren. Dit lijkt genereuzer dan het is. Wanneer de koers laag is zullen de meeste bedrijven geen aandelen uitgeven uit pieteit met de bestaande aandeelhouders. Zij hebben tegen een hogere koers gekocht en zien dan iemand binnenkomen die voor weinig geld zeggenschap opbouwt. Kuijten is daarmee voor de zoveelste keer zijn medebeleggers te slim af.