Raad Enkhuizen boos over uitgaven college

Een deel van de gemeenteraad van Enkhuizen is kwaad op het college van B en W omdat dit uitgaven doet waarvoor pas achteraf goedkeuring wordt gevraagd. In een brief aan minister Dales van binnenlandse zaken vragen VVD, SGP, Enkhuizer Belang, Gemeentebelangen en de Vrije Poorter deze handelwijze te onderzoeken.

Het Tweede-Kamerlid mr. J.G.C. Wiebenga (VVD) heeft naar aanleiding van klachten van de oppositie in Enkhuizen al vragen gesteld aan staatssecretaris Nauta-De Graaff van binnenlandse zaken. Wiebenga wil onder meer weten of er een leemte is in de Gemeentewet waardoor B en W kennelijk zonder toezicht uitgaven kunnen doen. Ook Gedeputeerde Staten van Noord-Holland bestuderen de kwestie.

De partijen zeggen dat burgemeester en wethouders de afgelopen twaalf maanden zeker vijftien keer uitgaven hebben gedaan waarvoor de raad vooraf geen goedkeuring had gegeven. De raadsmeerderheid van PvdA, CDA en Verenigd Links (tien van de zeventien zetels) valt het college waaraan zij wethouders heeft geleverd nooit af en keurt dit soort uitgaven achteraf goed, aldus de oppositie, die meent dat hiermee de Gemeentewet wordt overtreden.

Het ging om uitgaven met een totaal van ruim 3,5 miljoen gulden. Het betrof onder meer de aankoop van stoelen voor de werkkamer van de wethouder van financien, de restauratie van het orgel in de Zuiderkerk en subsidie voor de lokale omroep. Maar ook de 2,6 miljoen die nodig waren voor het bouwrijp maken van een terrein werden pas achteraf aan de raad gemeld.

Burgemeester D.J. Kraajenbrink (CDA) vindt dat de oppositie op iedere slak zout legt. "Het is een politiek stuntje, je bent niet voor niets oppositie." Dat in Enkhuizen niet democratisch wordt gewerkt bestrijdt hij. "AI die uitgaven zijn van tevoren in commissies besproken, er is niets gebeurd waarvan de raad niet op de hoogte was." De commotie over zijn gemeente vindt hij overtrokken. "Uiteindelijk is de gemeenteraad het hoogste orgaan", aldus Kraajenbrink.