IOC sluit Nederlands dopinglab

BIRMINGHAM, 12 JUNI. De medische commissie van het Internationaal Olympisch Comite heeft gisteren in Birmingham het dopinglaboratorium van Utrecht geroyeerd. De aanvraag van Tilburg voor Olympische erkenning werd geweigerd. De redenen hiervoor zijn de onvoldoende wetenschap en technologie voor onderzoeken van urinemonsters volgens de strenge normen van het IOC.

Voor professor Van Rossum er met ruzie vertrok, had het laboratorium in Utrecht de Olympische accreditatie wel. Vorig jaar, dens een vergadering in Belgrado, besloot de medische commissie de Nederlandse stad te schorsen. De universiteit kreeg een jaar de tijd de zaak op orde te brengen. Dit was moeilijk, mede doordat het ministerie van WVC de subsidie drastisch verminderde. Een achtergrond voor de weigering van het IOC een Nederlands laboratorium te erkennen, ligt wellicht in het gekissebis rond Utrecht en professor Van Rossum, die in Tilburg een nieuw dopingonderzscentrum stichtte. Hij vroeg Olympische erkenning aan met een aanbeveling van IOC-lid Anton Geesink. Het Nederlands Olympisch Comite steunde daarentegen de aanvraag van Utrecht. Voor de uitgebreide dopingonderzoeken zullen de Nederlandse sportbonden voortaan naar Keulen moeten uitwijken, naar het laboratorium van professor Donike, de secretaris van de medische commissie van het IOC. Het IOC ontnam Kreischa de Olympische accreditatie. Van dit laboratorium kwamen vorig jaar schandalen in de openbaarheid. Talloze gedrogeerde sporters uit voormalige DDR werden daar getest voor een veilige gang langs de dopingcontroles bij grote internationale kampioenschappen. Kreischa mag alleen nog binnen Duitsland controles doen. De 20 door het IOC erkende laboratoria zijn: Athene, Barcelona, Beijing, Helsinki, Huddinge (Zweden), Indianapolis, Keulen, Lissabon, Londen, Los Angeles, Madrid, Montreal, Moskou, Oslo, Parijs, Praag, Rome, Seoel, Sydney en Tokio. De Olympisch erkende onderzoekers voerden in 1990 iotaal 71.341 urine-onderzoeken uit; 932 gevallen bleken positief ofwel 1,31 procent.

Met 20 op 503 controles vond Seoel percentueel de meeste overtreders: 3,98, daarna kwamen Montreal 3,31 procent, Barcelona 2,73, Sydney 2,52 en Keulen 1,82. Opvallend was dat bij wedstrijden meer overtreders werden gevonden dan bij onverwachte controles buiten de competities: 1,10 procent tegen 1,31. De Olympische sporten bleken schoner dan de niet-Olympische: 0,99 tegen 1,85. Hiervoor is vooral bobuilding verantwoordelijk met 15 procent betrapten. In de toekomst wil het IOC de urinemonsters vervangen door de bloedtest. Dit voorstel, gedaan tijdens een commissievergadering in Barcelona in april van dit jaar, wordt de komende tijd bestudeerd door een werkgroep onder leiding van IOC's vice-voorzitter Mbaye. De legale en illegale aspecten van de bloedtest zijn nog onvoldoende uitgewerkt. Bovendien zal de atletencommissie zich er nog over moeten uitspreken. Dit gaat nog zoveel tijd vgen, dat bij de Olympische Spelen van volgend jaar in Albertville en Barcelona geen sprake kan zijn van dopingonderzoek door middel van een bloedmonster. In Birmingham werd het Koreaanse wortelextract tegen ouder worden, Ginseng, definitief als “geen dope” aangemerkt. Wel waarschuwde de medische commissie voor de mogelijke toevoeging van anabolica of efedrine aan de producten. Kort na aankomst in Birmingham werd Anton Geesink in kennis gesteld van de beslissien van de medische commissie van het IOC over Utrecht en Tilburg. “Hieruit blijkt dat niet de juiste stappen zijn ondernomen om dit besluit te voorkomen”, zei hij. “Ik kan mij niet voorstellen dat wat eens is geweest niet meer terug te krijgen is. De fout ligt in de procedure die gevolgd is door het Nederlands Olympisch Comite en het Nederlands Centrum voor Dopingvraagstukken (NeCeDo).”

“Voor zoiets belangrijks hadden gesprekken gevoerd moeten worden met mensen die belangrijk zijn, zoals professoDonike, de secretaris, en Prins Alexandre de Merode, de voorzitter van de medische commissie. Als je een dopinglaboratorium wilt hebben, kan men zich niet beperken tot het schrijven van een brief.” Geesink had het eveneens niet abnormaal gevonden wanneer hij als IOC-lid bij deze zaak was betrokken, omdat het een IOC-zaak betrof. “Ik ben nog steeds blij, dat ik onlangs met het dopingconvenant gekomen ben. De afwijzing van Utrecht of Tilburg, ik had geen voorkeur, vind ik een droevige zaak.” De voortrekker van de Olympische Beweging voegde er nog aan toe wel in meer zaken teleurgesteld te zijn, zoals het niet doorgaan van de Olympische Academie en het ontbreken van Nederland op de Internationale Olympische Academie. In Birmingham kiest het Internationaal Olympisch Comite voor het laatst autonoom de lokatie voor komende Olympische Spelen, c.q. de Winterspelen van 1998. Voor de Zomerspelen van 2000 mogen de internationale ortfederaties, de nationale Olympische Comite's en de atletencommissie meestemmen. Zij worden er in 1993 tijdens de sessie in Monaco waarschijnlijk bij betrokken. In Birmingham werd een werkgroep samengesteld, die de komende jaren gaat bekijken op welke manier de stemverhouding moet komen te liggen. Tot op heden was de toewijzing een exclusieve aangelegenheid voor de IOC-leden, deze week in Birmingham 92 in getal.