India naar stembus voor uitgestelde verkiezingen

NEW DELHI, 12 JUNI. In India is vandaag de tweede ronde begonnen van de parlementsverkiezingen, die was uitgesteld na de moord op de voormalige premier Rajiv Gandhi drie weken geleden.

Er werden vandaag verkiezingen gehouden in 113 districten, vooral in het westen van India in de provincies Rajastha Maddhya Pradesh, Bihar, maar ook in de kleinere provincies in het noordoosten. De verkiezingen ondervinden veel hinder van de moessonregens, waardoor de verbindingen in veel gevallen zijn ontwricht. Dit zal de opkomst van de kiezers zeker benvloeden, die vermoedelijk toch al niet zo hoog zou zijn geweest wegens het warme weer in dit jaargetijde en het algemene ongenoegen ondr de Indiase bevolking over het functioneren van de politieke partijen. De verkiezingen die vandaag en zaterdag worden gehouden, werden kort na de moord van 21 mei op Rajiv Gandhi in de zuidelijke provincie Tamil Nadu vastgesteld. Een dag daarvoor was de eerste ronde van de verkiezingen geweest, waarbij ongeveer veertig procent van het electoraat zijn stem kon uitbrengen. Tot dan toe had de campagne zich vooral gericht op de kwesties van het hindoesme, kaste en de sociaal-economische onrust die van beide zaken het gevolg is. Rajiv Gandhi was niet alleen de enie stemmentrekker voor zijn Congrespartij in het hele land, hij was ook in staat om zichzelf en zijn partij te presenteren als het enige geloofwaardige alternatief voor de sterk opgekomen hindoestische Bharatiya Janata Partij (BJP). Na Gandhi's nederlaag in 1989, toen zijn partij slechts 195 zetels in het 545 leden tellende parlement overhield, gaven alle opiniepeilingen nu een overwinning aan voor de Congrespartij, zonder dat die partij overigens de absolute meederheid zou verwerven. De moord op Gandhi in Sriperumbudur heeft dit alles totaal veranderd. Niet alleen werd de Congrespartij hierdoor beroofd van zijn enige charismatische leider, ze maakte de zaken nog erger door Gandhi's weduwe Sonia te benoemen tot partijleider. Deze bedankte echter voor de eer en vervolgens kostte het geruime tijd alvorens men in staat was om een opvolger voor Gandhi te vinden in de persoon van P.V. Narashima Rao. De verwachte golf van sympathie voor de Congrespartij wer vervolgens de voornaamste zorg voor alle partijen bij het vervolg van de verkiezingen.

Ze herinnerden zich hoe ook in 1984 na de moord op premier Indira Gandhi de Congrespartij van de toen nog onbekende Rajiv 425 zetels kreeg in het parlement, de grootste overwinning die een partij in het onafhankelijke India ooit had behaald. Zou dit evenwel voor herhaling vatbaar zijn? De algemene indruk was van niet, vooral omdat er nu geen nieuwe telg van de Gandhi-dynastieklaar stond om de fakkel over te nemen. Terwijl de Congrespartij desondanks vooral bleef hopen op sympathiestemmen, besloot de BJP niets aan het toeval over te laten. Drie dagen na de dood van Gandhi kozen ze als voornaamste leus 'stabiliteit'. De Congrespartij was des duivels: 'stabiliteit' uitgerekend op het moment dat de partij in een zichtbare crisis verkeerde. De BJP won hierdoor aan respectabiliteit, die zij tot dan toe had moeten ontberen. Het was belangrijk om respectabel te zjn omdat de bevolking na de moord een afkeer zou hebben van geweld. Met het oog daarop moest de BJP afraken van het imago dat ze onrust stookte wegens haar fundamentalistische opstelling en haar onverdraagzaamheid jegens de islamitische minderheid.

Het Nationale Front en de communisten daarentegen verkeerden in een staat van opperste verwarring. Met het oog op de verzwakking van het centrum en de opkomst van de 'rechtse' BJP stelde de voorzitter van de Janata Dal, Bommi, de Congrespartij voor om tot “een herschikking van de politieke krachten” van het land te komen. De voorzitter van de communistische CPI, Namboodiripad, ging zelfs zo ver de Congrespartij uit te nodigen tot overleg over de zetelverdeling in de regering. Deze voorstellen verraadden niet alleen de onrust wegens de opkomst van de BJP maar ook onzekerheid over hun eigen toekomst. De campagne van de afgelopen weken heeft inderdaad nog geen golf van sympathie te zien gegeven. De enige uitzondering hierop vormt het zuiden, waar velen zich haast schuldig lijken te voelen voor het feit dat Gandhi in hun deel van het land is gedood.