Geld voor monument op oud Hollands slaveneiland

ROTTERDAM, 12 JUNI. Unesco heeft de wereld gisteren opgeroepen Senegal te steunen bije oprichting van een monument op het eiland Goree ter nagedachtenis van de slavenhandel.

Goree, gelegen voor de kust van Dakar en in 1588 door de Hollanders op de Portugezen veroverd, fungeerde eeuwenlang als overslagplaats voor slaven die uit de binnenlanden van Afrika op transport werden gezet naar Amerika. De zeventiende-eeuwse Hollandse schouw in het nog steeds bestaande slavenhuis op Goree vormt een tastbaar bewijs van de Hollandse veroveringsdrang, evenals het veedigingsfort 'Nassau' en de naam van het eiland - een verbastering van 'Goede Reede'. Het eiland is later overigens in Engelse en Franse handen overgegaan. De Senegalese overheid wil nu op het meest westerse puntje van Goree een monument oprichten om de wereld te blijven herinneren aan de slavenhandel, aan 'de grootste genocide in de geschiedenis'. Het monument zal een museum bevatten voor de rechten van de mens, een cultureel complex voor de jeugd en e onderzoekscentrum voor de geschiedenis van de slavernij. Volgens Gerti Messeling, medewerkster van het Afrika Studie Centrum in Leiden, praat Unesco al jaren over een monument. Het eiland is de afgelopen decennia uitgegroeid tot een bedevaartoord voor zwarte Amerikanen die er, vaak vol sentiment, op zoek gaan naar hun wortels. Unesco, de VN organisatie voor onderwijs, wetenschap en cultuur, heeft Goree in 1978 tot beschermd gebied verklaard. Unesco kon voorkomen dat het eiland door ClubMed zou worden omgebouwd tot een vantieparadijs. Volgens Messeling kampt Goree met een hoge werkloosheid en flink wat drugsgebruik, met name onder de jongere bewoners van het eiland.