Aids-'vaccin' blijkt weerstand te verhogen

ROTTERDAM, 12 JUNI. Een op mensen uitgeprobeerd AIDS-vaccin heeft bij 19 van de 30 vrijwillig deelnemende seropositieveeer weerstand tegen het AIDS-virus verschaft. Dit is het eerste belangrijke resultaat van proeven met AIDS-vaccins bij mensen. Een verslag van het 18 maanden durende onderzoek, uitgevoerd aan het Walter Read Army Medical Centre in Rockville, Maryland, verschijnt morgen in The New England Journal of Medicine. De onderzoekers weten alleen nog maar dat het afweersysteem van hun seropositieve proefpersonen is verbeterd, niet of ze later AIDS zullen krijgen en of zanger zullen leven.

Het onderzoek is een zogenaamde fase-I studie waarin bij een beperkt aantal vrijwilligers in eerste instantie wordt gekeken of een nieuw medicijn giftig is. Daarna komt pas onderzoek naar de werking. De proefpersonen waren echter allemaal seropositief (besmet maar nog niet ziek), zodat de reactie van hun afweersysteem wel kon worden gemeten.

Het geteste vaccin bestaat uit het eiwit gp160 in de mantel van AIDS-virus. Mensen die met het AIDS-virus besmet raken, maken van nature afweerstoffen tegen dit eiwit, maar kennelijk niet genoeg om het virus ook uit te schakelen. Bovendien wordt het afweersysteem van AIDS-patienten door het virus langzaam maar zeker stilgelegd. Er zijn momenteel veel verschillende AIDS-vaccins in ontwikkeling en inmiddels worden er ettelijke op mensen uitgeprobeerd. Deze vaccins zijn niet bedoeld om de hele bevolking tegen besmetting in te enten, maar om bij seropositieven het afweersysteem zo op te peppen (te booen) dat het virus wordt onderdrukt. Er wordt druk gespeculeerd of het virus hiermee ook kan worden uitgeroeid. Sommige onderzoekers denken dat seropositieven levenslang een onderhoudsdosering van het vaccin zullen moeten spuiten. Het begrip vaccin krijgt hiermee overigens een andere inhoud.