Het goddelijke in Otto Duintjer

Aan de rand van mijn blikveld, zondagavond, Ned.3, 23.05-23.30u.

Wat voor geestelijke ervaringen heeft iemand die uit een zwaar-christelijke familie komt, in zijn studententijd het geloof vaarwel zegt, wijsbegeerte gaat studeren en meent dat het athesme zijn eindstation is. Die vraagt komt, althans voor wat de persoon van de Amsterdamse filosofie-beoefenaar prof.

dr. O. D. Duintjer betreft, aan de orde in het IKON-programma Aan de rand van mijn blikveld dat zondagavond wordt uitgezonden.

Aan de rand is een serie van drie portretten en twee documentaires van Age Klamer en Rene van Riessen over de wereld die achter het rationele denken van velen zou liggen.

In de portretten gaat het om een paar mensen met transcendente of mystieke ervaringen, de vorm die zij daaraan geven en hoe zij die aan anderen proberen over te brengen. In het eerste programma vertelt Otto Duintjer over zijn bovenrationele ervaringen en probeert hij te verwoorden dat spiritualiteit en mens-zijn nauw met elkaar samenhangen. Het is alsof hij wil zeggen dat spirituele verdieping een voorwaarde voor echte menswording en voor humaniteit is. Hij doet dat met een zekere serene verve, maar zegt niets (ook zijn ondervrager is daarin blijkbaar weinig genteresseerd) over wie en wat hij - anders dan in geestelijke zin - is.

Navraag daarover levert op dat Duintjer hoogleraar in de metafysica en de kennisleer en in de geschiedenis daarvan is aan de Universiteit van Amsterdam. Alsook dat hij zich vooral verwant voelt met de filosofen Immanuel Kant (1724-1804), Ludwig Wittgenstein (1889-1951) en de mystieke wijsgeer Martin Heidegger (1889-1976) en omtrent zichzelf meende dat hij in het athesme zou blijven steken. Totdat hij - op bijna veertigjarige leeftijd - de sensatie ondervond dat hij 'achter de dingen' kon kijken en zich van het goddelijke in hem gewaar werd. Het was 'of ik ophield als persoon te bestaan', zegt hij, 'alsof ik opging in de ruimte om mij heen'.

Zo kwam er een cesuur in het leven van de hooggeleerde Duintjer. Hij werd zich er, onder andere in India, van bewust dagelijks in de stilte contact (hij noemt dat 'een pilletje voor elke dag') te kunnen hebben met de andere, minder hectische kant van het bestaan. Uitzonderlijk is dat natuurlijk niet want hele volksstammen - ook in Nederland - doen tegenwoordig aan meditatie. Maar misschien wel bijzonder in die zin dat Duintjers ervaringen hem terugbrachten bij de bron van bijbelse wijsgerige waarheden. Die maakten dat hij zich in maatschappelijke zin anders, minder ik-gericht ging voelen. Ook het onderwijs van de momenteel 58-jarige, nu minder goddeloos sprekende maar inmiddels 'wegbezuinigde'

filosofiedocent, werd - zo herinneren sommige van zijn studenten zich - daarvan doordrenkt doordat hij het bereikt had over de rand van zijn blikveld heen te kunnen kijken.

Zulke overstijgingen prikkelen de nieuwsgierigheid en vooral de vraag welke blikopeners en blikverruimers de IKON voor de rest van zijn serie nog in petto heeft.