Handen af van het CS!

Nog zo'n verschijnsel: de periodiek terugkerende verontwaardiging.

Zaken, kwesties waaraan niets meer te doen valt, wekken opeens weer de volkswoede. Soms kan ik dat begrijpen, ik doe er aan mee, het is een weldaad om in het gezelschap van gelijkgezinden m'n hart te luchten, ja, we zijn het gloeiend met elkaar eens: dat had nooit mogen gebeuren! De tijd vliegt.

Het best bevalt het me, in die verontwaardiging te delen als de sloop van de Galerij op het Frederiksplein en de bouw van de Nederlandsche Bank ter sprake komen. Als we geluk hebben zitten we dan de hele avond in grenzeloze woede bij elkaar.

Maar soms gaat het anders. De tijd voor een periodieke uitbarsting over het een of ander is weer aangebroken en dan hoor je plotseling dat de mensen het volstrekt bij het verkeerde eind hebben. De generaties hebben elkaar nagepraat, ze hebben zich zo door het genot van hun verontwaardiging laten meeslepen dat ze waarheid en werkelijkheid in hun verhitte koppen hebben laten verdampen. Zo gebeurt het als het Amsterdamse Centraal Station ter sprake komt.

De gevestigde verontwaardiging wil dat dit station op de verkeerde plaats staat, dat de stad van haar levenswater is afgesneden, dat het weidse uitzicht op IJ verloren is gegaan, enz. Is dat waar? Laten we het eens in alle objectiviteit bekijken.

Op het gebied van wijd open water is het IJ niet wat het geweest is. Oceaanstomers zijn er niet meer, de grote vrachtvaart meert af in het Westelijke Havenbekken en aan de overkant ligt het misdeelde Amsterdam Noord. Het IJ is niet het enige water dat door de ontwikkelingen in de scheepvaart is getroffen. Ook op de Maas waar die het centrum van Rotterdam doorsnijdt, zie je nog maar weinig zeekastelen. Het Newyorkse Battery Park biedt uitzicht op de zee en het Vrijheidsbeeld, maar de enige schepen die er nog varen zijn het veer naar Staten Island en de bootjes van de Circle Line.

Jawel, zult u zeggen, maar de Newyorkers zijn in ieder geval niet zo dom geweest, hun station in Battery Park te bouwen.

Nee, dat zou wel heel dom zijn geweest zoals een blik op de kaart van Manhattan leert. Het Grand Central staat midden in de stad, half onder de grond. Van binnen is het majesteitelijk mooi, maar als je buiten komt, raak je verloren in het samenstel van straten en avenuen dat juist daar onoverzichtelijk is.

De vreemdeling die per trein in Amsterdam aankomt, via het Muiderpoort- of Amstel Station, raakt betoverd. Voor zijn ogen ontwikkelt zich het Amsterdamse panorama van water en torens, dan komt hij in het CS, het enige Nederlandse station dat zich kan meten met de grote buitenlandse (en hoe!) en dan, op het plein staat hij voor het Open Havenfront. Er zal in onderhoud weleens iets aan ontbreken, maar als we het over stedebouw hebben is het prachtig. Het Damrak als boulevard is daarna in beginsel evenmin kinderachtig van allure.

Een jaar of tien geleden was er in het Pompidou een tentoonstelling over de grote stations uit de bloeitijd van de spoorwegen. Als het geen ongelukkige beeldspraak was, zou ik zeggen dat zo'n station de navel van de metropool was. U begrijpt wat ik bedoel. Het station was toen begin en eind van avontuur, bolwerk van kosmopolitisme, poort naar de wereld, hoop op ontsnapping uit het benauwde. Auto en vliegtuig hebben daarna het station gemaakt tot een tweederangs instituut, maar die tijd laten we nu snel achter ons. De trein is al gerehabiliteerd, de tempels van de treinen worden in hun mystieke betekenis begrepen. Het Amsterdamse Centraal Station staat dus precies op de plaats waar het moet staan: in het middelpunt van de concentrische cirkels die Amsterdam maken.

Prijs de voorvaderen die zo verstandig zijn geweest het daar neer te zetten!

De verontwaardiging over hun besluit is nu met volle kracht teruggekeerd. Het komt door de geweldige plannen om de IJ-oever te maken tot iets dat alweer 'Manhattan aan het IJ'

wordt genoemd. Hou toch eens op met die gewoonte, bij het dopen van flinke projecten meteen naar een naam te zoeken die aan het buitenland refereert. Het komt er op neer dat, als alles goed gaat, er een boulevard zal worden aangelegd met hoge gebouwen voor appartementen en kantoren. Het lijkt me een uitstekend idee. Wat zou je trouwens anders met die steeds braker liggende terreinen tussen de verroeste rangeerterreinen en het water willen doen?

Onvermijdelijk komt ook het CS 'ter discussie'. Onder de grond ermee, heeft iemand al gezegd. Wat zou je er dan boven willen neerzetten? Nog een toren. Parkje aanleggen. Uitzicht op Amsterdam Noord krijgen. Geen van die alternatieven lijken me een weldaad voor de stad. Afbreken van het CS daarentegen zou een misdaad zijn, een vergrijp tegen een monument van de Verlichting, tegen de Verlichting zelf waarvan we per slot van rekening nog steeds alles moeten hebben. Zonder de Verlichting kunnen we de hele nieuwe wereldorde wel uit ons hoofd zetten.

In een uitstekende bijlage laat Het Parool van 6 juni zien wat Amsterdam en Nederland kunnen verwachten als de beste plannen worden uitgevoerd, maar ook wat er moet worden gevreesd als sommige periodiek verontwaardigden hun zin zouden krijgen (waarop overigens niet veel kans is.) De feiten die aan dit stukje ten grondslag liggen, ontleen ik aan deze bijlage.

Tegen de afgeblate gemeenplaatsen van de domme agitatie tegen het enige echte station dat Nederland rijk is wil ik de variant op een andere gemeenplaats stellen: Handen af van het CS!