Dramaserie Vincent en Theo ruikt naar terpentijn

Vincent and Theo, zaterdagavond, Ned. 1, 23.57-0.48u.

Zonder enig vertoon van trots en op een laat uur, alsof het slechts een doordeweekse aankoop uit het buitenland betreft, begint de VARA vanavond de vierdelige dramaserie Vincent and Theo van Robert Altman uit te zenden - een Europese coproduktie die door de VARA zelf is medegefinancierd. Toen daartoe de contracten werden ondertekend, trad men er graag mee in de publiciteit. Maar nu het resultaat, twee jaar later, voor iedereen zichtbaar wordt, is het stil gebleven. Ik kan hooguit gissen naar de reden: zou men bij nader inzien minder hooggespannen verwachtingen van de kijkdichtheid hebben gekregen?

De serie begint, net als de bioscoopversie van vorig jaar, met beelden van de Zonnebloemen-veiling bij Christie's. De stem van de veilingmeester, die steeds hogere bedragen noemt, gaat monotoon verder, terwijl in beeld de gebroeders Van Gogh verschijnen: Vincent, koppig en ziekelijk op een bed in een groezelige stulp, en Theo, bleek en bezorgd. Als de stem tot 22 miljoen pond is gekomen, hebben Vincent en Theo hun eerste ruzie uitgevochten.

De tv-serie duurt in totaal 200 minuten, de bioscoopfilm ruim een uur minder. Wat op het witte doek gehaast voortsnelde en soms onbegrijpelijke sprongen in de tijd maakte, is op het kleine scherm een meanderende aaneenschakeling van sfeervolle tafereeltjes geworden. Altman neemt er in deze versie alle tijd voor om rond te kijken en alle details in zich op te nemen - van de burgerlijke deftigheid in de Parijse kunsthandel tot de rotte tanden en de vieze vingers van Vincent. Ook de camaraderie tussen beide broers is nu beter uitgewerkt.

Tim Roth en Paul Rhys spelen hun hoofdrollen intens ingeleefd; ze voegen aan de cliches van de bokkige kunstenaar en de dweperige broer heel wat nuances toe die in eerdere Van Gogh-produkties ontbraken. Om hen heen duiken heel wat Nederlandse acteurs op, die zich in dit internationale milieu voortreffelijk staande houden. Jip Wijngaarden is een sterke Sien, de Haagse hoer met wie Vincent enige tijd zijn leven deelde. In een volgende aflevering verschijnt Johanna ter Steege als Jo Bonger, een blozende Hollandse uit de polder.

Kitty Courbois en Jacques Commandeur zijn de calvinistische ouders van Van Gogh.

Robert Altman, die in Hollywood voor eigenwijs doorgaat en dus weinig werk heeft, stelde zich bij deze produktie voornamelijk dienstbaar op. Daardoor is van een hoogst persoonlijke visie op Vincent en Theo geen sprake. Maar de serie ruikt in elk geval veel meer naar terpentijn dan vorige verfilmingen. En de Hollandse duinen heb ik nog nooit zo stug en zo onpittoresk in beeld gezien als hier.