'Democratie komt niet uit de loop van een geweer'; 'Na de apartheid is meer politieke verdraagzaamheid nodig in Zuid-Afrika'

JOHANNESBURG, 8 JUNI. Dr. Oscar Dhlomo was tot afgelopen zomer de tweede man binnen de Inkatha, de Zulu-beweging die in een bloedige strijd is verwikkeld met het ANC, het Afrikaans Nationaal Congres.

Nu is hij hoofd van het 'Instituut voor meer-partijendemocratie', een nieuwe ideele instelling die democratische beginselen predikt in een land dat zich Westers noemt maar dat nog nooit een echte democratie heeft gekend, en waar partijen niet zelden met dwang en geweld aanhang proberen te werven.

Oscar Dhlomo, een rondborstige, langzaam pratende man met baard, oud-onderwijzer, oud-universitair docent, oud-minister van onderwijs in het 'thuisland' Kwazulu en oud-secretaris-generaal van Inkatha, heeft vorig jaar zomer afscheid genomen van de partijpolitiek om zich geheel te wijden aan de democratie.

“Mijn ervaringen als partijpoliticus hebben mij tot de overtuiging gebracht dat dit land na apartheid een meer-partijendemocratie nodig heeft, dat meer politieke verdraagzaamheid noodzakelijk is en dat er een nationale verzoening moet plaatshebben.” Daarom heeft Dhlomo dit jaar het 'Instituut voor meer-partijendemocratie' opgericht, met vestigingen in Durban, Johannesburg en Kaapstad, een met Amerikaans geld gefinancierd instituut dat boven partijpolitiek wil staan.

Het instituut legt democratische beginselen uit aan de basis. Als voorbeeld noemt Dhlomo de cursus politiek leiderschap voor jonge aanstormende politici. “Deze jongeren denken dat ze weten wat democratie is. Ze zeggen de democratie te steunen.

Ze geven democratische verklaringen af. Maar in de praktijk is hun politiek niet democratisch.''

Autoband De meeste politieke partijen in Zuid-Afrika hebben volgens Dhlomo nog heel wat te leren. Het ontbreekt hen aan verdraagzaamheid. “Het komt regelmatig voor dat mensen worden gedwongen lid te worden van politieke partijen. Dat ze worden gentimideerd, dat hun huizen in brand worden gestoken, dat ze een autoband om hun nek geworpen krijgen en levend worden verbrand.”

Het geweld dat sommige zwarte woonoorden rondom Johannesburg tot bloedige slagvelden maakt, is volgens Dhlomo mede het gevolg van een gebrek aan politieke tolerantie. “Partijen proberen aanhang te verwerven. Dat is hun goed democratisch recht. Maar ze doen dat zonder de regels van het democratische spel in acht te nemen.”

Uitzondering vormt, aldus Dhlomo, het blanke parlement, waar alle partijen, op de Conservatieve partij na, zich aan de regels houden. Al zijn het niet de regels van een volwaardige democratie waaraan alle Zuidafrikanen ongeacht kleur en ras deel kunnen nemen. Een dergelijke democratie zal nog wel enkele jaren op zich laten wachten. Eerst moet apartheid volledig worden afgeschaft en zal er een nieuwe grondwet komen.

De laatste belangrijke apartheidswetten - de vroegere steunpilaren van het bewind in Pretoria - zullen naar verwachting spoedig worden ingetrokken. De Landwet uit 1913 en 1936, die 87 procent van de grond voor de blanke minderheid reserveert, de Groepsgebiedenwet, die voorschrijft waar de verschillende rassen moeten wonen, en de Bevolkingsregistratiewet, die de Zuidafrikanen indeelt naar kleur en ras. Deze week schrapte het Zuidafrikaanse parlement al de eerste twee wetten, die op 30 juni formeel komen te vervallen.

Daarna zou het debat moeten volgen over de vraag hoe de nieuwe grondwet moet worden opgesteld. De belangrijkste partijen hebben daar al een voorschot op genomen en zijn druk in de weer met het opstellen van plannen voor een nieuwe constitutie. Het ANC heeft een aantal basisprincipes gepubliceerd om die met 'het volk' te kunnen bespreken. De regering zal binnenkort enkele principes openbaar maken. (De ondervoorzitter van de commissie die van de regering de opdracht heeft gekregen een ontwerp-constitutie op te stellen, was onlangs in Nederland om met een aantal vooraanstaande Nederlandse juristen de bill of rights te bespreken.) Selectie ANC en regering verschillen nog steeds van mening over de wijze waarop de nieuwe grondwet moet worden opgesteld. Het belangrijkste geschilpunt draait om de vraag hoe je de mensen selecteert die de nieuwe constitutie moeten opstellen. Het ANC wil de opstellers direct door het gehele volk laten kiezen, ongeacht ras of kleur. De regering is daar tegen, omdat ze bang is dat dan de kleine partijen, inclusief de blanken, buiten de boot zullen vallen en dus ook hun belangen niet zullen terugvinden in de nieuwe grondwet. Dhlomo constateert echter dat de regering zelf geen duidelijk alternatief aandraagt. “Volgens president De Klerk moeten alle partijen met een bewezen aanhang de nieuwe constitutie helpen opstellen. Maar vraag is natuurlijk hoe je die bewezen aanhang zonder verkiezingen kunt meten.”

Het ANC vindt bovendien dat de huidige regering moet plaatsmaken voor een door het gehele volk gekozen interim-regering als besprekingen over een nieuwe constitutie eenmaal op gang komen. De regerende Nationale Partij van De Klerk kan volgens het ANC nooit tegelijkertijd speler en scheidsrechter zijn. Ze kan niet helpen met de opstelling van een nieuwe grondwet en tegelijkertijd als regeringspartij op het verloop van de besprekingen over een nieuwe constitutie toezien.

De Klerk voelt niets voor een gekozen interim-regering. “De Nationale Partij wil de macht niet loslaten voordat er een nieuwe grondwet is en voordat nieuwe verkiezingen zijn uitgeschreven”, aldus Dhlomo. “Wat het ANC met de gewapende strijd niet lukte, probeert het nu via de vreedzame weg van onderhandelingen te bereiken. Het wil dat de regering de macht afstaat. Als de gewapende strijd van het ANC succesvol was geweest, was er nu niet onderhandeld over de wijze waarop de nieuwe constitutie moet worden opgesteld. Dan had het ANC verkiezingen georganiseerd - als het dat al had gewild.”

Dhlomo gelooft dat de democratie in Zuid-Afrika er bij gebaat is dat niet de gewapende strijd het einde van apartheid heeft bewerkstelligd. “Waar de macht uit de loop van het geweer is gekomen, bestaan geen vrede en democratie. Kijk naar Mozambique, kijk naar Angola.”

Het ANC heeft altijd geweigerd over een nieuwe constitutie te praten zolang de regering niet aan een aantal fundamentele eisen heeft voldaan, zoals de legalisering van het ANC en andere verboden anti-apartheidsgroepen, de opheffing van de noodtoestand, de intrekking dan de belangrijkste apartheidswetten, de vernietiging van de meest omstreden veiligheidswetten, de terugkeer van de ballingen en de vrijlating van alle politieke gevangenen.

Obstakels Dhlomo constateert dat de regering aan een groot aantal eisen tegemoet is gekomen, al zijn er nog obstakels, zoals de vrijlating van de politieke gevangenen. Dat het ANC desondanks ruim twee weken geleden de besprekingen met de regering over een nieuwe constitutie heeft opgeschort, komt volgens Dhlomo doordat zich in het Zuidafrikaans krachtenveld een fenomeen manifesteert waarmee tot een jaar geleden nog niet zo'n rekening hoefde te worden gehouden: het toenemend geweld in de zwarte woonoorden.

“Het ANC zegt nu dat de regering eerst het geweld moet stoppen voordat er gepraat kan worden over een nieuwe constitutie. Volgens ANC heeft de politie deel aan het geweld en is het geweld bedoeld om het ANC te ondergraven nog voordat de besprekingen over een nieuwe grondwet goed en wel op gang zijn gekomen.”

Het besluit van het ANC om de bespreking met de regering op te schorten heeft volgens Dhlomo de positie van de organisatie op sommige fronten versterkt. De regering kijkt nu serieuzer naar het geweld en heeft bij voorbeeld de gewraakte traditionele wapens van de Zulu's gedeeltelijk verboden. Maar op de lange termijn zou de boycot het ANC wel eens schade kunnen brengen.

“Er komt een moment, als alle apartheidswetten zijn afgeschaft en alle internationale sancties tegen Zuid-Afrika zijn ingetrokken, dat de regering niet meer zo happig is op onderhandelingen met het ANC. De Klerk kan dan tegen de wereld zeggen dat hij apartheid heeft afgeschaft. Dat hij alle obstakels uit de weg heeft geruimd. Dat hij alle partijen heeft uitgenodigd voor constitutionele onderhandelingen en dat zj die niet aan de onderhandelingen willen meedoen zichzelf buitensluiten. Dat zijn de lange-termijnrisico's die het ANC neemt door de onderhandelingen over een nieuwe non-raciale grondwet te boycotten.”