Daphne Jongejans zoekt motivatie

AMERSFOORT, 8 JUNI. Er ligt dit weekeinde een heuse oceaan tussen het gewoonlijk onafscheidelijke schoonspringduo Jongejans.

Daphne neemt deel aan de Amersfoortcup waar ze gistermiddag een overwinning boekte op de 1-meterplank. Broer Edwin verbijt zich in Miami. Zijn trainingsachterstand is na een hardnekkige virusinfectie, die hem een maand in bed hield, nog groot, maar zijn motivatie is er niet minder om. Edwin wil ten koste van alles van de zomer in Athene zijn Europese titel op de 1-meterplank prolongeren. “Met in een jaar zowel de wereld- als Europese titel op zak kunnen ze bij de verkiezing van de sportman van het jaar niet om hem heen”, is de inschatting van zijn moeder.

Edwin Jongejans heeft na de met goud bekroonde acrobatiek van Perth een paar beroerde maanden achter de rug. Hij kwam met koorts vanuit Australie in Nederland terug. De zon van Florida zou wel helpen, dacht hij. Maar in Miami bleef de lichaamstemperatuur hoog en de klachten vaag. Uiteindelijk werd vastgesteld, dat hij een virus-infectie had opgelopen. En nog wel een hardnekkige.

“Het lijkt net alsof in de heksenketel van het wereldkampioenschap de symptomen zijn onderdrukt, waardoor hij er later veel meer last van heeft gekregen”, veronderstelt bondscoach Frans van de Konijnenburg, die zijn pupil in Amersfoort node mist. Wessel Zimmermann, die eigenlijk het internationaal voor gezien wilde houden, fungeert als stand-in voor zijn uitziekende collega.

“Het is nu zaak dat Edwin zonder te forceren op krachten komt. Hij springt een heel zwaar programma. Dat kun je alleen doen als je in een heel goeie vorm bent”, aldus Van de Konijnenburg. “Dat herstel is belangrijker dan het Nederlands kampioenschap over twee weken. Edwin laat ook dat schieten.

Hij hoopt zich via wedstrijden in Midden-Europa te kwalificeren voor Athene.''

Voor zus Daphne geldt het omgekeerde. Ondanks een onsje hier en daar teveel is zij in prima vorm. De motivatie is echter het probleem. Achteraf bezien had haar lichaam meer behoefte aan rust dan het maandje, dat zij zichzelf na de WK in Perth gunde. Het ging maar door. Trainen, wedstrijden. Ze speelt dan ook met de gedachte het zomerseizoen te laten schieten. Zeker is het nog niet. De beslissing moet nog vallen, maar als het aan Daphne ligt wijkt de EK van Athene voor de Olympische Spelen van Barcelona, waar zij nog een keer wil schitteren.

In de finale van het 1-meterspringen trof zij naast de vroegere Oostduitse Silke Kruger en de Hongaarse Agnes Gerlach zowaar Hanneke Faber. De uit Houston overgekomen nummer twee van Nederland begon matig, verbeterde zich in de tweede ronde en legde verrassend beslag op de vierde plaats. Een prima steun voor een goede klassering in het landenklassement, waar het in Amersfoort allemaal om gaat.

Van de twaalf deelnemende landen zal Nederland hoogstwaarschijnlijk niet de eerste plaats bezetten. Daarvoor is de bezetting van het torenspringen te mager. Bij de mannen mocht Klaas Jan Ypenburg invallen voor de geblesseerde Glenn Yong. De veertienjarige springer uit Eindhoven was dol enthousiast. Ook al waagde hij zich niet aan het laatste trapje van de toren en sprong hij van het zeven en een halve meter-platform. Bij wedstrijden tegen leeftijdsgenootjes mag hij nog niet van de volledige hoogte.