Agassi BV lijkt in Parijs ook sportief te oogsten

PARIJS, 8 JUNI. Voor het eerst sinds 1954 en voor de derde keer in de historie van Roland Garros wordt de finale om de open Franse tennistitel morgen betwist door twee Amerikanen. Andre Agassi versloeg gisteren in de halve finale Boris Becker in vier sets (7-5, 6-3, 3-6, 6-1), Jim Courier gebruikte hetzelfde aantal sets tegen Beckers landgenoot Michael Stich (6-2, 6-7, 6-2, 6-4). Agassi noemde de triomf 'een stap voorwaarts voor het Amerikaanse tennis'. Maar Becker reageerde nuchter met de opmerking: “Je kunt een land als de Verenigde Staten dat vier spelers bij de top tien heeft moeilijk een zwakke tennisnatie noemen.”

Stich, die volgende week in Rosmalen speelt, steunde op een sterke service (8 aces) maar bracht Courier alleen maar in de tie-break van de derde set, die hij met 10-8 won, in problemen. Stich: “Ik heb geprobeerd wat ik kon. Maar hij verslaat Edberg en staat hier in de finale. Dan heb je niet van een gemiddelde tennisser verloren. Het was hetzelfde als met Boris. Agassi was gewoon sterker.”

Voor Courier wordt Parijs zijn eerste Grand-Slamfinale. Voor Agassi ('88 en '91 Parijs, vorig jaar Flushing Meadow) wordt het de derde poging zijn eerste Grand-Slamtitel binnen te halen. Zelfs kort voor de Franse kampioenschappen op Roland Garros was er nog kritiek op Andre Agassi. “Een man die zijn verantwoordelijkheden niet kent”, meende Richard Evans, woordvoerder van de spelersorganisatie ATP. Een speler van zijn kaliber en met zijn uitstraling zou een voorbeeld-functie moeten hebben. Maar de gemakzuchtige manier waarop de Agassi-industrie van kleding tot zonnebrillen via hoofdsponsor Nike miljoenen vergaart, het zich verschuilen van de Amerikaan achter zijn vertrouwelingen en zijn desinteresse in een serieuze voorbereiding, zijn bij een aantal betrokkenen volslagen verkeerd gevallen.

In belangrijke graveltoernooien als Rome en Monte Carlo arriveerde Agassi dit voorjaar pas de avond voor de dag van de wedstrijd, met als gevolg dat hij geen wedstrijd won. Voor Parijs werden de zaken anders aangepakt. Agassi was ruim vantevoren aanwezig en de metamorfose manifesteerde zich daarvoor ook al in Las Vegas, waar hij voor het eerst thuis verslaggevers ontving. Een categorie die hij als even hinderlijk ervaart als de honderden fans die hem belagen.

Maar in Parijs lijkt de Agassi BV van de gewijzigde aanpak te gaan profiteren en na jaren investeren ook sportief te gaan oogsten met de eerste Grand-Slamtitel. Want de Amerikaan is tegen zijn landgenoot Courier de favoriet. Vorig jaar stond Agassi weliswaar tegen de volstrekte outsider Gomez ook al in de finale, maar zelf meent de Amerikaan: “Toen was ik nog te intimideren. Dat gaat tegenwoordig niet meer. Ik speel gewoon mijn eigen spel.”

Een ander aspect aan de 'veranderde' Agassi is dat zijn gevolg zich niet meer als een schoothondje achter hem aan begeeft.

Trainer Gil Reyes, manager Bill Shelton, coach Nick Bolletieri en zijn broer Phil volgen hem niet meer hinderlijk naar de persconferenties waar Agassi meteen maar de gelegenheid te baat nam eens flink uit zijn slof te schieten. Hij prees Boris Becker voor de geweldige progressie in zijn spel op gravel, vergeleek hun onderlinge confrontaties met een battle en dog-fight, maar bewaarde zijn uitsmijter tot het einde toen hij het gevoel over het bereiken van de finale letterlijk omschreef als: “Ik voel me zo blij als een flikker (faggot) in een onderzeeboot.”

Omarmd als de beste vrienden verlieten beide tennis-coryfeeen het court central, waar Agassi over het net sprong en door Becker werd beloond met de opmerking dat hij goed gespeeld had. “Boris speelt steeds beter op gravel. De dag komt onherroepelijk dat hij ook in Parijs een keer gaat winnen”, meende Agassi, die zich op zijn beurt ook in de Franse hoofdstad steeds comfortabeler gaat voelen. “Het ergste van in Europa spelen is het reizen en vliegen. Wanneer ik verlies neem ik het eerste vliegtuig naar de States. Maar de sfeer is in Parijs zo geweldig, de mensen zijn zo vriendelijk voor me, dat ik me hier volkomen relaxed voel.”

Opmerkelijk genoeg kwam Boris Becker na twaalf dagen tennis in de Franse hoofdstad tot een soortgelijke conclusie. “Toen ik aan dit toernooi begon had ik niet het idee dat ik zou kunnen winnen”, constateerde Becker. “Dat heb ik ook nooit gehad.

Vorig jaar was de sfeer vijandig, het publiek tegen me, maar dat is allemaal veranderd. Ik heb nog nooit zo goed op gravel gespeeld als dit toernooi. Ik gaf mezelf ook een goede kans te winnen. Ondanks het feit dat ik twaalf dagen niet normaal service-volley heb kunnen spelen door een blessure aan mijn been. Maar service-volley is zeer betrekkelijk op deze baan.

Tegen Chang kun je op die manier niet eens spelen. Die partij werkte ik af met vijf, zes slagen vanaf de baseline voordat ik een keer opkwam. Becker, de service-volleyer bestaat op gravel helemaal niet.''

Becker beschouwde de eerste set tegen Agassi, toen hij op 5-5 een break-point kreeg die hij tot drie keer toe had kunnen maken, als de sleutel van het verlies. “Ik vecht altijd enorme gevechten met hem uit”, aldus de Duitser. “Maar hij is een zeer correcte speler. Ik herinner me een wedstrijd in de Davis Cup toen hij na twee verloren sets, ook in de tie break van de derde set achter stond, maar er kwam geen onvertogen woord over zijn lippen. Hij stapte ook nu niet arrogant van de baan af met een air zoals anderen hebben van: 'ik heb gewonnen.' Maar hij zei heel eerlijk dat het ook andersom had kunnen zijn.”

De onderlinge balans tussen Becker en Agassi is nu 4-3 in het voordeel van de Amerikaan. Becker sloeg 15 aces (Agassi: “hij sloeg er vanaf de deuce-kant een stuk of zes achter elkaar geloof ik”) tegen de Amerikaan zes, maar de hoge ballen, gevolgd door een winnende forehand, op de backhand van Becker brachten de Duitser in de grootste problemen. Agassi besloot de wedstrijd in stijl, met een ace. Becker, de grote favoriet op Wimbledon over veertien dagen, werd daarmee opnieuw van de mogelijkheid beroofd de laatste grote hoofdprijs in het tennis die hem nog ontbreekt aan zijn erelijst toe te voegen.