Wolters Schaberg op zoek naar nieuwe uitdagingen

DE BILT, 7 JUNI. De investeringsmaatschappij van drs J.B Wolters en drs J.R. Rosen Jacobson, Wolters Schaberg, is een vrijwel permanent succes. De twee Groninger studenten hebben hun tien jaar post-doctorale ervaring gebruikt om een imperium op te zetten met meer dan een miljard gulden omzet en een vermogen van meer dan tweehonderd miljoen gulden. Toch knaagt er iets. Het is niet zozeer een strop die in het afgelopen jaar in de textiel is geleden. Het is gemis aan een nieuwe uitdaging. Dat zou de overname en ontwikkeling van een bedrijf met een paar honderd miljoen gulden zijn. “Een conglomeraat of zo, dat vind ik erg aantrekkelijk”, zo overpeinst bestuursvoorzitter Wolters. Alleen dat laatste lukt niet.

Dan maar verder met op de bekende weg, moet Wolters gedacht hebben.

Hij wil op termijn een meerderheid opbouwen in een derde fonds op de Amsterdamse effectenbeurs. Op dit moment heeft Wolters Schaberg de zeggenschap in de beursfondsen Goudsmit (een belang van 51 procent) en Schuttersveld (63 procent). Mogelijk wil Wolters in het nieuwe fonds bedrijven in onderwijs en dienstverlening onderbrengen. Hij wil dit echter niet bevestigen.

Wolters heeft op het oog een eenvoudige strategie. Hij koopt bedrijven die naar zijn idee beter kunnen renderen. “Dat betekent niet dat het noodlijdende bedrijven behoeven te zijn. Zeker tegenwoordig hebben we daar de tijd niet voor. Het zijn vaak heel degelijke bedrijven, waar niet alle mogelijkheden zijn benut. Een voorbeeld vind ik Overtoom dat wij overigens niet over hebben genomen maar Borsumij Wehry. Overtoom was een goed bedrijf, maar met het vier keer per jaar drukken van een folder in plaats van een keer per jaar is de winst al aardig omhoog gegaan.”

Wolters en Rosen Jacobson willen geen bedrijven overnemen met produkten die ze zelf niet begrijpen. De bio-technologie en de high-tech zijn aan Wolters Schaberg niet besteed.

Wanneer een bedrijf is overgenomen en het gedijt goed, verkoopt Wolters het door aan een van zijn beursfondsen. Is het bedrijf actief in detailhandel dan koopt Goudsmit en anders staat Schuttersveld klaar. Wolters verdient doorgaans op deze transactie. Dat kan overigens billijk zijn. Wolters Schaberg moet de bedrijven de eerste, meest risicovolle fase doorslepen. Dat het wel eens misgaat toont Wolters aan met de cijfers over 1990. Door een faillissement in de groep textiel is er over enkele jaren een verlies van 25 miljoen gulden geleden. In het afgelopen jaar daalde de winst van Wolters Schaberg hierdoor met 12 miljoen gulden tot 33 miljoen.

Blijft echter een feit dat de belangen van de externe aandeelhouders van de beursfondsen niet duidelijk geregeld zijn. Of het nu gaat om John Fentener van Vlissingen bij Noro, Joep van den Nieuwenhuyzen bij Begemann, Jan Kuijten bij HCS of Wolters bij Goudsmit-Schuttersveld, zij zijn allemaal op een gegeven moment zowel de beslissers over de aankoop als over de verkoop, met alle onduidelijkheden van dien voor de prijsvorming. Het doorschuiven van een bedrijf naar een concern met meerdere aandeelhouders kan lucratief zijn bij bijvoorbeeld miskopen.

Dan geldt immers: gedeelde smart is halve smart. Kuijten, Van den Nieuwenhuyzen en Wolters kunnen aanvoeren dat zij werken met publieke fondsen, die sterk in de belangstelling staan en bovendien externe commissarissen hebben. Beide aspecten vormen geen garantie, maar wel een beveiliging. Voor alle gevallen geldt dat medelijden met de externe aandeelhouders onzinnig is. Ze weten immers wanneer ze in deze fondsen stappen dat die kans zich kan voordoen.

De vraag is waarom Wolters nog een derde fonds op de beurs wil hebben.In principe is het mogelijk om alle andere bedrijven van Wolters Schaberg met behulp van emissies aan Goudsmit of Schuttersveld te koppelen.

Wolters: “Wij denken aan een derde beursfonds omdat wij steeds meerandersoortige bedrijven in de groep krijgen. Ik wil een heldere structuur hebben, waarbij het management zich kan richten op dat segment waar het verstand van heeft.”

Wolters wil niet zeggen welke bedrijven hij op het oog heeft om onder te brengen in een derde beursfonds. Voor de hand ligt een concern in dienstverlening. Wolters Schaberg heeft in deze richting geacquireerd met overnames van InterCollege, de Academie voor Secretaressen en Receptionisten, de Top Groep en nog een belang in Polec. Het bedrijf had al eerder het Luzac-college ingelijfd.

Een andere reden die Wolters niet noemt is dat Wolters wel moet doorschuiven, anders wordt het beslag op de middelen van Wolters Schaberg te groot en kan het bedrijf niet verder op overnamepad.

Wolters noemt zelf nog een ander argument:“Ik vind beursfondsen erg leuk. Voor managers is het aantrekkelijk om bij een beursonderneming te werken en ik vind het ook belangrijk dat zij een paar keer per jaar met de billen bloot moeten.”