Ik word heus niet dagelijks uitgehuwelijkt

AMSTERDAM, 7 JUNI. “Ah gossie, die arme schapen worden allemaal uitgehuwelijkt aan ouwe kerels boven de zeventig en ze kunnen zich niet eens verweren”. Jamila Elmaroudi (18) schatert om haar eigen uitspraak: “Er wordt zo vreselijk gegeneraliseerd”, zegt ze en schudt haar lange haren.

In het Amsterdams cultureel centrum 'de Balie' werd gistermiddag geconfereerd over de problemen van Marokkaanse meisjes in de Nederland. Aanleiding was het verschijnen van het boekje 'Een hoge prijs', geschreven door I. Holzhuis. In het boek komen vijftien Marokkaanse meisjes aan het woord “die hun weg zoeken in het labyrint van regels en spelregels in twee werelden”, zo stond het op de uitnodiging.

Het forum dat onder de schijnwerpers zat was wit en hooggeleerd. De psychologe R. Kohnstamm en een aantal vrouwelijke ex-politici zoals de voormalige Tweede-Kamerleden H. van Leeuwen en A. van Es, lieten hun licht schijnen over de vraag hoe Marokkaanse meisjes het best kunnen worden gesteund “bij de dilemma's die ze ondervinden bij het leven in twee culturen”.

“In de vijftiger jaren was er bij ons in Nederland ook geen condoomautomaat of sex voor het huwelijk”, meende de oud-burgemeester van Wormer, C.Kerling. Meer voorlichting via video en tv zou het beeld van Marokkaanse ouders over de Nederland moeten veranderen.

Een groepje Marokkaanse meiden op de eerste rij begint op hun stoel te schuiven. Het woord is aan Kohnstamm: “De problemen zitten veel dieper”, meent zij. “Marokkaanse ouders kijken anders tegen hun kinderen aan dan wij. Ze vinden dat kinderen 'lelijke' dingen moeten afleren en goede moeten aanleren. Zo vinden ze knutselen op school 'prutsen', terwijl wij hier alles prachtig vinden wat een kind in elkaar zet.”

Van Es en Konstamm pleiten voor meer bemoeienis van de overheid. “Maar het zal nog generaties duren voordat er iets verandert”, menen de dames. Van school afmoeten, niet naar zwemles mogen, een hoofddoek dragen, uitgehuwelijkt worden en niet met jongens mogen praten. Dat zijn zo een paar van de cultuurverschillen. “Dus u zegt: Laat maar gaan?”, vraagt een meisje uit de zaal. “Ja”, zegt Kohnstamm. “Niet met jongens praten is misschien ongezellig, maar niet fundamenteel.”

De overheid zou zich moeten beperken tot drie fundamentele zaken: het garanderen van recht op onderwijs, de vrije keuze van de huwelijkspartner en het leren van de Nederlandse taal.

In de pauze zit een kwetterend groepje Marokkaanse meiden om de tafel in de hal. Ze prikken in de stukjes kip van de hap die de Balie de gasten aanbiedt. In zuiver Rotterdams gaat het over tafel: “Dat er geen eens een Marokkaanse in het forum zit, nou jaaa, dat vind ik maf hoor”. Rashima (16) is het er volledig mee eens. Ze drukt haar bril stevig op haar neus en strijkt haar spijkerbroek glad: “Ze hebben het alleen over de negatieve dingen. Er zijn tussen ons ook verschillen.

Ze doen net alsof we allemaal de hele dag worden uitgehuwelijkt. Mijn ouders vinden dat ik zelf moet kiezen met wie ik later trouw.'' De anderen knikken instemmend.

De meiden vertellen over de dagelijkse onderhandelingen die ze met hun ouders voeren. “Ik kan niet zeggen dat ik totaal vrijgelaten word”, zegt Jamila. “Maar als ik dan over de markt loop dan denk ik: ik mag blij zijn met wat ik heb.” Meisjes die achter hun vader aanlopen met een hoofddoek op en een volle boodschappentas. Nee, daar doen deze meiden niet aan. “Praten, praten, en nog eens praten. Zo krijgen we wel wat voor elkaar”, zegt Jamila. “Je moet steeds proberen om de grenzen van je ouders te verleggen”. Haar ouders komen uit de stad Habbat en niet van het platteland. Dat is een voordeel. Maar haar ouders spreken geen Nederlands “in elk geval niet dat je zegt: wat een talenfreaks”. Maar het grootste probleem is niet Nederland: “Het punt is dat de meeste van onze ouders nog een beeld van Marokko hebben van twintig jaar terug. Ook daar zijn dingen veranderd. Maar de mentaliteit van de Marokkanen die hier zitten is in de tijd blijven stilstaan”.

De meiden vertellen over hun gevecht tussen de twee culturen. Het beeld dat ze schetsen ligt genuanceerder dan het zielige opgesloten meisje in huis. “Mijn moeder verdedigt me als het gaat om school en dat ik door wil leren”, vertelt Fatima (19). Ze wil de gezondheidszorg in en Jamila de journalistiek. Ze mogen ook naar conferenties als deze, en als ze vanavond laat thuiskomen is dat absoluut geen probleem. “Het gaat erom dat je ouders je vertrouwen.

Dat vertrouwen is heel belangrijk”, zegt Rashima. Maar naar de disco gaan of met vriendinnen uit, dat zouden ze niet proberen. Waar ligt het verschil? Rashima denkt na. “Ik zou niet naar de disco wllen”, onderbreekt Fatima. Grote roze oorbellen dansen in haar nek. Al die harde muziek en dat licht. Nee hoor, dat is niks voor haar.

We praten over de toekomst en over de liefde. “Uiteindelijk gaat het de ouders om de maagdelijkheid”, zegt Rashima. “De trots van de familie gaat boven alles. En die trots staat of valt met dat ene vliesje. Het is toch niet te geloven ook.” Later wil ze zeker gaan werken. En trouwen? “Ach, alleen blijven is ook zo saai.” Maar gemakkelijk zal het niet worden. Als je zo om je heen kijkt, dan is het aanbod van leuke Marokkaanse jongens ongeveer nul komma nul. “Of ze hebben gewoon geen IQ”, lacht Jamila “of een Nederlandse vriendin.” En uiteindelijk willen ze allemaal kinderen en een vrouw die thuiszit en dommer is dan zij. Waarom worden ze niet verliefd op Nederlandse jongens? Rashima bloost en begint te lachen. “Dat zou best kunnen”, zegt ze verlegen. Maar ermee trouwen zal nooit gebeuren. Niet wegens de godsdienst of zo, maar wegens het simpele feit dat haar ouders nooit een Nederlander als schoonzoon zouden accepteren.

“Weet je waar het tenslotte om gaat?”, vraagt Rashima als de bel klinkt voor de tweede ronde van het debat. “Het gaat niet om uithuwelijking of niet mogen werken. Het gaat erom dat we uiteindelijk een man zullen trouwen die onze vrijheid niet accepteert”.