Gardiner

Gardiner W.A. Mozart. Ideomeneo. Archiv 431674-2 (3 cd's) J. Brahms: Ein deutsches Requiem. Philips 432 140-2 cd)

De la Soul De La Soul; Is Dead Indisc TBCD 3682)

Sjostakowitsj Tatiana Nikolajeva: 24 preludes en fuga's van Sjostakowitsj (Hyperion, 3 cd s, cda 664413).

Golden Earring Golden earring; Bloody Buccaneers (Columbia 468093).

Feinstein Michael Feinstein sings the Burton Lane Songbook, Vol. 1. Elektra Nonesuch 7559-79243-2.

De Engelse dirigent John Eliot Gardiner blijft op interessante wijze een deel van het Nederlandse muziekleven beheersen. In het Holland Festival dirigeert hij vandaag en zondag de op 'authentieke' instrumenten spelende English Baroque Soloists in een semi-scenische uitvoering van Mozarts Die Entfuhrung aus dem Serail. Vorig jaar bracht Gardiner tijdens het Festival op het podium van het Amsterdamse Concertgebouw op dezelfde wijze al opwindende en met veel bijval ontvangen uitvoeringen van Mozarts La Clemenza di Tito en Idomeneo, nu bij de Nederlandse Opera op het programma. De Idomeneo van Gardiner met vrijwel alle muziek die Mozart schreef voor verschillende versies, is inmiddels verkrijgbaar tegen een tijdelijk sterk verlaagde prijs van ongeveer 90 gulden cd, en werd vorig jaar live opgenomen tijdens Londense uitvoeringen. De muzikaal-dramatische kwaliteiten van het orkest, het Monteverdi Choir en uitstekende solisten als Anthony Rolfe Johnson, Anne Sofie von Otter Sylvia McNair, Nigel Robson en Hillevi Martinpelto komen goed tot hun recht. Wat ik thuis luisterend uiteraard toch een beetje mis is dat visueel extra enerverende van de half 'geacteerde' uitvoering, maar daarvan zullen minder bevooroordeelde luisteraars nauwelijks of geen last hebben. Ook La Cleranza, Die Entfuhrung, Cosl, Le Nozze, Don Giovanni en Die Zauberflote in de jaren tot en met 1995 gedirigeerd door Gardiner, zullen op cd verschijnen. Een ander opzienbarend project van Gardiner is de oprichting van het Orchestre Rintvolutionaire et Romantique, waarmee hij als eerste Ein deutsches Requiem van Brahms op cd heeft gezet. Met deze transformatie van de English Baroque Soloists lijkt in de tijd gezien de opmars van de authentieke beweging nu vrijwel aan zijn eind gekomen, tenzij men natuurlijk ooit nog verzint dat dan ook Bruckner, Mahler en de jonge Schonberg op 'authentieke' wijze moeten worden uitgevoerd. Maar gelukkig ligt het bijzondere van Gardiners Brahms niet alleen in de warme en toch heldere, van wazige dikte ontdane instrumentale klank. Deze levendige fraaie opname blinkt ook uit door Gardiners typisch persoonlijke engagement, de variatie in expressie, de uitbundig aangezette maar net niet al te overdreven dynamiek en door de prachtige en exacte zang van opnieuw Monteverdi Choir, bariton Rodney Gilfry en sopraan Charlotte Margiono. Onze landgenote zingt het Ihr habt nun traurigkeit wel heel prachtig, met aardse bewogenheid en hemelse hoogte. W.A. Mozart. Ideomeneo. Archiv 431674-2 (3 cd's) J. Brahms: Ein deutsches Requiem. Philips 432 140-2 ~I cd)

De la Soul

Moderne popsterren hebben moderne problemen. De nieuwe Ip van De La Soul liet twee jaar op zich wachten omdat van 48 samples (digitaal verwerkte 'citaten' uit het het werk van anderen) de rechten moesten worden geregeld. Met De La Soul is dead ontdoet het Newyorkse rap-trio zich van het image van bloemen, ban-de-bomtekens en felle kleuren waarmee ze de debuut-lp presenteerden: het logo is versoberd en op de hoes liggen de madeliefjes op apegapen. Maar het uiterlijk mag dan anders zijn, de muziek is grotendeels hetzelfde. Hun Threefeet high and rising met daarop vriendelijke raps en luchtige melodieen, was twee jaar geleden een verademing in de van macho-gedrag en agressie vergeven rap-cultuur. Bovendien gebruikten ze de sample-machine heel inventief voor het maken van collages, die als geheel een meerwaarde hebben boven de samenstellende delen. Veel van de 27 (!) nummers op Is Dead zijn dergelijke kunststukjes, zoals A Roller skating jam named 'saturdays' met citaten uit Frankie Valli's Grease, gecombineerd met een nummer van Chicago, of Talkin' bout hey love waar Serge Gainsbourg en Stevie Wonder opduiken. Soms slepen de nummers zich voort op de voor De La Soul kenmerkende, ontspannen hip-hopritmes en slome zang. Dan slaat de monotonie toe en ontaarden de collages in gefrobel. Maar hun humor en creativiteit blijven overeind. De La Soul is dead is een degelijke pas op de plaats, hopelijk wordt de opvolger weer echt verrassend. De La Soul; Is Dead Indisc TBCD 3682)

Sjostakowitsj In 1950 werd in Leipzig de tweehonderdste sterfdag van Johann Sebastian Bach groots herdacht. Een van de festiviteiten was een pianoconcours waarbij deelnemers verplicht waren een stuk uit Das wohltemperierte Klavier te spelen. Om de status van het rnncours te verhogen was uitgenodigd als erelid van de jury. Daaraan hebben we een prachtig pianowerk te danken. De Russische componist raakte in Leipzig namelijk gefascineerd door Bachs muziek en ook door het spel van pianiste , die de eerste prijs won. In de Sovjet-Unie heerste voor kunstenaars toen een kil klimaat. Stalins repressie was ongekend groot en Sjostakowitsj waagde zich nauwelijks aan serieuze orkestwerken. Hij hield zich staande met filmmuziek en lofzangen op het socialistisch realisme. Das wohltemperierte Klavier en de interpretatie ervan door Nikolajeva deden Sjostakowitsj echter besluiten, zelf een serie van 24 preludes en Suga's te schrijven die net als het voorbeeld van Bach, ook na vele keren luisteren nieuwe muzikale geheimen blijft onthullen. Sjostakowitsj schreef zijn cyclus voor Nikolajeva. Recensenten reageerden na de premiere in 1952 voorzichtig. Ze bespeurden vermoedelijk enige satire (bij voorbeeld in nr. 15) en somberheid (nr. 4) en waren bang muziek te prijzen die wel eens als 'formalistisch' veroordeeld zou kunnen worden. Het platenlabel Hyperion maakte onlangs een mooie, heldere en directe opname van dit werk met aan de piano Tatiana Nikolajeva, die de cyclus inmiddels honderden keren heeft gespeeld (dit seizoen onder meer in de IJsbreker en Muziekcentrum Vredenburg). Tatiana Nikolajeva: 24 preludes en fuga's van Sjostakowitsj (Hyperion, 3 cd s, cda 664413).

Golden Earring

Ze overleefden de Fatal Flowers maken betere platen dan Claw Boys Claw en mogen met recht de belangrijkste rockband van Nederland worden genoemd. Zeventien jaar na het Amerikaanse succes van Radar love is Golden Earring nog altijd niet uitgerangeerd. Het nieuwe Bloody buccaneers behoort zelfs tot de artistieke hoogtepunten in het bijna dertiglarig bestaan, waarin 'De Earrings' zich ontwikkelden van beatband, psychedelische rockgroep en hardrockpioniers tot alom gerespecteerde instrumentalisten en evenwichtige songschrivers. Producer John Sonneveld gaf het kwartet een hechter, minder gekunsteld geluid dan op voorgaande platen, met nadruk op het inventieve gitaarspel van George Kooymans en fraaie samenzang in de ouderwets pakkende rock & rollsongs. Als gewoonlijk geeft zanger Barry Hay zijn macho-bravoure de vrije loop, maar in de op de rand van kitsch balancerende ballade Going to the run, opgedragen aan een overleden vriend, toont hij zich van zijn meest emotionele kant, net als Kooymans in het melodramatische slotnummer Pouring my heart out again. Oude rockers vergaan niet, ze worden hoogstens wat sentimenteler.

Golden Earring, Bloody Buccaneers (Columbia 468093).

Feinstein

Hoewel hij de muziek schreef voor succesmusicals als Babes on Broadway en Finian's rainbow is Burton Lane heel wat minder beroemd dan de door hem bewonderde Irving Berlin en George Gershwin. Misschien komt het doordat hij niet met een vaste tekstschrijver werkte en daardoor een veel minder herkenbare signatuur onder zijn werk kon zetten. Dat hij niettemin heel wat moois op zijn naam heeft staan, blijkt uit The Burton Lane Songbook vol. 1, de eerste uit een nieuwe Songbook-reeks die vocalist Michael Feinstein wil maken met diverse Broadway- en Hollywood-componisten. De grote attractie is, dat hij steeds door de componist zelf zal worden begeleid. Feinstein is gespecialiseerd in musicalrepertoire en slaagt erin aan ieder nummer de juiste, theatrale lading te geven. Hij zingt een gesyncopeerde versie van het meestal nogal zoetig gezongen How about you?, laat al zijn geestdrift doorklinken in het geestige When l'm not near the girl I love I love the girl l'm near) en maakt van Applause, Applause!, samen met de meezingende Lane, een aanstekelijke comedy routine. Door zijn superbe voordracht is de plaat tegelijk een ode aan het meesterschap van auteurs als Ira Gershwin, Frank Loesser, Alan Jay Lerner en Yip Harburg, die bij de vloeiende melodieen van Burton Lane de wendbare teksten schreven. De oudste song dateert van 1938, de nieuwste van 1990. De componist begeleidt ze met hoorbaar enthouslasme, maar zonder opsmuk en dienstbaar aan de vocalist.

Michael Feinstein sings the Burton Lane Songbook, Vol. 1. Elektra Nonesuch 7559-79243-2.