Vliegend langs een levende muur van wriemelende vleermuisbaby's

Expositie: Vleermuizen in Fort Asperen, 2 juni t-m 8 september, di t-m zo van 10.00 tot 18.00 uur. Toegang (f) 6,50 inclusief handleiding (kinderen (f) 4,50, gezin (f) 15,-). Boek: 'Vleermuizen', dr. A.M. Voute en dr. C. Smeenk, met bijdragen van drs. K. Broos, P.H.C. Lina en prof.dr. A. Punt. Uitgeverij Waanders, Zwolle, 1991. 160 pag, 53 kleur- en 66 zwart-wit-illustraties, prijs (f) 35,-. ISBN 90-6630-268-2.

Tot de dichtstbevolkte vleermuiskolonies in de wereld behoren de grotten bij Austin, Texas. Volgens biologen zitten hier zo'n 20 tot 40 miljoen dieren. 's Avonds in de schemering verlaten ze hun grot door een gat in de aarde, bij drommen tegelijk, in dichte zwarte slierten alsof de boel binnen in brand staat. Het zijn er zoveel dat het wel een paar uur duurt tot ze allemaal buiten zijn. Nu en dan wordt er eentje tussenuitgeplukt door de roofvogels die zwijgend boven hun hoofden in de lucht hangen en op hun beurt zullen de vleermuizen deze nacht in de omgeving zo'n 150.000 kilo insekten verorberen. Als er jongen zijn, keren de vrouwtjes zo'n twee- tot driemaal per etmaal terug om ze te zogen. Op raadselachtige wijze zien ze kans om in de driehonderd meter lange grot, langs een levende muur van wriemelende baby's, precies hun eigen kleintje terug te vinden in het aardedonker. Dramatisch zijn de eerste vliegpogingen van de jongen. Het moet in een keer goed gaan. Een onbeholpen manoeuvre of een botsing met een lotgenoot in de dichtbevolkte kolonie eindigt op de vloer. Die krioelt van de kevers in een dikke laag vleermuismest, zij laten van zo'n zacht donzig vleermuisjong dat onverwacht in hun midden ploft, binnen enkele minuten alleen nog maar een bleek skeletje over. Dat is een van de akeligste scenes uit de film The secret life of bats, die afgelopen zaterdag in Asperen in premiere ging. Een Engelse cameraploeg volgde dr. Merlin Tuttle, de befaamde vleermuisspecialist van Bat Conservation International uit Texas op zijn reizen. Wereldwijd leven er nog een kleine duizend soorten vleermuizen in grotten, in het tropisch regenwoud en zomaar middenin de stad. Het aantal soorten wordt alleen door de knaagdieren overtroffen. De film brengt hun weinig bekende nachtelijke levenswijze in beeld, hun jacht op voedsel - sommige grote tropische soorten blijken zelfs behendig vissen uit het water te scheppen - de kraamkamers, de winterslaap en het systeem van echolokatie dat mensen nooit hebben kunnen overtreffen. Vrijwel overal worden de vleermuizen tegenwoordig door de mens belaagd. Hun wouden worden omgehakt, de diertjes worden in dunne netten gevangen en als hartige hap geserveerd en vaak ook worden hun slaapplaatsen gewoon uit onwetendheid door mensen verstoord.

Dat is jammer en ook wel wat zorgelijk. Vleermuizen blijken een grote en tot nu toe nogal onderbelicht gebleven rol in de natuur te spelen. Ze vervullen een pioniersrol bij het herstel van het tropisch regenwoud. Als ergens een stuk bos gekapt is, zijn het de vleermuizen die voor de terugkeer van de eerste zaden zorgen. Pas als die planten na een jaar of twee, drie zijn aangeslagen, keren ook vogels terug die andere plantezaden meebrengen. Papaya Ook in de woestijn zorgen vleermuizen voor de verspreiding van plantezaden en voor de bestuiving van vele bloemen. Waar de vleermuizen verdwijnen, rukt de woestijn op. Bovendien bestuiven vleermuizen diverse commercieel belangrijke tropische vruchten zoals de mango, de papaya en de onwelriekende doerian. Vleermuizen, zo houdt de film de kijkers voor, zijn geen enge griezels, maar aardige en vooral ook nuttige beesten die onze bescherming verdienen, want levend zijn ze veel meer waard dan dood. Dat is ook de boodschap die de organisatoren van de zomermanifestatie 'Vleermuizen in Fort Asperen' voor hun publiek in petto hebben. De schimmige, klamme gewelven van het fort waar de trap onheilspellend kraakt en de condens van de muren druipt, zijn opengesteld voor bezoekers.

Overal zijn vleermuizen te bewonderen op dia's, lichtbakken en monitors met korte filmpjes. Sonarpulsjes zijn, 60 maal vertraagd, hoorbaar gemaakt voor mensenoren en er staat een karretje met tropisch fruit dat straks, eenmaal rijp, behoorlijk moet gaan stinken. Er staan ook vleermuizen op sterk water. Reeksen oude glazen potten met vergeelde etiketten, gevuld met weke bleekroze lijfjes en vale vlerken - je krijgt er de riebels van, vooral in deze omgeving. Los daarvan is een bezoek aan Fort Asperen alleen al vanwege de idyllische lokatie de moeite waard. Het fort ligt aan de Lingedijk, op zeven kilometer van Leerdam in de Betuwe. Het is een torenfort, een ronde toren van drie verdiepingen, waarvan alleen de bovenste boven de dijk uitsteekt. Dit fort werd omstreeks 1845 gebouwd als onderdeel van de Hollandse Waterlinie die zich uitstrekte van de Zuiderzee tot aan het Hollands Diep. Het idee was om het Hollandse polderland zonodig 'plas en dras' te zetten om oprukkende legers de pas af te snijden. In de Tweede Wereldoorlog bleek deze vorm van verdediging achterhaald. De Duitse Luftwaffe vloog er ongehinderd overheen en dropte parachutisten ver achter de Waterlinie.

In 1959 droeg het ministerie van Defensie Fort Asperen met de omringende gronden, die jarenlang verboden terrein waren en rijk aan ongerepte natuur, over aan Staatsbosbeheer. 's Winters herbergt het fort nu een kolonie van zo'n zestig vleermuizen, de Grootoor-, de Water- en de Dwergvleermuis. Achter een dikke laag steen en klei vinden zij de perfecte winterslaapomstandigheden: een koele, constante temperatuur, een zeer hoge luchtvochtigheid, duisternis en vooral ook rust. Een vleermuis die onnodig in zijn winterslaap gestoord wordt verspeelt zoveel vetreserves dat hij kans loopt de lente niet te halen. Pas na 15 mei, als de diertjes vertrokken zijn, zijn bezoekers welkom. Dit jaar staan de vleermuizen centraal in de jaarlijks terugkerende culturele zomermanifestaties rond het fort. KIJKSCHUUR Naast de expositie en de film, die viermaal per dag wordt vertoond, maar helaas nog geen Nederlandse ondertiteling bezit, is er in de naburige Kijkschuur een tentoonstelling van oude wetenschappelijke afbeeldingen van vleermuizen. Veel materiaal is ontleend aan de collecties van het Nationaal

Natuurhistorisch Museum in Leiden en nu voor het eerst te bezichtigen. Al snel na de oprichting van het Leidse museum in 1820 werd een grote zoologische expeditie gehouden naar het toenmalige Nederlands-Indie. Dit leverde een schat aan materiaal op, waaronder veel nooit eerder beschreven soorten. De meeste veldbiologen en tekenaars zouden nooit terugkeren, ze stierven binnen enkele jaren aan malaria en andere tropenziekten. De oudst bewaarde vleermuistekeningen dateren uit de zestiende eeuw en zijn in onze ogen tamelijk onbeholpen, met weinig gevoel voor verhoudingen. Volgens dr. C. Smeenk, conservator zoogdieren van het Leidse museum, steunden de toenmalige kamergeleerden vooral op klassieke beschrijvingen zoals van Aristoteles en Plinius. Eigen onderzoek was nog niet in zwang. Pas in de negentiende eeuw kwamen goed geprepareerde vleermuizen voor de tekenaars beschikbaar en nog later werd er ook naar de natuur getekend. Toen in het begin van de negentiende eeuw gravures en etsen plaatsmaakten voor lithografie konden de afbeeldingen veel levendiger en meer gedetailleerd worden weergegeven. Pas in de twintigste eeuw zien we de vleermuis ook in minder gekunstelde houdingen en in zijn eigen omgeving afgebeeld. Veel van dit alles is terug te vinden in een boek dat speciaal voor de manifestatie is uitgebracht. Het heet eenvoudig 'Vleermuizen' en is het eerste Nederlandse standaardwerk op dit gebied. De Leidse conservator Smeenk ontrafelt het mysterie van de oorsprong van deze vreemde vliegende zoogdieren en behandelt hun verspreiding in de wereld. De Utrechtse vleermuisbioloog dr. A. Voute neemt biologie en levenswijze van de dieren voor zijn rekening. Andere hoofdstukken zijn gewijd aan de vleermuis in kunst, cultuur en wetenschap en aan de noodzaak tot bescherming van de diertjes. Vooral mensen die zich op de expositie in het fort misschien hebben verwonderd over het gebrek aan tekst en uitleg bij al dat prachtige beeldmateriaal zullen dit boek verslinden. Het slaat de juiste toon aan, niet te saai en niet te simpel, met veel leuke kleine anecdotes, handige tekstverwijzingen in de kantlijn en ronduit schitterende illustraties. Dit boek straalt van kaft tot kaft een grote liefde voor vleermuizen uit.