Atavistische reflex

WAT MOET NEDERLAND nu werkelijk aan met Suriname? Het pleidooi van de fractieleider van de VVD, Bolkestein, als reactie op de Kerstcoup van vorig jaar, voor intensievere bemoeienis van Nederland met het voormalige rijksdeel is een eigen leven gaan leiden.

Na de flirt van diverse politieke woordvoerders met een niet erg heldere Gemenebestconstructie komt het kabinet thans in een notitie op verzoek van de VVD met termen als “intensieve associatie” en “nauw bondgenootschap tussen twee soevereine staten”. Veel meer dan een net woord voor curatele is het niet getuige de omvang van het voorgestelde pakket, zeker nu “er geen sprake van kan zijn” dat daaruit een keuze wordt gemaakt. Het is alles of niets. Monetaire en economische sanering gaat hand in hand met een Nederlandse “inbreng” in het bestuursapparaat plus “gezamelijke verantwoordelijkheid” voor de defensie. Of dit laatste een Nederlandse militaire aanwezigheid meebrengt wordt wijselijk in het midden gelaten, maar in elk geval impliceert het “inhoudelijke afstemming van de buitenlandse politiek”. Dat laatste klinkt logisch, maar illustreert tegelijk hoezeer het zo losjes opgeworpen associatieperspectief dreigt uit te pakken als een cul de sac. Wanneer Suriname ooit op eigen benen wil staan, is een eigen plaats in de Latijns-Amerikaanse regio een eerste vereiste. Het is hoogst onaannemelijk dat deze valt te verwerven via de 'apenrots' van het Haagse departement van buitenlandse zaken. Suriname zelf gedraagt zichzelf tot dusver als een koekoeksjong in haar regio. Nederland dient zich er dan ook juist voor in te spannen dat de geboden reconstructie van het land wordt geplaatst in een multilateraal verband. Onze bilaterale betrekking is trouwens zwaar beladen, zo blijkt wel uit de atavistische reflex om verantwoordelijkheden over te nemen in plaats van voorwaarden te scheppen. De belangrijkste vraag wordt in de notitie trouwens bekwaam gepasseerd: hoe krijgen we het Surinaamse leger daadwerkelijk terug in de kazerne? Want dat lijkt toch wel het eerste vereiste voor het verdrag dat het kabinet met reden als conditio sine qua non voor nieuwe verhoudingen stelt. De verkiezingsuitslag biedt hoop. De oude partijen van het Front hebben een duidelijke waarschuwing gehad en de nieuwe partij DA91 is er om de oude politici bij de les te houden. Beter dan zich te verliezen in dromen hoe Nederland Suriname wel eens zal redden past bezinning op een concrete strategie om te helpen voorkomen dat de tweede democratische uitspraak binnen vijf jaar tussen de vingers doorglipt.