VNO wijst matiging loon tegen lagere belasting af

DEN HAAG, 5 JUNI. Het VNO is tegen het plan van minister De Vries (Sociale Zaken) om in ruil voor loonmatiging de loonbelasting voor de lagere inkomens te verlagen. “Want de rekening wordt gepresenteerd aan de hogere inkomens en de bedrijven,” zei voorzitter A. Rinnooy Kan gisteren op zijn eerste persconferentie. Het VNO weigert voor september elk formeel overleg met het kabinet.

Rinnooy Kan noemde de loonstijging die dit jaar wordt gerealiseerd “niet onbeheerst”. Hij schat die stijging op basis van 45 cao's voor 1,8 miljoen werknemers op 3,32 procent. Weliswaar stijgen de lonen structureel met 3,71 procent, maar door het wegvallen van eenmalige uitkeringen - die in 1990 wel werden uitbetaald - blijft echte loonstijging beperkt.

De loonkostenstijging valt echter veel hoger uit: 5,55 procent tegen 4,8 procent in 1990. Volgens de VNO-voorzitter komt dat door “dure arrangementen” voor arbeidsduurverkorting in de bouw, de metaal en bij Hoogovens. Bovendien steeg de Ziektewetpremie met een vol procentpunt tot 7,15 procent.

Omdat de produktiviteitsstijging iets lager uitvalt dan voorzien, en omdat de loonsomstijging per werknemer toch iets hoger is dan was gehoopt, zal de concurrentiepositie van het Nederlandse bedrijfsleven dit jaar opnieuw verslechteren, aldus de VNO-voorzitter. De loonkosten per eenheid produkt zouden hier met 0,75 procent sneller toenemen dan in het relevante buitenland.