Rustige herdenking vierde juni in Volksrepubliek China

PEKING, 4 JUNI. De tweede verjaardag van de bloedige onderdrukking van de Chinese studentenrebellie is vannacht zonder enig noemenswaardig incident verlopen. Wegens scherpe veiligheidsmaatregelen, slimme intimidatie, maar zeker ook door apathie onder de studenten kwam het gisteravond laat alleen tot het gooien van flessen op Beida, de leide universiteit van Peking. Het gooien van flessen is een gebaar van afkeuring voor sterke man in ruste Deng Xiaoping, wiens voornamen in het Chinees klinken als 'kleine fles'.

Het flessen-smijten gebeurde echter ditmaal in een wat carnavaleske sfeer die mede werd gecreeerd door de samenscholing van buitenlandse studenten binnen de universiteitscampus en een grote groep buitenlandse journalisten aan de andere kant van de campusmuur. Pas toen de politie tegen middernacht deitenlandse journalisten op een rumoerige, maar geweldloze manier van de openbare weg langs de universiteit probeerde te verjagen, volgde er gezang en gejoel van de buitenlandse en Chinese studenten. Temidden daarvan regende het even flessen. Het persbureau Nieuw China berichtte vanmorgen dat enige buitenlanders de schoolregels hadden genegeerd en de campus waren binnendrongen en dat anderen zich hadden verzameld aan de poort “om problemen te maken”. Een buitenlander zou zelfsn portier geslagen hebben. Chinese waarnemers verschillen van mening over de redenen waarom de studenten niet sterker in beroering zijn gekomen. Vorig jaar was er een veel grootschaliger demonstratie van het gooien van flessen en projectielen en een student, Li Minqi, hield toen een politieke toespraak. Van Li is sindsdien niets meer vernomen. Een Chinese academicus zei dat er vorige week een document heeft gecirculeerd dat 'meedogenloze ppen' belooft aan diegenen die het initiatief zouden nemen en dat zelfs samenscholingen als actieve medeplichtigheid zou worden gezien. Begin gisteravond verzamelde zich op het gazon voor de universiteitsbibliotheek een grote groep mensen, maar om kwart voor elf richtte een filmploeg, kennelijk van de veiligheidsdienst, felle lichten op de menigte, waarna iedereen snel vertrok. Een andere universitaire bron meende dat de overgrote meerderheid van de studenten apathisch is. De jongerejaars hebbenen boodschap meer aan juni 1989 en de ouderejaars zijn bang dat zij geen banen krijgen of willen naar het buitenland. Op Beida is een Westerse post-doctoraal student door de universitaire autoriteiten als zondebok voor de opwinding aangewezen. Hij werd verantwoordelijk gesteld voor het rumoerige gedrag van de jongere buitenlandse studenten omdat hij dat door zijn aanwezigheid, leeftijd en hogere status sanctioneerde. Een functionaris vertelde hem dat hij een “onwaar(Jige ambassadeur” van zijn universiteit was en dreigde dat het academisch uitwisselingsprogramma zou worden verbroken. De geschrokken man heeft zich in het stof geworpen en onmiddellijk in Chinese stijl een ootmoedige zelfkritiek geschreven.