Kloeke anthologie Conjunctions 15. 420 blz. $ 10. ...

Kloeke anthologie Conjunctions 15. 420 blz. $ 10. Random House Inc. : Dorrestein in een harem Optima nr. 29, uitg. Contact, 85 blz. (f) 12,50. Fens en de vrouwen De Brakke Hond 30. 166 blz. 13,- Giro 4716354 tnv K. Osstyn.

Kloeke anthologie “In dit literaire tijdperk maken we hoofdzakelijk loshangende boeken, alsof al onze schrijvers in een vliegtuig op economy-plaatsen zitten, met serveerblaadjes over hun schoten, gezichten van elkaar afgewend, hevig masturberend.” De dichter met de mooie naam William T. Vollmann probeert in (erican Writing Today: A Diagnosis of the Disease' uit te leggen wat er zijns inziens niet deugt aan de hedendaagse Amerikaanse literatuur: dat wat er mis is met de hele maatschappij, verafgoding van het ik. Een kloek bewijs van het tegendeel is het halfjaarlijkse tijdschrift waarin zijn klacht verscheen.

Conjunctions, waarin 10 prozasten en 33 dichters laten zien dat ze wel verder kijken eigen neus, schoot en ziel. De 33 dichters hebben gemeen dat ze, zoals Conjunctions graag ziet, nieuwe vormen zoeken. Voor het overige lijkt deze mini-anthologie van moderne Amerikaanse poezie nogal willekeurig, meer wordt ook niet gepretendeerd - een uitputtend overzicht, ga er daar maar eens aan staan. Conjunctions geeft een omvangrijke presentatie (250 blz.) van wat er hier en daar in de VS op poeziegebied gedaan wordt, en het gaat niet om de meest toegankelijke gedichten. Opmerkelijk is de postmoderne citeerlust, het gebruik dat vele geren maken van voorgangers uit alle landen en periodes. Soms lijken hun gedichten wel ezeltjes die de last van eeuwen torsen.

Conjunctions 15. 420 blz. $ 10. Random House Inc. Dorrestein in een harem In 1987 hadden we de erotiek-special van Maatstaf, in 1989 het Sex & Literatuur-nummer van Adem, en nu, weer twee jaar later, ligt er een aflevering 'Seks!' van Optima. Maatstaf wint het nog steeds in aantallen illustraties en pagina's 66), en was, afgezien van de plaatjes en enkele gedichten, primair gericht op het verhelderen van de literatuurgeschiedenis op dit gebied: Pierre Louys, Bataille, Rachilde en H.H. Jahnn. Optima heeft juist geprobeerd hedendaagse erotische poezie en prozateksten samen te brengen. Opvallend afwezig zijn A.F.Th.

van der Heijden, Joost Zwagerman en Ton Anbeek. Carel Peeters opent met Seneca. “Waarom zijn er drie Gratien, waarom zijn ze zusjes, waarom houden ze elkaars handen vast, waarom lachen ze, waarom zijn ze zo jong en gehuld in loshJH)gende, doorschijnende gewaden?” Peeters onderzoekt de symboliek van de Gratien en bespreekt enkele van de vele artistieke afbeeldingen die in de loop van de eeuwen van de drie vrouwen met hun 'sofistische elasticiteit' zijn gemaakt. Jan Kostwinder schreef in Adem ('Sex & Literatuur') uiterst merkwaardige dingen: “Kousbroek heeft geen benul van de erotische aspecten van kleren en geuren”, “Erotiek is voorbehouden aan mensen die gewend zijn aan een ze welstand en erotiek is dan ook precies het verschil tussen de eerste en de tweede generatie Turken in bijvoorbeeld Nederland”, en over Renate Dorrestein: “Arme Renate, ze kan met haar door en door calvinistische pruderie nog niet eens lid worden van de zwarte-kousenkerk.” Nu staat prude Renate met een erotisch verhaal in Optima: “Heilige banaan! Ik was in een harem beland!” 't Is weer meer consumeren dan consummeren, Dostein prikkelt alleen de lachspieren. “Voort zwoegden wij tussen de etensresten en de glibberige borden en schalen. - misschien lag het uiteindelijk wel aan het feit dat ik gaandeweg geheel in olie, feta, graankorrels en uienringen gemarineerd raakte, dat Nobel Ayad de smaak ineens zo te pakken had dat hij alle conjugaties van het werkwoord to eat in een toch nog verrassend hoog tempo onder de knie kreeg.” Willem Melchior overtuigt met een SM-homoverhaal waarin binnen tien bladzijden al bloed vloeit en toch nog volouggestie overblijft. In een brief aan Shirley Holmes bekent Suzanne Holtzer in honende minachting dat ze Vestdijk onder zijn 'ranzige' seksuele interesses 'ernstig' verdenkt van volstrekte onverschilligheid jegens vrouwen. “'t Verschil tussen erotiek en porno is een probleem van woordkeus en heel wat mensen vinden dat verschil verschrikkelijk belangrijk” schrijft Em. Kummer in zijn bijdrage. Kummers eigen woordkeus is uitdrukkelijk platvloers: “Op elk potje past een deksel, jaja, haar potje heeft lang opengestaan, deksels ho maar”; “Zij kent Bach niet, hij haar ook niet, dat treft.” Wim Hottentot schrijft in dit Seks!-nummer over de gevolgen van de Aids-crisis voor homoseks in de literatuur sinds 1983. Vreemd zijn de illustraties in dit nummer over seks: alleen balpennen, van die pseudowulpse met een plaatje van een vrouw er op. Optima nr. 29, uitg.

Contact, 85 blz. (f) 12,50. Fens en de vrouwen Het zomernummer van De Brakke Hond is een vrouwennummer en va het omslag kijkt een in elkaar geslagen vrouwengezicht je met haar ene niet dichtgetimmerde oog aan.

Wat de keuze voor juist deze omslagfoto te betekenen heeft wordt nergens uitgelegd. Het vrouwennummer verscheen bij de uitbreiding van de Anna Bijns Stichting, de bevorderaarsters van 'de vrouwelijke stem in de literatuur', naar het Vlaamse zusterland. Een man (zelfs polemist Bart de Manpent het nummer met een artikel over een man: Kees Fens. Het gaat over het feilen van 'ecrivant' Fens in zijn tien stukjes voor de Volkskrant per maand. De Man is het er niet mee eens dat Fens in 1990 voor zijn 'wekelijkse woordenhoopjes in grijze regelmaat' de P.C.

Hooftprijs ontving. Hij kritiseert Fens' stijl (“erbarmelijk, gruwelijk, stuntelig, krukkig, drabbig, onbeholpen”) en zijn denken (“onzuiver”). Uit de essays van 1964 tot 1980, verzameld in Voetstukken (Querido 1991), blijkt volgens De Man - die een hele lijst cita opsomt met onvermijdelijk komisch effect - dat Fens in zijn essays alleen maar openingszinnen analyseert. “Het hoeft ons nu niet meer te verbazen dat hij nooit aan een omvattende studie toegekomen is.”

Gedienstig aan het thema van dit nummer concludeert De Man ten slotte dat Fens De Vrouw geen blik waardig acht. Van de voorzitter van de Anna Bijns Stichting Vlaanderen, Kristien Hemmerechts, werd een bloedeloos lang verhaal opgenomen, 'Appels en zwam' - “Plof, zei de stop toen ze aan het ket(Jinkje trok en het water kolkte weg door de afvoerbuis.”

Iets pittiger is het fragment 'Kunsthanden' van Rita Demeester, waarin een Belgische vrijwilligster in Nicaragua probeert een objectief beeld van de jonge Sandinistische staat te geven - “Omringd door geloofsgenoten, blakend van eensgezindheid is schrijven onmogelijk.”

Net als de perfectionist die kunsthanden maakt past de schrijvende ik niet in Sandinistisch Nicaragua met zijn “onwrikbare eigenwaan”: “Ze gen de voorkeur aan vijf slordige, min of meer passende handen boven een maathand.” De grootste kracht in dit vrouwennummer vertonen Elly de Waard (“En teder -- door de bloese schijnen - de dunne lijnen, die van de rug -- naar voren gaan, de teugels - die de borsten leiden. -- Van zo nabije ogen - had ik niet terug”), ook rechtbankverslaggeefster Barbara Wenzel, Marijke Howeler, en Lieve de Boeck, die geestige feministische gedichten schrijft. En natuurlijk De Man. De Brakke Hond 30. 166 blz.

13,- Giro 4716354 tnv K. Osstyn.