Wrevelig gepraat van kunstminnende snobs

Voorstelling: De Sonate van Vinteuil van Wiske Sterringa door Theatergroep Bonheur. Regie: Annekee van Blokland; muziek: Willem van Manen; decor: Jose Huibers spel: Bea Meulman, Wiske Sterringa, Francis Wijsmuller, Henk Zwart; pianist: Carl van Reenen, violist: Gregor Overtoom. Gezien: 1-6 Theater Bonheur Rotterdam. Nog te zien aldaar: 4 t-m 8-6; Amsterdam: 11 t-m 15-6.

In A la Recherche du Temps Perdu beschrijft Proust hoe op een van de soirees die Swann bezoekt een muziekstuk wordt uitgevoerd dat een overdonderende indruk op hem maakt. Zijn gemoedsaandoeningen zijn als van iemand die plotseling soorverliefd is geraakt op een toevallige passante. Sinds hij de sonate voor piano en viool van Vinteuil heeft gehoord hunkert hij naar een volgende gelegenheid om de heftige emoties opnieuw te ondergaan. Aanvankelijk associeert hij de muziek met een gefantaseerde vrouw, later kan hij de muziek niet horen zonder aan een bestaande vrouw te denken: de sonate is dan de herkenningsmelodie van hun liefde.

Het leek een aardig idee van Theatergroep Bonheur een toneelstuk te maken op basis van de passages in A la Recherche du Temps Perdu waar het thema van Vinteuil aan de orde komt, maar de tekst van Wiske Sterringa stelt teleur. Het is een krachteloos stuk, stuurloos en warrig door de voortdurende muzikale onderbrekingen. Volgens een toelichting was het uitgangspunt de wisselwerking tussen taal en muziek, maar in feite gaat het meer over de mensen die die wisselwerking tot stand moeten brengen.

Zo zijn we er getuige van hoe enkele snobistische kunstminnaars elkaar op een muzikale soiree aan het begin van deze eeuw in gewichtigheid proberen te overtroeven. Terwijl een pianist en een violist de avond opluisteren met voor deze gelegenheid gecomponeerde muziek van Willem van Manen, converseren drie vrouwen en een man over van alles en nog wat en vooral over kunst. Een van de vrouwen - zij die op Swann is genspireerd - voelt zich zichtbaar superieur aan de anderen als ze bijvoorbeeld zegt: “Het beleven van muzikale motieven is het kennen vanideeTREMA NA AFBREKING ONDERDRUKT en.” Maar meestal houdt ze haar mond en laat haar minachting voor de leeghoofdigheid van de aanwezigen blijken door zich snuivend af te wenden wanneer iemand iets opmerkt.

De gesprekken worden steeds bitser en wreveliger, de toon steeds valser, maar een werkelijke omslag vindt niet plaats. De Sonate van Vinteuil is vanaf het eerste ogenblik een karikatuur zonder nuanceringen, wat door de gemaniereerde poses van de acteurs nog ordt benadrukt. Dat gaat de een beter af dan de ander: vooral de actrice die de vrouw des huizes speelt als een giftig serpent, maakt iets moois van haar rol; de enige mannelijke acteur daarentegen heeft grote moeite met zijn personage en dan blijkt eens temeer dat niet alleen het stuk maar ook de enscenering van Annekee van Blokland zouteloos is en gaat vervelen door de voorspelbaarheid.

De beste momenten zijn die waarop muziek en gezang de boventoon voeren. Dat klnkt goed en heeft meer vaart dan het gepraat.

Uiteindelijk blijven niet de groteske houdingen van de acteurs het langst op het netvlies hangen, maar het beeld waarmee de voorstelling begint en eindigt: een in duisternis gehulde zwarte toneelvloer, aan vier zijden omgeven door glaswerk dat onder het licht van de spotjes schittert als kristal.