Harry Connick blijkt entertainer pur sang

Concert: Harry Connick jr. Gehoord: 31-5 Muziektheater, Amsterdam.

Dat hij in Amerika een ster is met een fabelachtige aanhang van jong tot oud, was de hier nog onbekende Harry Connick jr. niet meteen aan te zien. Als hij in zijn eentje aan de piano gaat zitten en Sweet Georgia Brown begint te spelen, maakt hij zelfs nog een ietwat verlegen indruk. Maar als gaandeweg zijn ritme-groep en na twee nummers ook zijn blazers verschijnen, wordt duidelijk dat dat introverte begin een pose was. Hier staat een showman van niveau, die met opperste zelfverzekerdheid grappen poneert, hoogst alert reageert op zijn publiek, koketteert met zijn voorzichtige danspassen, aanstekelijk plezier in de muziek uitstraalt en met zijn virtuoze talent omspringt als een routinier. Ongelooflijk dat hij nog maar 23 is.

Het wonderlijkste van zijn succes is ongetwijfeld zijn repertoire, ver verwijderd van alles wat sinds de opkomst van de rock & roll op de hitparade heeft gestaan. Connick zingt en speelt de songs uit de gloriejaren van het dansorkest met de swingende crooner. Voorbeelden te over: Don't get around much anymore, I could write a book, It had to be you, After you've gone, I love Paris, zelfs Pennies from heaven.

Hij is vaak met een jeugdige Frank Sinatra vergeleken - en inderdaad trilt soms in zijn timbre iets van dat metalige van The Voice door, maar verder geldt de gelijkenis vooral de flair waarmee hij zingt en beweegt. Hij is, ook als vocalist, vooreerst een muzikant: meer genteresseerd in de capriolen die hij met het ritme kan uithalen, dan in de betekenis van de woorden. Expressie en dictie zijn niet zijn sterkste kanten, frasering en timing wel.

Het orkest - vijf saxen, vier trompetten en drie trombones achter HC jr-schildjes plus gitaar, drums en bas - speelt veelkleurige arrangementen van Mark Shaiman, vol stremmingen en onverwachte stroomversnellingen. Ze bieden volop ruimte voor instrumentaal stuntwerk. Aan de piano laat Connick met zijn krachtige aanslag echo's doorklinken van alle beroemde jazz-pianisten. Hij is een duivel aan het klavier en rust niet voordat alle toetsen in razende vaart zijn beroerd. Effectbejag, zou een jazz-purist zeggen, maar Harry Connick is bovenal een entertainer, die een ten dode opgeschreven genre met veel allure nieuw leven heeft gegeven. Ik gaf me graag voor hem gewonnen en ik was, in het volle Muziektheater, niet de enige.