De Man Die Niet Meer In De Rij Wou Staan

Over sprinkhanen wordt altijd heel naar gedaan. Ze zijn een plaag. Ze vreten alles leeg. Alsof niet elk dier vreet wat het kan. Ze moeten verdelgd.

Nooit hoor je vragen: Wat is het nut van de sprinkhaan? Of: Kan een sprinkhaan lief zijn?

Is een sprinkhaan een plaag? Natuurlijk niet. Maar de mens ziet die ene sprinkhaan als de voorbode van de voorhoede van de horde. Die ene sprinkhaan krijgt niet een voor- en achternaam. Hij heet: Locustus virissimus migratorius, en overal worden de voorraden gif, water en vuur tevoorschijn gehaald om de sprinkhaan te vermoorden. Men zal nog liever de akkers verbranden dan ze aan de sprinkhaan te offeren.

Zijn twee sprinkhanen een plaag? Als ze van verschillend geslacht zijn: ja.

Ik ben een sprinkhaan. Ik spring van vrouw naar vrouw en eet alles op wat zij in huis heeft.

Het aantal vrouwen in een stad als Amsterdam, dat bereid is om mij een week in huis te nemen en te voeden is ongeveer honderdduizend. Zelfs al zouden zij het allen houden op een nachtje, dan zou ik nog voor drie eeuwen onderdak hebben.

Zouden dus honderdduizend Russische sprinkhanen van mijn leeftijd een illegaal onderkomen in Amsterdam kunnen vinden? Neen. Want zo een aantal zou voor eenieder ten duidelijkste een Plaag betekenen.

Heel wat Russische meisjes zijn geheel legaal, vol poen, en nog met een gezicht van: “Hij mag blij zijn dat hij mij veroverd heeft” aan een Westerse broekspijp uit Rusland vertrokken. Laatst zag ik er nog een op het terras voor het Hotel American zitten. Ze deed of ze me niet herkende. Terwijl we toch vaak in de Oude Smedenstraat toeristen hebben verschalkt - zij als lokster en ik als ekster.

Ik kijk bij Emilie naar de Nederlandse televisie. Het spel Hints is aan de gang, een charade waarbij een titel moet worden uitgebeeld. De titel is 'Drie Amsterdamse meiden'. Drie en Amsterdamse zijn al geraden. Nu wijst de uitbeelder voor het woord meiden naar de drie meiden die op een bank zitten te raden. Die drie roepen: 'vrouwen!'

Fout. Niet: drie Amsterdamse vrouwen. Dan roepen de drie: 'Hoeren'. Drie Amsterdamse hoeren, ook fout. Eindelijk komen ze op meiden.

Emilie ziet niet waarom ik lach. Dan komt het nieuws, dat heet journaal. De Sovjet-regering heeft beslist dat alle burgers het land mogen verlaten! Ja, en dan zit de regering prinsheerlijk in een leeg land. Maar ze houden met een ding geen rekening: welk land zal die honderden miljoenen Russen binnenlaten?

Voor mij is het bericht alsof men mij met een beitel op het hoofd hakt.

Ik ben illegaal, maar ik maak daar geen geheim van. Geen mens denkt eraan me aan te geven bij de vreemdelingenpolitie. Zelfs vrouwen zoals Emmie, die toch vol zit met gemengde gevoelens, en leeg zit van kast en portemonnee, zal dat nooit doen.

Maar als mijn landgenoten met miljoenen bij de grenzen gaan dringen en met duizenden erdoorheen sijpelen, dan ben ik een sprinkhaan.

Ik moet naar Amerika. Ik moet geld verdienen. Alleen in de handel is geld te verdienen. Ik moet in de handel.

Ik moet weg bij Emilie. Ze is lief. Dat kost me te veel. Emilie heeft geen ambities. Ze leeft van een uitkering. Dat is natuurlijk in de wereldgeschiedenis een wonder, iets dat vroeger alleen prinsessen hadden. Maar het is te weinig voor twee personen. Ik moet rijk worden.

Hoe zou Oko het doen? Oko, mijn Moskouse vriend, wist altijd wat ergens voor minder geld te koop was dan het ergens anders gewenst was.

Zo moet ik het ook doen. Oko verdiende door aan sukkels als ik valse visa en spoorkaartjes te verkopen. Dat ga ik ook doen. Ik ga bij het station staan en vang alle Russen op. Die ga ik, tegen een vergoeding, uitleggen hoe ze zich zonder papieren in leven kunnen houden. Ik geef ze adressen van geschikte vrouwen, ik organiseer baantjes. Elke week loop ik bij mijn klantjes langs om mijn beloning op te halen. Laat de Russen maar komen!

wordt vervolgd